Posts Tagged ‘D66’

Wie niets te verbergen heeft….

Woensdag, 14 december , 2011

Ik kijk reikhalzend uit naar de zomer van 2012. Dan verwacht ik de uitspraak van de rechter over het openbaar maken van een EU document….dat ik in de zomer van 2009 heb aangevraagd. Drie hele jaren voor het boven water krijgen van een juridisch stuk dat zou kunnen aantonen dat het akkoord met de VS over doorgifte van bankgegevens (‘Swift’) geen deugdelijke rechtsgrondslag heeft. Tegen de zomer van 2012 is dat akkoord al twee jaar van kracht.

Dit voorbeeld toont glashelder aan dat Europa een veel krachtiger instrument nodig heeft voor de openbaarheid van bestuur. De overheid houdt de laatste jaren steeds meer de handel en wandel van burgers in de gaten, op een schaal die Big Brother tot amateur degradeert. Maar terwijl de burger 24/7 overal kan worden bespied, wordt de overheid zelf steeds ondoorzichtiger. Het is voor een gewone burger bijna ondoenlijk inzicht te krijgen in het handelen van de overheid.

Dat is kwalijk. Openbaarheid van bestuur is een van de belangrijkste instrumenten waarmee burgers hun overheid kunnen controleren en ter verantwoording kunnen roepen, het is een essentieel onderdeel van een democratie. Openbaarheid van bestuur moet zijn gebaseerd op het principe: alles is openbaar, tenzij.

Niet geheel verrassend proberen overheden daar onderuit te komen, zodat ze ongestoord door lastige burgers, media en volksvertegenwoordigers hun gang kunnen gaan. Geheel in die geest probeerde minister Donner in Nederland de Wet Openbaarheid Bestuur (Wob) te beperken, en ook in Europa streven lidstaten en Commissie naar drastische inperking van de Europese wet openbaarheid bestuur (in Nederland liefkozend de ‘Eurowob’ genoemd).

Dit soort pogingen zijn overigens des te onnozeler in tijden van internet. Al is de minister nog zo snel, WikiLeaks achterhaalt hem wel.

Het Europees Parlement wil juist meer openheid, en blokkeert een wijziging van de Eurowob als die leidt tot minder transparantie in plaats van meer. Juist in deze fase is openbaarheid van bestuur meer dan ooit een voorwaarde voor vertrouwen en betrokkenheid van burgers, en daarmee voor het succes van Europese integratie.

De Europese Unie gaat door een diepe politieke crisis. Maar als de voortekenen niet liegen, gaat Europa een grote sprong maken van een samenwerkingsverband tussen hoofdsteden naar een daadwerkelijk politieke unie waar de burgers het voor het zeggen krijgen. Er moeten méér bevoegdheden naar Brussel. Dat is nodig. Maar dan ook méér macht naar burgers om de Europese overheid te controleren en ter verantwoording te roepen. Een sterke Eurowob dus.

In de herkansing

Vrijdag, 2 december , 2011

We hebben meer Europa nodig. Daarover lijkt inmiddels zelfs in conservatieve hoek consensus te bestaan. Maar laten we nu vooral ook een ánder Europa bouwen. Het vermolmde intergouvernementele apparaat moet opzij en plaats maken voor een slagvaardig, democratisch, ja federaal Europa. Een politieke unie waar 500 miljoen burgers de koers bepalen, in plaats van 27 regeringsleiders in achterkamertjes.

Angela en Nicolas werken hard aan een nieuw EU-Verdrag, waarmee ze denken dat Europa de toekomst aankan. Verdragswijzigingen waarmee de vrijblijvendheid van het Stabiliteitspact wordt omgezet in afdwingbare afspraken, zijn een belangrijke en noodzakelijke stap vooruit. Maar het is bij lange na niet genoeg.

De Europese Unie moest al jaren geleden ingrijpend worden hervormd. Maar de opeenvolgende pogingen daartoe – in 2000 Nice, in 2005 de Grondwet, in 2009 Lissabon – ademden geen sfeer van visie en vooruitgang, maar juist van gloeiende remmen. Met het enthousiasme van een kalkoen die de kerstdis moet bereiden, werkten de nationale regeringsleiders aan de overdracht van bevoegdheden aan Europa. Niet de vraag was leidend wat Europa nodig heeft om haar taken goed te vervullen, maar de vraag hoe zoveel mogelijk (schijn)macht bij de nationale politici kon blijven. De huidige crisis legt genadeloos bloot dat Europa niet te machtig werd, maar juist zwak en onmachtig op het moment dat het erop aan komt. De mythische superstaat blijkt in werkelijkheid een politieke dwerg.

