Posts Tagged ‘eu’

In de herkansing

Vrijdag, 2 december , 2011

We hebben meer Europa nodig. Daarover lijkt inmiddels zelfs in conservatieve hoek consensus te bestaan. Maar laten we nu vooral ook een ánder Europa bouwen. Het vermolmde intergouvernementele apparaat moet opzij en plaats maken voor een slagvaardig, democratisch, ja federaal Europa. Een politieke unie waar 500 miljoen burgers de koers bepalen, in plaats van 27 regeringsleiders in achterkamertjes.

Angela en Nicolas werken hard aan een nieuw EU-Verdrag, waarmee ze denken dat Europa de toekomst aankan. Verdragswijzigingen waarmee de vrijblijvendheid van het Stabiliteitspact wordt omgezet in afdwingbare afspraken, zijn een belangrijke en noodzakelijke stap vooruit. Maar het is bij lange na niet genoeg.

De Europese Unie moest al jaren geleden ingrijpend worden hervormd. Maar de opeenvolgende pogingen daartoe – in 2000 Nice, in 2005 de Grondwet, in 2009 Lissabon – ademden geen sfeer van visie en vooruitgang, maar juist van gloeiende remmen. Met het enthousiasme van een kalkoen die de kerstdis moet bereiden, werkten de nationale regeringsleiders aan de overdracht van bevoegdheden aan Europa. Niet de vraag was leidend wat Europa nodig heeft om haar taken goed te vervullen, maar de vraag hoe zoveel mogelijk (schijn)macht bij de nationale politici kon blijven. De huidige crisis legt genadeloos bloot dat Europa niet te machtig werd, maar juist zwak en onmachtig op het moment dat het erop aan komt. De mythische superstaat blijkt in werkelijkheid een politieke dwerg.

Het resultaat van 15 jaar blokkeren van Europese integratie: de grootste financieel-economische crisis sinds een eeuw. Een zwak en verlamd Europa op de rand van de afgrond. En de touwtjes uit handen gegeven – niet aan Brussel, maar aan het IMF in Washington. Met dank aan de eurosceptici.

In het belang van de Nederlandse burgers moet premier Rutte de barricaden op voor een krachtige politieke unie. De schuldencrisis is niet het probleem, maar een symptoom. Met uitsluitend technische aanpassingen gericht op meer begrotingsdiscipline bestrijden we wel de symptomen, maar niet de kern van het probleem: de onwerkbaarheid van een supranationaal systeem waarin ieder land zijn eigen veto heeft.

De CDU van Merkel nam vorige maand op haar partijcongres een onomwonden federale visie op Europa aan. Een door de bevolking gekozen president van de Europese Commissie en een parlementair tweekamerstelsel: het Europees Parlement namens de burgers, de Raad namens de lidstaten.

Dat is uitstekend. Maar voor een echte Europese democratie moeten we nog net een stapje verder. Verlammende veto’s moeten worden afgeschaft. De Europese Commissie moet kleiner en bij de Europese verkiezingen rechtstreeks door de burger worden gekozen. Naast de eurocommissaris met de nieuwe portefeuille voor toezicht op de nationale begrotingen, moet de eurocommissaris voor Buitenlandse Zaken volwaardige bevoegdheden krijgen. Het Europees Parlement moet individuele commissarissen ter verantwoording kunnen roepen en desnoods naar huis kunnen sturen. Het Europese Handvest van de Grondrechten moet net zo hard en afdwingbaar worden als het nieuwe Stabiliteitspact. Er moet adequate democratische controle komen op het nieuwe Europese Stabiliteits Mechanisme. En tenslotte moet de herziening van de Europese wet openbaarheid bestuur leiden tot daadwerkelijke transparantie. Checks and balances zijn onmisbaar voor een vitale democratie.

Na de mislukte hervormingspogingen van Nice, de Grondwet en Lissabon biedt deze crisis ons een herkansing. Laten we dit keer slagen!

GRONDRECHTEN NIET WAARDEVAST ONDER VVD

Vrijdag, 8 april , 2011

Achter de schermen is de VVD al sinds vorig jaar bezig met studeren op mogelijkheden om het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in te perken. Nu opent VVD-er Stef Blok in een Volkskrant artikel  dan openlijk de aanval op het EVRM. Volgens Blok hinderen rechters de democratie en daarom moeten de mogelijkheden van het EVRM worden ingeperkt.  In deze logica moet de doodstraf worden heringevoerd als  51% van de Tweede Kamerleden dit wil.

Tijden veranderen, zegt Blok. Klopt als een bus. De tijden veranderen namelijk altijd, maar fundamentele waarden zijn onveranderlijk. Juist daarom is het nodig dat elementaire rechten en vrijheden worden beschermd tegen de waan van de dag. De aanval van de VVD bewijst hoe belangrijk het is dat het EVRM een buffer vormt tegen politieke tendenzen.

