HET VRIJE WESTEN – VERLEDEN TIJD?

30 juli, 2010 door Sophie in 't Veld

Het Europees Parlement gaat binnenkort beslissen over de toekenning van de jaarlijkse Sacharovprijs, de prijs voor vrijheid van denken die jaarlijks wordt toegekend aan moedige strijders tegen dictatuur, onderdrukking en intolerantie. De prijs wordt altijd toegekend aan personen in landen ver weg met autoritaire regimes, zoals China of Rusland. Maar is Europa nog wel zo’n baken van vrijheid en democratie? Kunnen we nog wel met hetzelfde moreel gezag anderen de les lezen over democratie en vrijheid?

Terwijl de VVD en het CDA achter gesloten deuren delibereren over regeren met de PVV (op het pluche dan wel vanuit de coulissen), neem ik de zomerberichten door. Een greep:

-          de OECD brengt een rapport uit over toenemende persbreidel in Europa

-          De VS gaan niet de daders vervolgen van kwalijke zaken rondom Afghanistan, maar boodschapper WikiLeaks

-          Minister Hirsch Ballin, zijn Franse collega, Hortefeux, de Burgemeester van Berlijn, en de VS regering hebben diverse voorstellen om de burger te kunnen bespieden en bestraffen zonder tussenkomst van de rechter. Communicatie van burgers mag worden onderschept, en vreedzame demonstranten worden gefilmd en in een databestand opgeslagen

-          Ik begin intussen mijn zoveelste rechtszaak om openbaarheid van bestuur te bewerkstelligen (momenteel over vertrouwelijke documenten rondom SWIFT en ACTA)

-          Uit een rapport blijkt dat de Nederlandse opsporingsdiensten de regels aan hun laars lappen bij het opvragen van persoonsgegevens voor opsporingsdoeleinden. Van de FBI was dat al jaren bekend, zoals ook weer blijkt uit het Top Secret America onderzoek van de Washington Post

-          Italië stuurt zonder wroeging honderden asielzoekers naar Lybie, waar ze worden opgesloten of de woestijn in worden gestuurd om te sterven, terwijl Frankrijk zint op manieren om Roma groepsgewijs en tegen de regels in, het land uit te zetten.

Niet in de pers komt hoe de VS (met enthousiaste steun van Europese regeringen) achter de schermen geen enkel middel schuwen om de hand te leggen op alle persoonsgegevens van Europese burgers, waarbij rechtsbescherming resoluut tot een betekenisloos minimum wordt beperkt.

Lichtpuntje: in Groot-Brittannië begint een onderzoek naar de rol in ondervragingen van terreur-verdachten. Maar in de rest van Europa blijft het oorverdovend stil over de medeplichtigheid aan extraordinary renditions, geheime gevangenissen, vervoer van honderden verdachten naar Guantanamo, en marteling en harde, onwettige verhoormethodes waaraan westerse ondervragers meewerkten of een oogje toeknepen.

Het vrije Westen, Europa en de VS, waren decennia lang de koplopers in democratie en vrijheid. Maar de laatste tien jaar zijn de burgerrechten drastisch ingeperkt, krijgen overheden schrikbarend brede bevoegdheden terwijl omgekeerd controle op de macht vrijwel onmogelijk wordt doordat steeds meer beleidsactiviteiten tot vertrouwelijk en geheim worden bestempeld. De burger leeft in een glazen huis, de overheid achter gesloten deuren. Gerechtelijke toetsing wordt geminimaliseerd.

Kritische (pers)stemmen wordt steeds vaker de mond gesnoerd, en elk afwijkend geluid wordt door de overheid scherp gemonitord. “Nationale veiligheid” en “openbare orde” zijn de klassieke toverwoorden waarmee dit alles gelegitimeerd wordt. Als een kikker die langzaam wordt gekookt in heet water, blijft een reactie van de burger uit, terwijl zijn vrijheid en rechten dag na dag, maatregel na maatregel worden ingeperkt. Het bouwwerk van mensenrechten, internationaal recht en burgervrijheden dat we na WOII hebben opgebouwd, wordt met de salamitactiek aan alle kanten ondermijnd, onder onnozel applaus van politici die in naam staan voor vrijheid en democratie.

Dit schiet me allemaal door het hoofd terwijl VVD en CDA praten over een mogelijke coalitie met de partij die pretendeert de vrijheid te verdedigen. Ik probeer me voor te stellen hoe het er na vier jaar VVD-PVV-CDA voor zal staan met de burgerrechten en de mensenrechten. Geen opwekkende gedachte. Maar des te meer reden om alle zeilen bij te zetten voor de vrijheid, de rechtsstaat en de democratie, zodat de Sacharovprijs niks van zijn glans verliest.