Het resultaat van 15 jaar blokkeren van Europese integratie: de grootste financieel-economische crisis sinds een eeuw. Een zwak en verlamd Europa op de rand van de afgrond. En de touwtjes uit handen gegeven – niet aan Brussel, maar aan het IMF in Washington. Met dank aan de eurosceptici.

In het belang van de Nederlandse burgers moet premier Rutte de barricaden op voor een krachtige politieke unie. De schuldencrisis is niet het probleem, maar een symptoom. Met uitsluitend technische aanpassingen gericht op meer begrotingsdiscipline bestrijden we wel de symptomen, maar niet de kern van het probleem: de onwerkbaarheid van een supranationaal systeem waarin ieder land zijn eigen veto heeft.

De CDU van Merkel nam vorige maand op haar partijcongres een onomwonden federale visie op Europa aan. Een door de bevolking gekozen president van de Europese Commissie en een parlementair tweekamerstelsel: het Europees Parlement namens de burgers, de Raad namens de lidstaten.

Dat is uitstekend. Maar voor een echte Europese democratie moeten we nog net een stapje verder. Verlammende veto’s moeten worden afgeschaft. De Europese Commissie moet kleiner en bij de Europese verkiezingen rechtstreeks door de burger worden gekozen. Naast de eurocommissaris met de nieuwe portefeuille voor toezicht op de nationale begrotingen, moet de eurocommissaris voor Buitenlandse Zaken volwaardige bevoegdheden krijgen. Het Europees Parlement moet individuele commissarissen ter verantwoording kunnen roepen en desnoods naar huis kunnen sturen. Het Europese Handvest van de Grondrechten moet net zo hard en afdwingbaar worden als het nieuwe Stabiliteitspact. Er moet adequate democratische controle komen op het nieuwe Europese Stabiliteits Mechanisme. En tenslotte moet de herziening van de Europese wet openbaarheid bestuur leiden tot daadwerkelijke transparantie. Checks and balances zijn onmisbaar voor een vitale democratie.

Na de mislukte hervormingspogingen van Nice, de Grondwet en Lissabon biedt deze crisis ons een herkansing. Laten we dit keer slagen!

De kracht van het woord

Woensdag, 27 juli , 2011

Na de afschuwelijke gebeurtenissen in Noorwegen is een felle en weinig verheffende loopgravendiscussie losgebarsten over de vermeende verantwoordelijkheid van “rechts” voor de terreurdaden van Anders Breivik.

Voor alle helderheid: voor het gebruik van geweld is uitsluitend de dader aansprakelijk, niemand anders. Er is geen collectieve, morele medeschuld voor terreurdaden, noch van de islam, noch van enige andere religie of politieke beweging.
Dat gezegd hebbende, is er wel degelijk aanleiding voor diepgaande collectieve zelfreflectie. Waarom brengen wij als maatschappij zulke monsters voort? En kunnen we dat voorkomen?

Woorden zijn niet onschuldig. Politici en andere opiniemakers streven nadrukkelijk naar effect met hun woorden. Met woorden wordt beoogd ideeën en gedrag te beïnvloeden. Met woorden willen we mensen mobiliseren, in beweging brengen. We moeten onze woorden dus zorgvuldig wegen, ook op mogelijke negatieve of onbedoelde effecten. De oude tegeltjeswijsheid is een waarheid als een koe: wie wind zaait, zal storm oogsten.

We moeten dus zorgen dat we met onze woorden niet onbedoeld legitimatie geven aan de waanbeelden van gestoorde moordenaars. We moeten zorgen dat we met onze woorden geen klimaat van haat en wantrouwen scheppen, waarin agressie wordt aangewakkerd en mensen worden aangemoedigd hun onlustgevoelens de vrije loop te laten. Het consequente gebruik van karikaturen van allerlei bevolkingsgroepen leidt tot de “ontmenselijking” van die mensen, zodat de drempel naar geweld lager wordt.

Het moddergevecht tussen “links” en “rechts” is verheffend noch zinvol. Waar het om gaat, is de toon van het debat. Daar zijn we allemaal bij, links, midden en rechts. Partijen van rechts én links hebben zich de laatste jaren bezondigd aan xenofobe hate speech. Partijen van rechts én links hebben meegesurfd op de golven van populisme, of gezwegen.

In de praktijk is de culturele, religieuze of politieke achtergrond van de daders minder relevant dan het feit dat het vrijwel uitsluitend om jonge mannen gaat. Misschien dat we ons bij het zoeken naar oorzaken en oplossingen meer daarmee bezig zouden moeten houden, dan met sektarisch en tribaal modder gooien.