Wat in de laatste jaren is veranderd, is niet dat door het EVRM de beleidsruimte van Lidstaten krapper is geworden, maar andersom: sommige lidstaten zoeken steeds vaker de grenzen op of gaan er overheen.

Het is overigens opmerkelijk dat de VVD klaagt dat de rechter politiek bedrijft. Uitspraken van het Europese Hof van Justitie zijn een krachtige impuls geweest voor de ontwikkeling van de Interne Markt, waarbij Lidstaten werden verplicht barrières af te breken. Gek genoeg hoorde je de VVD daar niet over….

Blok vindt dat het EVRM de scheiding der machten bedreigt, en stelt vervolgens onbekommerd voor dat de politici de macht van de rechters moeten inperken. Rechters beschuldigen van een politieke agenda zijn trucs van een Berluscionaans kaliber, waar de VVD zich niet aan moet bezondigen. Zestig jaar VVD-traditie worden hier opgeofferd voor een gedoogakkoord met de PVV.

De EVRM geeft Nederland ruimte. De normen van het EVRM worden onderschreven door 47 landen, waaronder landen die niet bepaald een baken van democratie zijn. Het zijn minimumnormen en die kunnen voor een vooruitstrevende democratie als Nederland onmogelijk knellend zijn.

Het Hof in Straatsburg laat een “margin of appreciation” toe aan de lidstaten. Dat betekent: veel ruimte voor nationaal beleid en tradities. Verruiming van de margin of appreciation zoals de VVD wil levert weinig of niets op aangezien Nederland zelden door het Hof is veroordeeld, en het juist andere staten zullen zijn (zoals onder meer Turkije, Rusland, de Oekraïne, Roemenië) die een ruimere beoordelingsmarge zullen gebruiken om allerlei ernstige mensenrechten­schendingen te rechtvaardigen of om zich aan het toezicht van het Hof te onttrekken.

De Leidse hoogleraar Lawson stelt: ‘Het Hof wijst 95% van de klachten af. Nederland is in de afgelopen drie jaar in zegge en schrijve twee zaken veroordeeld, die allebei niets met de “nationale eigenheid” van ons land te maken hadden. Wat is dan het probleem?”

Het Hof in Straatsburg heeft in de afgelopen decennia inderdaad veel bereikt voor de mensenrechten, juist omdat het is gevrijwaard van politieke inmenging en onnodige inperking van de lidstaten. Als het aan de lidstaten had gelegen, waren er nooit baanbrekende arresten geweest om bijvoorbeeld homorechten te garanderen. Daar heb ik de VVD ook nooit over horen protesteren. Het gaat de VVD dus niet over het principe.

D66 ziet geen feitelijk probleem. Wat Blok eigenlijk wil zeggen is dat het asiel- en immigratiebeleid dat het VVD-CDA Kabinet nastreeft onder druk van de PVV, niet past binnen de zeer ruime grenzen van het EVRM. Een echte Liberaal zou daaruit concluderen dat zijn beleid kennelijk in strijd is met de mensenrechten. Blok concludeert dat de mensenrechten niet stroken met zijn beleid.

Dit waardenrelativisme van de VVD is bijzonder zorgelijk helemaal nu fragiele democratiseringsbewegingen in de Arabische wereld naar Europa kijken als rolmodel voor democratie, vrijheid en mensenrechten.

Op dit moment bereidt de EU zich voor op toetreding tot het EVRM, in lijn met het nieuwe EU Verdrag van Lissabon. Beetje merkwaardig om uitgerekend nu aan de stoelpoten van het EVRM te gaan zagen. De eerdere aanvallen van de Britse Conservatieven en nu ook van de VVD op het EVRM, waarbij het bestaansrecht van het EVRM en het Hof in twijfel worden getrokken, vormen een ernstige bedreiging voor de onafhankelijkheid van het Hof en zijn rechters. Onder zoveel politieke druk van de lidstaten zijn rechters eerder geneigd tot een zeer minimale uitleg van de mensenrechten. Daarbij delft de burger het onderspit.

Het EVRM is ooit ontworpen om burgers te beschermen tegen hun eigen overheid. Dat perkt per definitie de nationale beleidsruimte in. Daar hebben de 47 ondertekenende landen bewust voor gekozen. En de geschiedenis van Europa in de 20ste eeuw heeft afdoende aangetoond waarom het EVRM en het Hof van Straatsburg als luis in de pels moeten fungeren. Die luis in de pels is onmisbaar voor onze vrijheid. Ook als het af en toe jeukt.

EU burgers of paria’s?

Zondag, 12 september , 2010

De reacties in mijn mailbox liegen er niet om: veel mensen zien Roma als uitschot, onverbeterlijke dieven en viezeriken, die vooral overlast veroorzaken voor fatsoenlijke burgers. Veel mailschrijvers lijken te denken dat dit cultureel of genetisch bepaald is, en dus onoplosbaar. Het massaal uitzetten van Roma krijgt grote bijval van het publiek.

Niemand ontkent de grote problemen met  en voor de Roma. Massa uitzettingen geven kortstondig lucht aan de frustratie, maar lossen niks op.