Gele en rode kaarten bij schending EU Grondrechten

10 juli, 2010 door Sophie in 't Veld

Wie zich niet aan de regels houdt, krijgt straf. Dat is een algemeen aanvaard principe, zowel in het voetbal alsook binnen de EU. Bij illegale staatssteun, milieudelicten, kartels en andere overtredingen van EU wetgeving treedt de Commissie ferm op, legt miljardenboetes op of stapt naar de rechter om Lidstaten en bedrijven in het gareel te krijgen.

Maar als het gaat om grondrechten, kijkt de Commissie timide de andere kant op. De EU heeft een heel arsenaal aan regels en wetten betreffende de democratische spelregels en de grondrechten. Maar die regels worden soms door de Lidstaten met de voeten getreden. Homohaat van staatswege, bemoeienis van de politiek met de media, wettelijke beknotting van de persvrijheid, zonder proces terugsturen van asielzoekers, het opleggen van een staatsgodsdienst ten koste van andere levenbeschouwelijke en religieuze groepen, of het op grote schaal meewerken aan illegale ontvoeringen en uitlevering aan martelende regimes door de CIA: voorbeelden te over van kwesties waar EU ingrijpen en sancties volstrekt op hun plaats zouden zijn.

De Europese Commissie voert als reden vaak het slappe argument aan dat ze onvoldoende bevoegdheden en middelen heeft. Dat is flauwekul. De Commissie heeft voldoende handvaten om deze zaken daadkrachtig aan te pakken, zoals de EU Verdragen en het EU Handvest van de Grondrechten, anti-discriminatie richtlijnen, richtlijnen voor mediaconcentraties, enzovoort. De EU gaat zelfs toetreden tot het EVRM (Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens).

In een uiterst geval is er de mogelijkheid tot schorsing voorzien in het EU Verdrag. Na de episode Haider en de boycot van Oostenrijk werd een artikel in het Verdrag opgenomen (1), waarmee Lidstaten kunnen worden geschorst bij ernstige en systematische schendingen van de democratische spelregels en de grondrechten. Sinds Haider heb ik nog wel radicalere opvattingen gehoord. Een situatie als in Italië geeft wel degelijk aanleiding om heel serieus na te denken over sancties, en de anti-homowet in Litouwen moet door de Commissie voor de rechter worden aangevochten.

Het argument dat de Grondrechten geen EU aangelegenheid zijn, en dat de Commissie onvoldoende bevoegdheden heeft, houdt dus geen steek. In andere gevallen (gekke koeien ziekte, eurozone crisis) blijkt dat de EU ook met een heel dunne of zelfs afwezige rechtsgrondslag wel degelijk kan handelen, als de politieke wil er maar is.

Dat geldt overigens evenzeer voor het Europees Parlement zelf. Te vaak blokkeren de twee grote fracties van christen-democraten en socialisten debatten over misstanden binnen de EU Lidstaten. Te vaak lopen ze met een grote boog om gevoelige kwesties heen, terwijl we er als de kippen bij zijn om landen buiten de EU te kapittelen over democratie en mensenrechten.

Van kandidaat Lidstaten eisen we – terecht – dat ze aan de hoogste normen voldoen. Maar EU Lidstaten die op geen stukken na die normen halen, worden met rust gelaten, volgens de methode Herenakkoord-met-non-interventiebeginsel (de Lidstaten houden elkaar de hand boven het hoofd). De Europese Commissie is de laatste jaren danig verzwakt, en durft niet tegen de Lidstaten op te treden. Maar als we van Europa echt een gemeenschap van waarden willen maken, en ons moreel gezag in de wereld willen herstellen, dan moeten we serieus werk gaan maken van het naleven van de grondrechten.

Wie de democratische spelregels en de Grondrechten schendt, moet op het strafbankje!

  1: zie http://www.europa-nu.nl/id/vh25de3ygpxe/artikel_7_schorsing_rechten_lidstaat

 

Van hooiberg naar speld: stap vooruit, maar geen triomf

26 juni, 2010 door Sophie in 't Veld

 In juli stemt het Europees Parlement over de doorgifte van bankgegevens aan de VS. Het bereikte compromis zet niet direct aan tot het ontkurken van de champagneflessen. Alle positieve en negatieve punten bij elkaar opgeteld is het op z’n best een zes min.

De rechtsbescherming voor burgers is met vraagtekens omgeven, en er zijn twijfels of alle partijen wel serieus van zins zijn zich aan de afspraken te houden. Alle kritische opmerking van diverse kanten zijn zeer zeker terecht.

Maar één belangrijk punt is wel bereikt: op afzienbare termijn wordt de grootschalige doorgifte van data in bulk vervangen door een systeem waarbij data eerst binnen de EU worden gefilterd. Met andere woorden: als de VS om een speld vragen, sturen we ze niet langer de hele hooiberg, maar alleen de speld. Dit is voor D66 een kernpunt.