In plaats van de polarisatie nog verder op te drijven, moeten we zoeken naar manieren om het oververhitte publieke debat te deëscaleren. Het debat over de politieke inhoud mag op het scherp van de snede worden gevoerd. Maar dat kan heel goed zonder karikaturen, zonder scheldwoorden, zonder opruiende taal. Een beschaafde toon van het debat is een gezamenlijke opgave voor alle politieke partijen.

Minister De Jager, weersta het gezang der Sirenen

Woensdag, 22 juni , 2011

Homerus beschrijft de list van Odysseus tegen de sirenen, die met hun wonderschone gezang de schepen dicht naar hun rotseilandjes lokken, zodat ze te pletter slaan. Odysseus beveelt zijn mannen hem aan de mast vast te binden, zodat hij naar het gezang kan luisteren, maar toch de juiste koers kan varen, zonder op de klippen te lopen.

Het lijkt me een goede tip voor minister De Jager. Onze minister van Financiën begrijpt heel goed dat wat Europa op dit moment nodig heeft, is eendracht, daadkracht en politieke wil. De situatie in Griekenland is zeer wel oplosbaar, maar geen enkele oplossing zal slagen zonder de nodige politieke wil en politieke moed. Minister De Jager realiseert zich terdege dat het redden van de eurozone impopulaire maatregelen zal vergen. Hij weet dat de eurozone stuurloos in gevaarlijke wateren is beland, en elk moment op de klippen kan lopen.

Maar de roeiers luisteren vooral naar de stem van de sirenen in hun thuisland. Zo is De Jager gebonden aan de stem van de Tweede Kamer, die hem opdroeg de “moeilijkste minister van Financiën in Europa” te spelen. De Jager kwijt zich braaf van zijn taak, maar met een gepijnigd gezicht. Hij weet dat de opdracht van de Kamer hem dwingt een spaak in het wiel te steken van de reddingsoperatie. Enerzijds willen eurosceptische partijen als de PVV niets liever dan de euro zien stranden. Anderzijds willen enkele oppositiepartijen als de PvdA vooral het Kabinet laten struikelen door de schoenveters aan die van de eurosceptische gedoogpartner te binden. Plasterk neemt voor lief dat daarmee de eurozone op het spel wordt gezet.

De minister zou zich moeten wapenen tegen deze stemmen. Hij moet uiteraard naar de volksvertegenwoordiging (Griekse uitvinding overigens) luisteren, maar hij moet zich niet in gijzeling laten houden. De toekomst van de eurozone moet nu zwaarder wegen dan de partijpolitieke spelletjes in Den Haag. De Jager moet de rug recht houden, en glashelder maken aan de Kamer wat er nodig is om de eurozone te redden. Net zoals Papandreou gisteravond laat van het Griekse Parlement een mandaat voor hervormingen heeft gekregen, moet de Tweede Kamer minister De Jager een mandaat geven om te doen wat nodig is in het algemeen belang.

Alle partijen in de Kamer moeten verantwoordelijkheid tonen voor de eurozone, en de minister voldoende handelingsruimte geven. Met het vertrouwen van de Kamer kan De Jager net als de Griekse held Odysseus tussen de klippen doorzeilen en het schip veilig in de haven brengen.

IN VERTROUWEN

Maandag, 30 mei , 2011

Ik wil een oud begrip uit de Europese eenwording weer eens uit de mottenballen halen: Lotsverbondenheid. Lotsverbondenheid ligt niet, zoals vaak gedacht, in een gezamenlijk verleden. Lotsverbondenheid ligt in het kiezen voor een gezamenlijke toekomst. Lotsverbondenheid is gebaseerd op vertrouwen. Maar vertrouwen komt niet vanzelf.

Voor een krachtige Europese Unie is onderling vertrouwen essentieel. Commentatoren wijzen er graag op dat het nooit iets gaat worden met dat Europa, want er is geen saamhorigheidsgevoel onder Europeanen. Vertrouwen is inderdaad niet vanzelfsprekend. We moeten ervoor kiezen. En als we dat doen, zijn we tot grote dingen in staat. Wij Europeanen hebben elkaar in de twintigste eeuw de meest vreselijke dingen aangedaan, en na 1945 en 1989 hadden we méér dan genoeg reden om elkaar te wantrouwen, maar toch hebben we gekozen voor vertrouwen en samenwerking. Daarmee hebben we Europa opgebouwd tot het continent met de beste kwaliteit van leven voor 500 miljoen burgers, een Europa dat de rest van de wereld tot voorbeeld is. Dat is een niet geringe prestatie.