95% van de Roma hebben de Franse nationaliteit, en kunnen niet worden uitgezet. De maatregelen van Sarkozy richten zich dus op 5% van de mensen, en is dus symboolpolitiek. Degenen die wel worden uitgezet, komen binnen de kortste keren weer terug, vooral omdat de situatie in Roemenië  en Bulgarije nog erger is. Het staat elke EU burger vrij in andere Lidstaten te wonen en te werken, dus ook Roma. Voor Roemenen en Bulgaren gelden tot 2014 bepaalde beperkingen op het recht op vrij verkeer. Maar het enkele feit van het niet hebben van een eigen inkomen is onvoldoende reden voor automatische uitzetting. Er zijn ook geen aanwijzingen voor ernstige misdaden of een massaal beroep op sociale zekerheid door deze mensen.

Uitzetten van EU burgers is toegestaan, maar alleen onder zeer strikte voorwaarden. Elke persoon heeft recht op een individuele beoordeling.  Collectieve uitzettingen zijn niet toegestaan. Uitzetting mag alleen bij ernstig risico voor openbare orde en veiligheid. Er zijn regels m.b.t. de procedure zoals schriftelijke kennisgeving en recht op beroep binnen een maand.

Frankrijk beweert dat aan deze voorwaarden is voldaan, met name omdat het vertrek “vrijwillig” zou zijn. Maar de huisvesting van de Roma werd kort en klein geslagen, zodat ze feitelijk dakloos waren. Er stond een cordon politiemannen omheen, en de Roma kregen de keus: nu vrijwillig vertrekken, of anders gedwongen. Sommige NGO’s melden dat mannen en vrouwen (en kinderen) van elkaar werden gescheiden. Van de uitgezette Roma werden vingerafdrukken genomen, het geen simpelweg illegaal is. Een vertrouwelijk rapport van de Europese Commissie zet dan ook grote vraagtekens bij de legaliteit van de uitzettingen.

Het overgrote deel van de gemeenten weigert te voldoen aan de wettelijke plicht staanplaatsen te voorzien voor de Roma. De Roma zijn daardoor vaak onvermijdelijk aangewezen op illegale staanplaatsen, zonder water, electriciteit en vuilnisinzameling. Reizen is geen misdaad, dus daarvoor moeten we mensen niet bestraffen. Iedereen heeft recht op huisvesting onder fatsoenlijke omstandigheden.

Het Europees Parlement pleit al jaren voor een degelijke strategie voor de Roma. Onderwijs is essentieel, net als huisvesting, medische zorg en werk. De 10-12 miljoen Roma hebben er recht op eindelijk volwaardig deel te nemen aan de Europese samenleving, zonder discriminatie en marginalisering, en zonder overlast te veroorzaken.

Ouders zijn verplicht hun kinderen naar school te sturen. Maar daarnaast is de overheid verplicht te zorgen voor een passende en veilige schoolomgeving. In veel (vooral Oost-Europese) landen worden Roma kinderen automatisch verwezen naar scholen voor kinderen met leermoeilijkheden of zwakbegaafden. Vaak is er sprake van volkomen segregatie, en Roma kinderen op “gewone” scholen worden ernstig gediscrimineerd.

Overlast en misdaad moeten aangepakt en bestraft worden. Maar tegelijkertijd is duidelijk dat ernstige discriminatie, gebrek aan opleiding, en uitsluiting uit de arbeidsmarkt leiden tot vrijwel volkomen en uitzichtloze werkloosheid en armoede, en dus voortbestaan van de problematiek.

Los van de legaliteit, is de retoriek rondom de uitzettingen verwerpelijk. Het is ronduit onfris hoe Sarkozy en de zijnen een impliciet verband leggen tussen Roma en criminaliteit. En kunnen wij Europeanen met een schoon geweten wegkijken van het bestaan van een kaste van 10 miljoen onaanraakbaren binnen onze gemeenschap?

Gele en rode kaarten bij schending EU Grondrechten

Zaterdag, 10 juli , 2010

Wie zich niet aan de regels houdt, krijgt straf. Dat is een algemeen aanvaard principe, zowel in het voetbal alsook binnen de EU. Bij illegale staatssteun, milieudelicten, kartels en andere overtredingen van EU wetgeving treedt de Commissie ferm op, legt miljardenboetes op of stapt naar de rechter om Lidstaten en bedrijven in het gareel te krijgen.

Maar als het gaat om grondrechten, kijkt de Commissie timide de andere kant op. De EU heeft een heel arsenaal aan regels en wetten betreffende de democratische spelregels en de grondrechten. Maar die regels worden soms door de Lidstaten met de voeten getreden. Homohaat van staatswege, bemoeienis van de politiek met de media, wettelijke beknotting van de persvrijheid, zonder proces terugsturen van asielzoekers, het opleggen van een staatsgodsdienst ten koste van andere levenbeschouwelijke en religieuze groepen, of het op grote schaal meewerken aan illegale ontvoeringen en uitlevering aan martelende regimes door de CIA: voorbeelden te over van kwesties waar EU ingrijpen en sancties volstrekt op hun plaats zouden zijn.

