Stemwijzer en eigen kracht

Van de week heb ik voor het eerst een PVV-stemmer gesproken: mijn oude buurmeisje uit Amsterdam Zuid, domineesdochter uit een hecht gezin met vijf kinderen. We zijn elkaar jaren geleden uit het oog verloren. Tijdens het gesprek liet ze zich per ongeluk ontvallen PVV gestemd te hebben. Maar wat ik ook over haar stemgedrag mag denken, één ding moet ik haar wel nageven: toen de winkel waar zij werkte onlangs failliet ging, weigerde zij een uitkering aan te vragen. Als gescheiden vrouw van net veertig jaar, met Hbo-diploma die jaren lang met haar ex-man een eigen bedrijf runde, heeft zij zich direct aangemeld bij de thuiszorg. Zij kon binnen een week aan de slag en inmiddels werkt zij er bijna fulltime. Ik moet zeggen dat ik echt bewondering heb voor die eigen kracht.
Mijn buurmeisje kon altijd met iedereen goed overweg, ongeacht kleur, godsdienst of sociaal-maatschappelijke afkomst; iets wat in Amsterdam Zuid kringen niet altijd even vanzelfsprekend was, zoals ook Robert Vuijsjes “Alleen maar nette mensen” pijnlijk illustreert. En die houding is nu precies die eigen kracht waardoor zij zich niet te goed voelt om op haar 41e op haar knieën de wc’s van oude mensen te boenen. Zou de PVV qua eigen kracht dan toch wat gemeen hebben met D66, zij past immers helemaal niet in het beeld van de PVV stemmer.

Ach, dé Nederlander bestaat niet, maar de hardwerkende Nederlander daarentegen bestaat al heel lang. Deze soundbyte werd nieuw leven ingeblazen door VVD-leider Rutte tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen in 2007. Een slimme zet, omdat hij hiermee als oppositiepartij probeert alle hardwerkende Nederlanders ongeacht hun politieke kleur aan te spreken. Ooit was er het orakel uit Diever dat trachtte de hardwerkende Nederlander tot medestander te maken tegen een kabinet dat wilde investeren in de samenleving; ‘openbare voorzieningen boven particuliere welvaart’ was het adagium van de Amerikaanse econoom Galbraith, die Joop den Uyl inspireerde tot het motto ‘de boel bij elkaar houden’ opnieuw tot leven gewekt door Job Cohen.

Maar wat klopt er van het beeld dat politiek vroeger bestemd was voor oude grijze heren met bolhoeden die elkaar op eloquente wijze trachtten de loef af te steken, terwijl Kamerleden bewindspersonen tegenwoordig zelfs uitmaken voor “knettergek”? Juist in de tijd van Den Uyl, Wiegel en Van Agt was het debat politiek vuurwerk waarin de mensen zich herkenden. In de jaren daarna veranderde de samenleving in rap tempo. Door het polderen verzandde het debat dat steeds politiek correcter, regentesker en technocratischer werd. Mensen voelden zich niet meer vertegenwoordigd, er ontstond een kloof tussen burger en politiek. Het populisme werd node gemist.

Niet alleen de opkomst (en ondergang) van de LPF en de populariteit van Geert Wilders, ook de financiële crisis en de uitputting van de fossiele brandstoffen nopen tot herwaardering van onze leefomgeving, op macro- en microniveau. En zoals zo vaak is een crisis een opmaat tot verandering. De huidige financiële crisis heeft een toenemend aantal werklozen tot gevolg. Interessant is de manier waarop mensen omgaan met onvrijwillige werkloosheid. In de tijden van Joop den Uyl vierde het sociale vangnet, de bijstandsuitkering, hoogtij. Het recht op een uitkering was welhaast verworden tot een van de grondrechten, het zoeken naar werk allerminst verplicht. Vadertje staat zorgde voor je waardoor de bijstandsgerechtigden (uitkeringstrekkers heetten die toen nog gewoon) meer en meer afhankelijk werden.

Waar kinderen in een gezinssituatie opgevoed worden met als doel zich te ontplooien tot zelfstandige individuen, kwamen de uitkeringsafhankelijken van de jaren zeventig juist steeds verder van de samenleving af te staan. Wilde je niet werken want je vond werken niet zo leuk? Geen probleem, er waren immers genoeg hardwerkende Nederlanders die hun geld welhaast vrijwillig afstonden ten behoeve van deze groep. Passende arbeid moest nog uitgevonden worden en re-integratietrajecten? Dat woord had men toen echt nog niet kunnen verzinnen.

Tegenwoordig zit de gemeente als uitvoerende instantie van de Wet werk en bijstand er bovenop: de werkloze is werkzoekende geworden, banenmarkten, participatie en integratienota’s beogen een ieder te betrekken bij de samenleving, niet alleen op werk maar ook op sociaal-maatschappelijk gebied. Door het opleggen van verplichtingen en controle-instrumenten maak je de huidige werkzoekende vaak ook weer als vleugellam kind onder de vleugels van de paternalistische staat.

Toen ik eind augustus bij de boekpresentatie was van Vertrouw op de eigen kracht van mensen, van de permanente campagnecommissie, lanceerde D66 Utrecht een voorstel voor aanpassing van de Wet werk en bijstand als voorbeeld van deze eigen kracht. Door het geven van een stuk vertrouwen en de mogelijkheid tot kiezen, kan je veel meer bereiken dan door het werken met ge- en verboden. Met mijn oude vriendinnetje komt het vast goed, met haar eigen kracht als kompas voor haar stemwijzer.

Tweet This Post

Tags: Add new tag, Amsterdam Zuid, De hardwerkende Nederlander, eigen kracht, Populisme, PVV, Regelzucht, Uitkeringen, Werkloosheid

Nieuws
Reacties op Stem wijzer: discussie over PVV-stemmers

Reacties op Stem wijzer Laurens Jonkhof — Thu, 29 Oct 2009 09:51:21 +0000 Mijn inziens is de PVV aantrekkelijk voor twee stromingen binnen …