Zelfvertrouwen is een voorwaarde om een ander te durven vertrouwen. Heeft Nederland zelfvertrouwen? Oppervlakkig gezien lijkt het zo. Maar in werkelijkheid lijdt Nederland aan een ernstige mate van zelfgenoegzaamheid en zelfoverschatting. Het gebrek aan zelfreflectie is een rem op verbetering en vernieuwing. Terwijl we grossieren in schimpscheuten over andere landen en ons wentelen in de mythe van Het Beste Jongetje van de Klas, zakt Nederland op alle relevante ranglijstjes en raken we onze koppositie kwijt.

Nationalisme en ongefundeerde prietpraat over onze eigen vermeende superioriteit, en de vermeende inferioriteit van anderen zijn gemeengoed geworden. De politieke leiders belijden lippendienst aan Europese samenwerking, maar door de cynische en spottende toon ontberen hun uitspraken over het belang van Europa elke geloofwaardigheid. Ook door mensen met gezag wordt gesproken over anderen in absurde karikaturen, die steeds vaker als werkelijkheid worden aangenomen. Tegelijkertijd leidt elke externe kritiek tot woedende reacties in een overgevoelig Nederland.

Wie luistert naar het huidige publieke debat, zou denken dat we zijn omgeven door tegenstanders en vijanden, die er op uit zijn om ons een poot uit te draaien, te onderwerpen of anderszins kwaad te doen. We worden geregeerd door angst en wantrouwen. Mensen wantrouwen hun medemensen uit andere landen of culturen. De overheid wantrouwt de burger. De burger wantrouwt de overheid en de politiek. Burgers wantrouwen elkaar.  Wantrouwen is de basis geworden voor alle beleid. We trekken nieuwe muren op om het gevaar buiten te houden, en willen alles controleren en reguleren om alle bedreigingen de baas te blijven.

Als we alleen de bedreigingen zien, worden we blind voor de kansen.  De wereld gaat door een periode van sterke economische en politieke turbulentie. Dat biedt bedreigingen, maar ook heel erg veel kansen voor wie ze wil zien. Juist in tijden van mondiale uitdagingen hebben we een sterk Europa nodig. Verdeeld zijn we zwak, maar samen kunnen we de nieuwe kansen grijpen en ook voor onze kinderen de welvaart en de vrijheid garanderen.

Het wordt hoog tijd voor een terugkeer naar de befaamde Nederlandse nuchterheid, en onze traditionele open blik op de wereld. Vertrouwen hebben in anderen vergt lef, maar ook dat hebben we genoeg.  We hebben genoeg reden tot zelfvertrouwen, en vertrouwen in de medemens. Met onze mede-Europeanen kunnen we kiezen voor een gezamenlijke toekomst, ervoor kiezen om samen te bouwen aan een welvarend, vrij, veilig en duurzaam Europa, dat koploper blijft in de wereld.

Het wordt tijd voor de nieuwe Lotsverbondenheid.

GRONDRECHTEN NIET WAARDEVAST ONDER VVD

Vrijdag, 8 april , 2011

Achter de schermen is de VVD al sinds vorig jaar bezig met studeren op mogelijkheden om het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in te perken. Nu opent VVD-er Stef Blok in een Volkskrant artikel  dan openlijk de aanval op het EVRM. Volgens Blok hinderen rechters de democratie en daarom moeten de mogelijkheden van het EVRM worden ingeperkt.  In deze logica moet de doodstraf worden heringevoerd als  51% van de Tweede Kamerleden dit wil.

Tijden veranderen, zegt Blok. Klopt als een bus. De tijden veranderen namelijk altijd, maar fundamentele waarden zijn onveranderlijk. Juist daarom is het nodig dat elementaire rechten en vrijheden worden beschermd tegen de waan van de dag. De aanval van de VVD bewijst hoe belangrijk het is dat het EVRM een buffer vormt tegen politieke tendenzen.

Wat in de laatste jaren is veranderd, is niet dat door het EVRM de beleidsruimte van Lidstaten krapper is geworden, maar andersom: sommige lidstaten zoeken steeds vaker de grenzen op of gaan er overheen.

Het is overigens opmerkelijk dat de VVD klaagt dat de rechter politiek bedrijft. Uitspraken van het Europese Hof van Justitie zijn een krachtige impuls geweest voor de ontwikkeling van de Interne Markt, waarbij Lidstaten werden verplicht barrières af te breken. Gek genoeg hoorde je de VVD daar niet over….

Blok vindt dat het EVRM de scheiding der machten bedreigt, en stelt vervolgens onbekommerd voor dat de politici de macht van de rechters moeten inperken. Rechters beschuldigen van een politieke agenda zijn trucs van een Berluscionaans kaliber, waar de VVD zich niet aan moet bezondigen. Zestig jaar VVD-traditie worden hier opgeofferd voor een gedoogakkoord met de PVV.