De Europese Commissie voert als reden vaak het slappe argument aan dat ze onvoldoende bevoegdheden en middelen heeft. Dat is flauwekul. De Commissie heeft voldoende handvaten om deze zaken daadkrachtig aan te pakken, zoals de EU Verdragen en het EU Handvest van de Grondrechten, anti-discriminatie richtlijnen, richtlijnen voor mediaconcentraties, enzovoort. De EU gaat zelfs toetreden tot het EVRM (Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens).

In een uiterst geval is er de mogelijkheid tot schorsing voorzien in het EU Verdrag. Na de episode Haider en de boycot van Oostenrijk werd een artikel in het Verdrag opgenomen (1), waarmee Lidstaten kunnen worden geschorst bij ernstige en systematische schendingen van de democratische spelregels en de grondrechten. Sinds Haider heb ik nog wel radicalere opvattingen gehoord. Een situatie als in Italië geeft wel degelijk aanleiding om heel serieus na te denken over sancties, en de anti-homowet in Litouwen moet door de Commissie voor de rechter worden aangevochten.

Het argument dat de Grondrechten geen EU aangelegenheid zijn, en dat de Commissie onvoldoende bevoegdheden heeft, houdt dus geen steek. In andere gevallen (gekke koeien ziekte, eurozone crisis) blijkt dat de EU ook met een heel dunne of zelfs afwezige rechtsgrondslag wel degelijk kan handelen, als de politieke wil er maar is.

Dat geldt overigens evenzeer voor het Europees Parlement zelf. Te vaak blokkeren de twee grote fracties van christen-democraten en socialisten debatten over misstanden binnen de EU Lidstaten. Te vaak lopen ze met een grote boog om gevoelige kwesties heen, terwijl we er als de kippen bij zijn om landen buiten de EU te kapittelen over democratie en mensenrechten.

Van kandidaat Lidstaten eisen we – terecht – dat ze aan de hoogste normen voldoen. Maar EU Lidstaten die op geen stukken na die normen halen, worden met rust gelaten, volgens de methode Herenakkoord-met-non-interventiebeginsel (de Lidstaten houden elkaar de hand boven het hoofd). De Europese Commissie is de laatste jaren danig verzwakt, en durft niet tegen de Lidstaten op te treden. Maar als we van Europa echt een gemeenschap van waarden willen maken, en ons moreel gezag in de wereld willen herstellen, dan moeten we serieus werk gaan maken van het naleven van de grondrechten.

Wie de democratische spelregels en de Grondrechten schendt, moet op het strafbankje!

  1: zie http://www.europa-nu.nl/id/vh25de3ygpxe/artikel_7_schorsing_rechten_lidstaat

 

Doorgifte bankgegevens aan VS – de tweede ronde

Woensdag, 16 juni , 2010

In Februari bezorgde het Europees Parlement de Raad (Lidstaten) een blauw oog met de verwerping van het EU-VS akkoord over de doorgifte van bankgegevens. Het Europees Parlement stelde tevens een lijstje op met voorwaarden waaraan een nieuw akkoord zou moeten doen.

De Europese Commissie ging terug naar de tekentafel, onderhandelde met de Amerikanen, en op 11 juni werd een nieuw akkoord gepresenteerd.

Hoewel het nieuwe akkoord zeker een aantal verbeteringen bevat, zoals betere rechtsbescherming voor EU burgers, schiet het voor D66 op een cruciaal punt nog steeds te kort. D66 eist dat het gebruik van persoonsgegevens alleen is toegestaan voor concrete onderzoeken van politie of justitie, als er een concrete verdenking is. Met andere woorden: geen doorgifte van hele bestanden (“in bulk”) en geen complete visexpedities in databestanden, zoals profiling of datamining.

In het nieuwe akkoord is weliswaar keurig vastgelegd dat alleen gegevens mogen worden doorgegeven in het kader van een concreet onderzoek, maar er is een addertje onder het gras: Europa bezit niet de technologie om die specifieke gegevens uit het databestand te filteren. Dus geeft de EU dan maar het hele (of een groot deel van) het databestand aan de Amerikanen, die wel de technologie hebben. Op deze manier kregen de VS feitelijk toegang tot vrijwel het gehele zoegeheten SWIFT bestand, door simpelweg elke maand één concreet verzoek om gegevens in te dienen.

Je zou zeggen dat dit probleem eenvoudig is op te lossen: geef ons de technologie, en we filteren de gegevens op EU grondgebied, en geven de VS alleen die gegevens waar ze om hebben gevraagd. Dit is precies wat het Europees Parlement had voorgesteld: laat het doorzoeken van de gegevensbestanden uitvoeren door Europol, de EU organisatie van samenwerkende politiediensten met hoofdkantoor in Den Haag.