De EVRM geeft Nederland ruimte. De normen van het EVRM worden onderschreven door 47 landen, waaronder landen die niet bepaald een baken van democratie zijn. Het zijn minimumnormen en die kunnen voor een vooruitstrevende democratie als Nederland onmogelijk knellend zijn.

Het Hof in Straatsburg laat een “margin of appreciation” toe aan de lidstaten. Dat betekent: veel ruimte voor nationaal beleid en tradities. Verruiming van de margin of appreciation zoals de VVD wil levert weinig of niets op aangezien Nederland zelden door het Hof is veroordeeld, en het juist andere staten zullen zijn (zoals onder meer Turkije, Rusland, de Oekraïne, Roemenië) die een ruimere beoordelingsmarge zullen gebruiken om allerlei ernstige mensenrechten­schendingen te rechtvaardigen of om zich aan het toezicht van het Hof te onttrekken.

De Leidse hoogleraar Lawson stelt: ‘Het Hof wijst 95% van de klachten af. Nederland is in de afgelopen drie jaar in zegge en schrijve twee zaken veroordeeld, die allebei niets met de “nationale eigenheid” van ons land te maken hadden. Wat is dan het probleem?”

Het Hof in Straatsburg heeft in de afgelopen decennia inderdaad veel bereikt voor de mensenrechten, juist omdat het is gevrijwaard van politieke inmenging en onnodige inperking van de lidstaten. Als het aan de lidstaten had gelegen, waren er nooit baanbrekende arresten geweest om bijvoorbeeld homorechten te garanderen. Daar heb ik de VVD ook nooit over horen protesteren. Het gaat de VVD dus niet over het principe.

D66 ziet geen feitelijk probleem. Wat Blok eigenlijk wil zeggen is dat het asiel- en immigratiebeleid dat het VVD-CDA Kabinet nastreeft onder druk van de PVV, niet past binnen de zeer ruime grenzen van het EVRM. Een echte Liberaal zou daaruit concluderen dat zijn beleid kennelijk in strijd is met de mensenrechten. Blok concludeert dat de mensenrechten niet stroken met zijn beleid.

Dit waardenrelativisme van de VVD is bijzonder zorgelijk helemaal nu fragiele democratiseringsbewegingen in de Arabische wereld naar Europa kijken als rolmodel voor democratie, vrijheid en mensenrechten.

Op dit moment bereidt de EU zich voor op toetreding tot het EVRM, in lijn met het nieuwe EU Verdrag van Lissabon. Beetje merkwaardig om uitgerekend nu aan de stoelpoten van het EVRM te gaan zagen. De eerdere aanvallen van de Britse Conservatieven en nu ook van de VVD op het EVRM, waarbij het bestaansrecht van het EVRM en het Hof in twijfel worden getrokken, vormen een ernstige bedreiging voor de onafhankelijkheid van het Hof en zijn rechters. Onder zoveel politieke druk van de lidstaten zijn rechters eerder geneigd tot een zeer minimale uitleg van de mensenrechten. Daarbij delft de burger het onderspit.

Het EVRM is ooit ontworpen om burgers te beschermen tegen hun eigen overheid. Dat perkt per definitie de nationale beleidsruimte in. Daar hebben de 47 ondertekenende landen bewust voor gekozen. En de geschiedenis van Europa in de 20ste eeuw heeft afdoende aangetoond waarom het EVRM en het Hof van Straatsburg als luis in de pels moeten fungeren. Die luis in de pels is onmisbaar voor onze vrijheid. Ook als het af en toe jeukt.

Pensioenen in een notedop

Dinsdag, 8 maart , 2011

Ondanks een verregaande integratie van markt en munt, bleven de Lidstaten grotendeels autonoom op economisch en fiscaal gebied. Binnen de Europese Unie opereerden de 27 Lidstaten langs elkaar heen, en voerden elk afzonderlijk hun eigen beleid. Af en toe kwamen de regeringsleiders bijeen, spraken plechtige woorden over verregaande economische afstemming onder mooie titels als “Lissabon Strategie” of “EU2020″, om vervolgens elk huiswaarts te keren en onbekommerd door te gaan met business as usual.

Dit ging jarenlang goed, zolang de 27 notendopjes in economisch zonnige tijden op de kalme baren dobberden, elk notendopje met zijn eigen kapitein, autonoom en tevreden.

Losse notendopjes niet bestand tegen economische storm
Maar sinds de storm opstak, en we achtereenvolgens een financiële crisis, een economische crisis en een eurozone crisis te verstouwen kregen, blijkt dat de losse notendopjes niet erg zeewaardig zijn, en begint het besef door te dringen dat een gezamenlijke oceaanstomer veel meer bescherming biedt tegen de storm. Die oceaanstomer gaat dan wel één koers varen, en de notendopjes kunnen niet meer naar believen alle kanten op.

Bindende afspraken over gezonde pensioenstelsels
Dit betekent niet dat er een centrale planeconomie komt of dat Brussel over de details van onze pensioenen en sociale zekerheid gaat. Het gaat om het vaststellen van gemeenschappelijke doelen, en die dan daadwerkelijk naleven. Dat is niets nieuws: in het Stabiliteitspact staat allang dat landen niet alleen het begrotingstekort en de staatsschuld binnen de perken moeten houden, maar ook dat de pensioenstelsels “houdbaar” moeten worden gemaakt, zodat ze geen tijdbom gaan vormen onder onze gezamenlijke euro. Het systeem van niet-verplichtende afspraken, zonder mechanismen om naleving af te dwingen, werkt echter niet. Als landen de afspraken over pensioenhervorming aan hun laars lappen, is er in het oude systeem weinig dat Europa kan doen.

Garantie voor stabiele euro
Daarom is het essentieel dat er bindende afspraken komen over gezonde pensioenstelsels, die (desnoods met sancties) afgedwongen kunnen worden. Dat is geen “ongewenste Brusselse inmenging”, dat is de garantie voor een stabiele euro en de veiligheid van onze pensioenen.

Papa’s en Mama’s in Europa

Vrijdag, 22 oktober , 2010

Dat Europa helemaal geen “Ver-van-m’n-bed-show” is, maar juist heel dicht bij huis is, bleek deze week toen het Europees Parlement stemde over de herziening van de huidige EU regeling voor zwangerschapsverlof.

Het Parlement stemde onder meer voor een volledig doorbetaald zwangerschapsverlof van minstens 20 weken, 2 weken volledig doorbetaald vaderschapsverlof en een gelijke regeling voor adoptie-ouders.

Dit is niet de definitieve regeling, maar slechts de openingszet van het Parlement voor de onderhandelingen met de Raad (de Lidstaten).  Het valt te verwachten dat de Raad de regeling flink wil uitkleden, dus biedt de stevige inzet van het Parlement een kans op een redelijk compromis.  Om die reden heeft D66 vóór gestemd, hoewel we oorspronkelijk voor de optie met 18 weken verlof waren. Dit is ook de minimumnorm die de Internationale Arbeidsorganisatie van de Verenigde Naties aanhoudt in het belang van de veiligheid en de gezondheid van de moeder. Voor D66 was het ook belangrijk dat er een regeling komt voor vaderschapsverlof en voor adoptie-ouders.

De vernieuwingsagenda van de Europese Unie “EU2020” heeft als doel  gesteld om meer mensen kansen te geven op de arbeidsmarkt, en om vooral de arbeidsmarktdeelname van vrouwen omhoog te krijgen. Eén van de bouwstenen daarvoor is om de combinatie van werk en gezin makkelijker te maken voor jonge ouders. Daarvoor is zwangerschaps- en vaderschapsverlof alléén niet voldoende, maar het is wel een begin. 

De Europese Unie maakt op grond van de EU Verdragen en het Handvest van de Grondrechten wetten en regels over gezondheid en veiligheid op het werk, en over arbeidsvoorwaarden. Binnen de interne markt is dat bovendien nuttig, om te zorgen dat landen met een hoog beschermingsniveau geen concurrentienadeel ondervinden. Om die reden namen begin jaren ’90 werkgevers en werknemers het initiatief voor een regeling voor zwangerschapsverlof. De huidige voorstellen zijn een modernisering daarvan.

Kleine bedrijfjes maken zich – begrijpelijk – zorgen of een langer verlof voor werknemers geen buitensporige last voor hun organisatie vormt. Natuurlijk is voor een klein team de afwezigheid van een werknemer, en eventuele kosten, vaak heel lastig. Aan de andere kant hoort het stichten van een gezin bij het leven, en moeten we er juist voor zorgen dat het krijgen van kinderen niet leidt tot onnodige uitval van werknemers, zoals oneigenlijk ziekteverlof of het opgeven van de baan. De Europese landen die op dit moment de meest genereuze regelingen hebben – vooral de Scandinavische landen – hebben ook een krachtige en concurrerende economie.