Maar daar kwam de aap uit de mouw: de regeringen van de Lidstaten voelen daar helemaal niks voor. De nationale regeringen vinden het namelijk prima dat de Amerikanen onze bankgegevens krijgen en doorzoeken. De regeringen stellen dat dit een heel goede regeling is, want zo doen de VS gratis en voor niks het zoek- en analysewerk. Eigenlijk wordt dus het werk van inlichtingen- en politiediensten uitbesteed aan de VS, in plaats van dat we het door ons eigen Europol laten doen.

De nationale regeringen staan dus eigenlijk aan de kant van de Amerikanen, en willlen vasthouden aan de doorgifte in “bulk” van onze bankgegevens. Het Europees Parlement eist dat daar een einde aan komt. Beiden moeten het akkoord goedkeuren. Dat maakt de positie van Eurocommissaris Malmström buitengewoon lastig.

Veel Europarlementsleden vinden dat het nieuwe akkoord niet aan de voorwaarden voldoet. Maar de druk is groot om een tweede afwijzing te voorkomen. Bij een tweede ´nee´ is het waarschijnlijk dat de VS bilaterale afspraken gaan maken met de EU Lidstaten, waardoor de situatie nog ondoorzichtiger en ongrijpbaarder wordt.

Wordt vervolgd.

Breekpunt Europa?

Maandag, 31 mei , 2010

De campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen vertoont een merkwaardige witte vlek: Europa. Het is een vergissing te denken dat de verkiezingen alleen over binnenlandse aangelegenheden gaan, want in de komende maanden en jaren vallen er veel belangrijke besluiten in de EU. Maar toch zwijgen de meeste partijen als het graf over hun intenties, of ze hebben standpunten waarover ze toch wel eens publiekelijk aan de tand gevoeld mogen worden.

Zo zal het nieuwe Kabinet onder andere moeten onderhandelen over de nieuwe 7-jaren begroting van de EU, over nieuwe bevoegdheden voor de EU om begrotingsdiscipline te garanderen, en over nieuwe EU anti-discriminatiewetgeving.

D66 heeft in april dit jaar de standpunten op EU vraagstukken glashelder neergelegd in het verkiezingsprogramma en in moties. Maar niet alle partijen geven die duidelijkheid.

Bijvoorbeeld over de lessen die we trekken uit de eurozone crisis. Zo pleiten zowel VVD als PvdA voor een “onafhankelijke instantie” die moet toezien op de naleving van het Stabiliteitspact. Het is op zich al verbazend dat de bureaucratiebestrijders van de VVD pleiten voor het opzetten van alweer een nieuwe EU instantie, maar de kernvraag laten beide partijen open: wie heeft uiteindelijk de macht om sancties op te leggen, en desnoods een land onder curatele te stellen? Wordt dat EU bevoegdheid, zoals D66 voorstelt, of blijft het bij het oude systeem, waar de Lidstaten zichzelf moeten beoordelen en disciplineren? Willen PvdA en VVD vasthouden aan de slager die het eigen vlees keurt?

D66 vindt het helemaal niet nodig om alweer een nieuwe onafhankelijke instantie op te zetten. Die is er namelijk allang: de Europese Commissie. Maar die moet wel de nodige bevoegdheden krijgen. In plaats van de Commissie te verzwakken, zoals de nationalistische politici nastreven, moeten we de Commissie juist versterken, als garantie tegen “elk land voor zich”. Diezelfde partijen die zo flink pleiten voor “minder Brussel”, zijn dus ook verantwoordelijk voor “minder controle op de cijfers”. Gaat een Kabinet met VVD of PVV de EU eindelijk de nodige bevoegdheden geven om de nationale begroting en statistieken te controleren, of prevaleert hun euroscepsis boven het belang van een stabiele euro?

De PvdA moet ook eens uitleggen waar ze nu eigenlijk staat op het punt van begrotingsdiscipline. De laatste weken trompettert de partij dat het Stabiliteitspact strenger moet worden. Dat staat in scherp contrast met de traditionele positie van de PvdA en de Eurosocialisten over begrotingsdiscipline. In het Europees Parlement hebben de socialisten consistent gepleit voor een “soepeler” Stabiliteitspact. In 2004 pleitte de PvdA nog tegen een “rigide toepassing” van het Stabiliteitspact, maar in 2010 is de PvdA voor strengere regels. Datzelfde Stabiliteitspact schrijft voor in welk tempo een land moet bezuinigen. Maar Lijsttrekker Job Cohen wil geen “roekeloze” bezuinigingen. Vindt de PvdA de regels van het Stabiliteitspact dus roekeloos? Het is de kiezer vergeven als hij het niet meer weet.

Binnenkort start de discussie over de nieuwe EU meerjarenbegroting. De VVD wil de Nederlandse bijdrage halveren en de PvdA wil de korting van 1 miljard behouden.  Maar wat gaan VVD en PvdA doen als andere landen ook een uitzondering op de regel eisen? D66 pleit al sinds jaar en dag voor een volkomen nieuw systeem van eigen inkomsten voor de EU, ter vervanging van de nationale bijdragen. Dit is ook het standpunt van de Europese Liberalen, en van Groen Links. Waar staan de VVD en PvdA in een eventuele coalitie?