Wat betreft zwangerschapsverlof zit Nederland met 16 weken op dit moment in de middenmoot. Maar op het gebied van vaderschapsverlof loopt Nederland met 2 dagen echt achter op de rest van Europa. Nederland loopt ook achter als het gaat om financiële zelfstandigheid van vrouwen en daarnaast zijn in Nederland de inkomensverschillen tussen mannen en vrouwen groter dan het Europese gemiddelde. Procentueel hebben veel Nederlandse vrouwen een baan, maar omdat het meestal gaat om kleine deeltijdbanen, is het overgrote deel van Nederlandse vrouwen economisch niet zelfstandig, en dus veel kwetsbaarder voor armoede wanneer de hoofdkostwinner wegvalt. Het aandeel vrouwen in topfuncties is nog steeds gênant laag (getuige ook het nieuwe Kabinet met slechts 20% vrouwen).

Om het voor jonge ouders makkelijker te maken om werk en gezin te combineren is meer nodig dan zwangerschapsverlof. Ook betaalbare en goede kwaliteit kinderopvang is daarvoor essentieel, net als flexibiliteit in de werktijden en een arbeidscultuur die rekening houdt met het feit dat mensen een gezin hebben. Op dat terrein valt nog één en ander te verbeteren (zo dragen de werkgevers momenteel nog niet de toegezegde 30% bij in de kosten van kinderopvang).

Er wordt wel betoogd dat dit soort regelingen niet opportuun zijn in tijden van economische crisis. Maar die mensen vergeten dat de regeling – als ze er al komt, en zeker in afgezwakte vorm – pas over enkele jaren van kracht zal worden. Nu investeren in arbeidsmarktdeelname is dan ook een kwestie van een vooruitziende blik.

Mogen EU Lidstaten de regels ongestraft aan hun laars lappen?

Maandag, 13 september , 2010

De botsing over de collectieve uitzetting van Roma uit Frankrijk deze week leek oppervlakkig gezien alleen een morele kwestie. Is er sprake van discriminatie en stigmatiseren van een hele bevolkingsgroep, en zijn uitzettingen niet in strijd met de burgerrechten? Maar de inzet van de strijd was eigenlijk ook een andere: is de EU bereid in te grijpen als een Lidstaat zich niet aan de wet houdt?

De laatste jaren is er een roep om zero tolerance voor burgers die de wet overtreden. Het repressieve instrumentarium van politie, justitie en veiligheidsdiensten is danig uitgebreid, burgervrijheden worden ingeperkt, alles en iedereen wordt aan ingrijpende controles onderworpen.

Merkwaardig genoeg zien we precies het tegenovergestelde als het gaat om overtredingen begaan door EU Lidstaten. Alle Lidstaten (ook het Braafste Jongetje van de Klas) overtreden met grote regelmaat de regels. Of het nu gaat om het wederrechtelijk collectief uitzetten van Roma, het verlenen van ongeoorloofde staatssteun, het inperken van de mediavrijheid, het schenden van de normen van het Stabiliteitspact, of het sjoemelen met EU subsidies. Je zou zeggen dat het principe van zero tolerance ook op wangedrag door Lidstaten van toepassing is, maar niets is minder waar.

In het huidige klimaat van nationalisme lijken de Lidstaten te menen dat ze boven de wet staan. De Europese Commissie is in de meeste gevallen de instantie die moet ingrijpen. Als het gaat om overtreding van de marktregels aarzelt de Commissie geen seconde. Invallen bij het ochtendgloren door de anti-kartelbrigade, of het opleggen van miljardenboetes aan grote bedrijven doet de Commissie zonder met haar ogen te knipperen. Maar als het erom gaat om nationale regeringen tot de orde te roepen en de naleving van de regels en afspraken af te dwingen, is de Commissie terughoudend en laat zich intimideren door de Lidstaten. Lidstaten accepteren geen “bemoeienis” van “Brussel”. Het niet naleven van de regels verzwakt het vertrouwen in de EU.

De financiële crisis heeft op brute wijze aangetoond dat strak Europees toezicht op financiële markten noodzakelijk is, net zoals de eurozone crisis aantoont dat Lidstaten niet in staat zijn zichzelf te controleren en disciplineren. Ook het uitgeven van EU subsidies door de Lidstaten heeft nog nooit een voldoende gekregen van de Rekenkamer. In al deze gevallen moet de EU bevoegdheid krijgen om te controleren, in te grijpen en sancties op te leggen. Maar de Lidstaten weigeren, en zeggen dus impliciet dat ze niet van plan zijn zich iets aan te trekken van Europese wetten en afspraken.

Van het op handen zijnde VVD, CDA + PVV Kabinet valt niet te verwachten dat het zal pleiten voor meer EU bevoegdheden voor het handhaven van de regels. Een nieuwe variant van gedoogbeleid.

HET VRIJE WESTEN – VERLEDEN TIJD?

Vrijdag, 30 juli , 2010

Het Europees Parlement gaat binnenkort beslissen over de toekenning van de jaarlijkse Sacharovprijs, de prijs voor vrijheid van denken die jaarlijks wordt toegekend aan moedige strijders tegen dictatuur, onderdrukking en intolerantie. De prijs wordt altijd toegekend aan personen in landen ver weg met autoritaire regimes, zoals China of Rusland. Maar is Europa nog wel zo’n baken van vrijheid en democratie? Kunnen we nog wel met hetzelfde moreel gezag anderen de les lezen over democratie en vrijheid?

Terwijl de VVD en het CDA achter gesloten deuren delibereren over regeren met de PVV (op het pluche dan wel vanuit de coulissen), neem ik de zomerberichten door. Een greep:

-          de OECD brengt een rapport uit over toenemende persbreidel in Europa

-          De VS gaan niet de daders vervolgen van kwalijke zaken rondom Afghanistan, maar boodschapper WikiLeaks

-          Minister Hirsch Ballin, zijn Franse collega, Hortefeux, de Burgemeester van Berlijn, en de VS regering hebben diverse voorstellen om de burger te kunnen bespieden en bestraffen zonder tussenkomst van de rechter. Communicatie van burgers mag worden onderschept, en vreedzame demonstranten worden gefilmd en in een databestand opgeslagen

-          Ik begin intussen mijn zoveelste rechtszaak om openbaarheid van bestuur te bewerkstelligen (momenteel over vertrouwelijke documenten rondom SWIFT en ACTA)

-          Uit een rapport blijkt dat de Nederlandse opsporingsdiensten de regels aan hun laars lappen bij het opvragen van persoonsgegevens voor opsporingsdoeleinden. Van de FBI was dat al jaren bekend, zoals ook weer blijkt uit het Top Secret America onderzoek van de Washington Post

-          Italië stuurt zonder wroeging honderden asielzoekers naar Lybie, waar ze worden opgesloten of de woestijn in worden gestuurd om te sterven, terwijl Frankrijk zint op manieren om Roma groepsgewijs en tegen de regels in, het land uit te zetten.

Niet in de pers komt hoe de VS (met enthousiaste steun van Europese regeringen) achter de schermen geen enkel middel schuwen om de hand te leggen op alle persoonsgegevens van Europese burgers, waarbij rechtsbescherming resoluut tot een betekenisloos minimum wordt beperkt.

Lichtpuntje: in Groot-Brittannië begint een onderzoek naar de rol in ondervragingen van terreur-verdachten. Maar in de rest van Europa blijft het oorverdovend stil over de medeplichtigheid aan extraordinary renditions, geheime gevangenissen, vervoer van honderden verdachten naar Guantanamo, en marteling en harde, onwettige verhoormethodes waaraan westerse ondervragers meewerkten of een oogje toeknepen.

Het vrije Westen, Europa en de VS, waren decennia lang de koplopers in democratie en vrijheid. Maar de laatste tien jaar zijn de burgerrechten drastisch ingeperkt, krijgen overheden schrikbarend brede bevoegdheden terwijl omgekeerd controle op de macht vrijwel onmogelijk wordt doordat steeds meer beleidsactiviteiten tot vertrouwelijk en geheim worden bestempeld. De burger leeft in een glazen huis, de overheid achter gesloten deuren. Gerechtelijke toetsing wordt geminimaliseerd.

Kritische (pers)stemmen wordt steeds vaker de mond gesnoerd, en elk afwijkend geluid wordt door de overheid scherp gemonitord. “Nationale veiligheid” en “openbare orde” zijn de klassieke toverwoorden waarmee dit alles gelegitimeerd wordt. Als een kikker die langzaam wordt gekookt in heet water, blijft een reactie van de burger uit, terwijl zijn vrijheid en rechten dag na dag, maatregel na maatregel worden ingeperkt. Het bouwwerk van mensenrechten, internationaal recht en burgervrijheden dat we na WOII hebben opgebouwd, wordt met de salamitactiek aan alle kanten ondermijnd, onder onnozel applaus van politici die in naam staan voor vrijheid en democratie.

Dit schiet me allemaal door het hoofd terwijl VVD en CDA praten over een mogelijke coalitie met de partij die pretendeert de vrijheid te verdedigen. Ik probeer me voor te stellen hoe het er na vier jaar VVD-PVV-CDA voor zal staan met de burgerrechten en de mensenrechten. Geen opwekkende gedachte. Maar des te meer reden om alle zeilen bij te zetten voor de vrijheid, de rechtsstaat en de democratie, zodat de Sacharovprijs niks van zijn glans verliest.