De komende jaren komt ook het thema ‘pensioenen’ stevig op de politieke agenda. Hoewel pensioenstelsels strikt nationale bevoegdheid zijn, kunnen we niet blind zijn voor het feit dat pensioenfondsen onderdeel zijn van de financiële markten, en dat de nationale pensioenverplichtingen impact hebben op de eurozone. De Europese Commissie heeft al een voorzet gegeven met een discussiestuk over o.a. pensioenleeftijd. Het valt te verwachten dat er een hoge mate van afstemming binnen de EU moet komen, en dat dit thema zich de komende jaren gaat opdringen. Welke partijen staan open voor deze discussie, en welke partijen verklaren het taboe?

Er zijn ook niet financieel-economische besluiten die de komende jaren gaan vallen. Zoals de EU Anti-discriminatierichtlijn. De Lidstaten hebben weinig trek in een Europese Richtlijn die verbiedt om bijvoorbeeld homo’s en gehandicapten te discrimineren. D66 streeft naar een krachtig instrument tegen discriminatie, met zo min mogelijk uitzonderingen. Burgers in heel Europa moeten zich voor de rechter kunnen verweren tegen discriminatie. In het Europees Parlement stonden PvdA, SP en VVD zij aan zij met D66 en Groen Links voor een sterke Anti-Discriminatierichtlijn. Maar in de Tweede Kamer doen deze partijen er alles aan om de Richtlijn zo veel mogelijk uit te kleden, onder het mom van subsidiariteit. Kunnen PvdA, VVD en SP aangeven of ze zich de komende jaren gaan inspannen voor een krachtige EU anti-discriminatieregeling?

En hoe gaan CDA, PvdA, VVD, SP en PVV in een Kabinet hun plannen voor immigratie en integratie uitvoeren, als die in strijd blijken te zijn met EU wetgeving? (zoals twee Hoogleraren concluderen in een NRC artikel op 27.05.2010)

Misschien moeten de TK-verkiezingsprogramma’s voortaan niet alleen door het CPB worden doorgerekend, maar ook worden getoetst op hun conformiteit met EU wetgeving.

Maar tot het zover is, moeten de partijen voor 9 juni maar eens laten weten wat de kiezer mag verwachten op Europese punten.

Tanden voor de Tijger?

Vrijdag, 26 maart , 2010

Witte rook: de EU Raad heeft overeenstemming bereikt over hulp aan Griekenland. Dat is goed nieuws, want nog langer dralen zou funest zijn voor de stabiliteit van de euro, onze gemeenschappelijke munt.

Maar hoe het akkoord over steun aan Griekenland nu echt in elkaar zit is lastig te achterhalen. De officiële verklaring (http://www.consilium.europa.eu/uedocs/cms_data/docs/pressdata/en/ec/113563.pdf) is als altijd nogal neutraal en nietszeggend, en de politici en media in de verschillende Lidstaten hebben elk hun eigen versie van de feiten. Zo stellen de Nederlanders dat Griekenland éérst moet aankloppen bij het IMF, en dat Europese hulp alleen aanvullend is. Iets anders kunnen ze het thuisfront ook niet verkopen.  Maar EU Voorzitter Van Rompuy stelt in de EUObserver nadrukkelijk dat IMF en EU hulp gelijktijdig worden gegeven. De tekst van het Raadsakkoord lijkt eerder die interpretatie te bevestigen.

In politieke debatten die aan elkaar hingen van karikaturen over vlijtige, brave Noorderlingen en luie, sjoemelende Zuiderlingen, verklaarden Nederlandse en Duitse politici ferm dat er geen cent van hun belastingen naar Griekenland zou gaan. Dat was vooral bedoeld voor de buehne (in beide landen zijn er binnenkort verkiezingen), want Griekenland laten vallen was nooit een serieuze optie. De stabiliteit van de euro in gevaar brengen door misplaatst nationalisme zou een fout van de eerste orde zijn.

Het IMF is een respectabele instelling, met een enorme deskundigheid en het instrumentarium om landen te helpen hun huishoudboekje op orde te brengen. Maar toch is het jammer dat Europa een beroep doet op het IMF om Europese problemen op te lossen. De onwil en onvermogen van Europa zullen het vertrouwen van de wereld in de euro aantasten. Ook is het een rare situatie dat het IMF, waar ook concurrerende landen in vertegenwoordigd zijn, grip krijgt op een deel van de eurozone. Uiteraard is het IMF onafhankelijk en neutraal, maar het is toch lastig voor te stellen dat de Verenigde Staten een beroep zouden doen op het IMF om, laten we zeggen, een failliete staat Californië te helpen.

De Grieken hebben gefraudeerd met de statistieken. Dat is onvergeeflijk. Er moet dan ook een diepgaand onderzoek komen, met strafrechtelijke sancties voor de verantwoordelijken. In dat onderzoek moet ook worden bekeken wie er binnen de EU allemaal op de hoogte waren dat de cijfers van de Grieken niet klopten.

Maar de fraude is een heel andere kwestie dan de hoge tekorten en schulden. Griekenland is niet de enige. Groot Brittannie heeft bijvoorbeeld een tekort van 12%, Nederland van ruim 6%. Er zijn ook ernstige zorgen over Portugal, Spanje en Ierland. En ook voor de economische crisis waren er al (grote) landen die stelselmatig niet binnen de normen van het Stabiliteitspact bleven. Ironisch genoeg deden juist de armere Oost-Europese landen het niet slecht.

Griekenland is dus eerder het symptoom dan het probleem. Griekenland is een wake up call voor Europa: de crisis toont de zwakte van een muntunie zonder politieke onderbouw. Een munt waar geen politieke macht achter zit, een macht die besluiten kan nemen en problemen kan oplossen, is een zwakke munt die geen vertrouwen zal krijgen van de markten. In dat verband is het verheugend dat de Lidstaten nu eindelijk over willen gaan tot het bindend maken van het Stabiliteitspact. Het Stabiliteitspact heeft goede regels, maar bij gebrek aan handhavingsinstrumenten is het een papieren tijger. Het Stabiliteitspact is de laatste weken ineens weer zeer populair. Iedereen erkent het nut van begrotingsdiscipline. Dat is niet altijd het geval geweest. Vooral de linkse partijen vonden de regels van het Stabiliteitspact te knellend, en tijdens de economische crisis bepleitten ze zelfs een buitenwerking stellen van het Stabiliteitspact.

De situatie in Griekenland toont glashelder aan dat bevoegdheid tot ingrijpen door de EU in nationale zaken essentieel is. Het gister gesloten akkoord lijkt in die richting te wijzen, en dat is toe te juichen. Misschien krijgt de Europese tijger dan toch nog tanden.

De ‘quotum-vrouw’ in Europa

Donderdag, 19 november , 2009

Bij de woorden Europa en quota denk  je in eerste instantie aan melkquota en boze boeren, of vangstquota en vissers. Maar de laatste dagen verwijst de term ‘quota’ vooral naar het aandeel vrouwen in de hoogste politieke posten in de EU. De Voorzitter van de Europese Commissie (Barroso) en  de Voorzitter van het Europees Parlement (Buzek) zijn al gekozen. Nu nog de Voorzitter van de Raad, de Minister van Buitenlandse Zaken en de 25 overige Eurocommissarissen. Al met al 31 baantjes te verdelen. In het geruchtencircuit circuleren tot nu toe vrijwel uitsluitend namen van mannelijke kandidaten. Het aantal vrouwelijke kandidaten is te tellen op de vingers van een hand. Drie, ofwel een schamele 10%.

In de afgelopen weken is er dan ook een waaier aan initiatieven en acties op touw gezet om meer vrouwen in de EU Top Jobs te krijgen. Die krijgen veel bijval, maar ook veel kritiek. Een greep uit de reacties in mijn inbox van de afgelopen dagen: Kandidaten moeten worden geselecteerd op hun verdiensten, niet op sekse. Geen excuus-Truzen. Er is meer tijd nodig voor een mentaliteitsverandering. Vrouwen draaien pas (!) sinds twee generaties mee in de arbeidsmarkt. Veel vrouwen willen eigenlijk helemaal geen carrière maken. Het viel mij op dat veel van deze opmerkingen van jongeren kwamen en ook uit de progressieve hoek.

Theoretisch kan ik me in de meeste redeneringen wel vinden, maar de praktijk is helaas hardnekkiger. Het argument dat kwaliteitsvrouwen vanzelf door het glazen plafond dringen wordt al meteen gelogenstraft door de huidige situatie. Het is natuurlijk absolute onzin te beweren dat er op 500 miljoen Europese burgers maar drie vrouwen geschikt en bereid zijn. In de vorige Commissie waren er nog acht vrouwelijke Eurocommissarissen, dus drie is zelfs een achteruitgang. Degenen die stellen dat de lijst van kandidaten het resultaat is van selectie puur op kwaliteit, suggereren daarmee dat er kennelijk te weinig kwaliteit bij vrouwen zit (en ze gaan er dus ook van uit dat al die mannelijke kandidaten zonder uitzondering van het hoogste kaliber zijn, hetgeen ik waag te betwijfelen).

Dit alles is geen ‘vrouwenkwestie’. De laatste jaren waait er alom weer een stevig conservatieve wind. Door het schamele aantal vrouwelijke voordrachten geven de regeringen ook aan jonge vrouwen het signaal dat deze posten niet binnen hun bereik liggen, en dat politiek een mannenzaak is.

Het is toch eigenlijk te gek voor woorden dat we anno 2009 nog de straat op moeten voor zoiets vanzelfsprekends als een goede man/vrouw verhouding in het EU politiek leiderschap?! Het systeem van co-optatie binnen het old boysnetwork is na  drie decennia Tweede Feministische golf nog steeds springlevend. Er is dringend een breekijzer nodig om dit te doorbreken. Een quotum is een paardenmiddel, maar wellicht de enige methode om vooruitgang te boeken. Vijf jaar geleden was Neelie Kroes een ‘quotum-vrouw’, maar niemand zal het wagen haar capaciteiten in twijfel te trekken.

In de komende weken zal het Europees Parlement elke kandidaat-Eurocommissaris toetsen op de individuele kwaliteiten in openbare hoorzittingen. Maar we zullen ook het College van Eurocommissarissen als geheel beoordelen. En als er niet in elk geval een-derde vrouwen in zitten, moeten de Lidstaten hun huiswerk maar opnieuw gaan doen.

 

 

Een Hete Herfst? Barroso en het Europees Parlement

Donderdag, 17 september , 2009

Het Parlementaire seizoen in Brussel is rumoerig van start gegaan met de discussies rondom de kandidatuur van Jose Manuel Barroso voor het voorzitterschap. Oppervlakkig gezien lijkt het op kinderachtig touwtrekken om posten en poppetjes (en natuurlijk gaat het als altijd óók om de knikkers). Maar er is meer aan de hand. Het Europees Parlement weigert nog langer blindelings een stempel van goedkeuring te geven aan een kandidaat wiens voordracht simpelweg de uitkomst was van een politieke ruilhandel. Voor het eerst eist het Parlement een politiek programma, een soort regeringsverklaring, van de toekomstige leider van de Europese Commissie. Voor het eerst gaat de stemming niet om de persoon, maar om de inhoud. Naast de gebruikelijke koehandel over baantjes is er een open debat over de politieke prioriteiten en de koers voor de komende vijf jaar. Het Europees Parlement geeft voor het eerst een echt politiek-inhoudelijk mandaat aan de Voorzitter van de Europese Commissie, in plaats van de gebruikelijke stempel van goedkeuring.Tot nog toe waren de leden van de Europese Commissie weliswaar oud-Politici, maar de politieke samenstelling van de Commissie was uiterst breed, en was eerder ambtelijk dan politiek van aard. De goedkeuring van de Commissievoorzitter en van het College was een formaliteit. Doordat alle partijen wel min of meer vertegenwoordigd waren in de Commissie, was er doorgaans brede steun en weinig discussie.

In 2004 kwam daar verandering in. Barroso kreeg in de zomer van dat jaar de goedkeuring van het Europees Parlement, en hij ging met de nationale hoofdsteden aan de slag om het College van Eurocommissarissen te vormen. Barroso had weliswaar geen gedetailleerd werkprogramma op papier gezet, maar allengs werd duidelijk dat hij inzette op een centrum-rechts economisch profiel. Hij leek te mikken op de steun van Christen Democraten en Liberalen, in plaats van de gebruikelijke consensus tussen alle fracties. Hij zocht een mandaat voor zijn economisch programma. Hiermee zouden er voor het eerst meerderheids- en oppositiepartijen ontstaan in het Europees Parlement. Het hele feest ging echter niet door, toen de Liberalen afhaakten om de kandidaat Eurocommissaris Buttiglione.

De huidige discussies over het programma van Barroso maken het proces meer politiek dan ooit tevoren, en maken van het Europees Parlement steeds meer de politieke arena die een Parlement moet zijn. De verschillende fracties hebben een aantal zeer concrete zaken binnen gehaald, zoals de post van Eurocommissaris van de grondrechten. Barroso moet zich publiekelijk committeren aan zijn toezeggingen. Of hij zich daaraan gaat houden is een tweede, maar dit is absolute winst in termen van transparantie.

Voor alle duidelijkheid: voor D66 is Barroso niet de juiste man voor de job. In de afgelopen vijf jaar was hij passief en terughoudend als het om gevoelige kwesties ging, en liet zijn oren hangen naar de nationale hoofdsteden. Hij hield zijn beloftes niet en was ondanks zijn vurige speeches nauwelijks ergens op vast te pinnen. Vijf jaar geleden heeft D66 zijn kandidatuur niet ondersteund, en hij heeft ons in de afgelopen vijf jaar weinig reden gegeven onze mening te herzien.

Maar het proces rondom zijn benoeming heeft voor de democratie ontegenzeggelijk winst opgeleverd, en – ironisch genoeg – de Commissievoorzitter niet verzwakt maar versterkt. Misschien gaat Barroso volgende week een meerderheid halen, wellicht met de hakken over de sloot. Maar op de lange termijn zou wel eens kunnen blijken dat een Voorzitter die campagne heeft moeten voeren voor zijn politieke overtuigingen, en een eenvoudige meerderheid behaalt, een sterker mandaat heeft als politiek leider, dan Voorzitters wier goedkeuring met unanimiteit een ambtelijke formaliteit was.