In het kader van een concreet politie-onderzoek, op grond van een gerede verdenking, en met enige vorm van gerechtelijke toetsing, valt het gebruik van persoonsgegevens binnen de kaders van de rechtstaat. Maar D66 is tegen het ongericht en grootschalig gebruik van volledige data bestanden, met het risico van o.a. data mining en profiling.

Het compromis biedt ook kansen op een grotere rol voor de Toezichthouder Bescherming Persoonsgegevens, en voor betere gerechtelijke toetsing.

Is het hiermee een goed akkoord? Nee. D66 had het veel liever anders gezien, en ook bij ons bestaan twijfels en aarzelingen. Maar gelijk hebben en gelijk krijgen zijn niet hetzelfde. Betere opties zijn niet voorhanden. Allereerst zitten de grootste tegenstanders van een betere regeling niet in Washington, maar in de Europese hoofdsteden: het zijn vooral de nationale regeringen in Europa die vasthouden aan deze regeling. Zij laten de bankgegevens van Europese burgers liever doorzoeken door Amerikanen, dan door een Europese instelling.

Daarnaast was in het Europees Parlement een absolute meerderheid van Socialisten en Christen Democraten bereid zonder noemenswaardige voorwaarden voor het akkoord te stemmen. Andere partijen wilden liever aan de zijlijn blijven staan, en waren niet bereid tot een compromis. Alleen omdat de Liberale ALDE fractie de leiding nam – eerst met rapporteur Jeanine Hennis-Plasschaert, daarna Alexander Alvaro – kon de beëindiging van de grootschalige doorgifte van data worden bedongen.

Ook al zou het Parlement het Akkoord een tweede keer afschieten, dan zouden de VS een overeenkomst sluiten met afzonderlijke Lidstaten, vooral België en Nederland, waar resp de hoofdzetel van SWIFT en de server staan. Het is onwaarschijnlijk dat het Nederlandse of Belgische parlement betere voorwaarden had weten af te dwingen.

D66 sluit zich dus aan bij het compromis. Niet met vreugde, en niet zonder twijfels. Mij persoonlijk gaat dit niet makkelijk af. Vaak houden we vast aan een zuivere, principiële lijn. Maar dat is niet altijd effectief, en aan de zijlijn kan je weinig bereiken voor de burgers. Soms kiezen we voor een compromis, omdat het betere kansen biedt om dingen beter te maken. D66 loopt niet weg voor moeilijke keuzes.

Doorgifte bankgegevens aan VS – de tweede ronde

16 juni, 2010 door Sophie in 't Veld

In Februari bezorgde het Europees Parlement de Raad (Lidstaten) een blauw oog met de verwerping van het EU-VS akkoord over de doorgifte van bankgegevens. Het Europees Parlement stelde tevens een lijstje op met voorwaarden waaraan een nieuw akkoord zou moeten doen.

De Europese Commissie ging terug naar de tekentafel, onderhandelde met de Amerikanen, en op 11 juni werd een nieuw akkoord gepresenteerd.

Hoewel het nieuwe akkoord zeker een aantal verbeteringen bevat, zoals betere rechtsbescherming voor EU burgers, schiet het voor D66 op een cruciaal punt nog steeds te kort. D66 eist dat het gebruik van persoonsgegevens alleen is toegestaan voor concrete onderzoeken van politie of justitie, als er een concrete verdenking is. Met andere woorden: geen doorgifte van hele bestanden (“in bulk”) en geen complete visexpedities in databestanden, zoals profiling of datamining.

In het nieuwe akkoord is weliswaar keurig vastgelegd dat alleen gegevens mogen worden doorgegeven in het kader van een concreet onderzoek, maar er is een addertje onder het gras: Europa bezit niet de technologie om die specifieke gegevens uit het databestand te filteren. Dus geeft de EU dan maar het hele (of een groot deel van) het databestand aan de Amerikanen, die wel de technologie hebben. Op deze manier kregen de VS feitelijk toegang tot vrijwel het gehele zoegeheten SWIFT bestand, door simpelweg elke maand één concreet verzoek om gegevens in te dienen.

Je zou zeggen dat dit probleem eenvoudig is op te lossen: geef ons de technologie, en we filteren de gegevens op EU grondgebied, en geven de VS alleen die gegevens waar ze om hebben gevraagd. Dit is precies wat het Europees Parlement had voorgesteld: laat het doorzoeken van de gegevensbestanden uitvoeren door Europol, de EU organisatie van samenwerkende politiediensten met hoofdkantoor in Den Haag.

Maar daar kwam de aap uit de mouw: de regeringen van de Lidstaten voelen daar helemaal niks voor. De nationale regeringen vinden het namelijk prima dat de Amerikanen onze bankgegevens krijgen en doorzoeken. De regeringen stellen dat dit een heel goede regeling is, want zo doen de VS gratis en voor niks het zoek- en analysewerk. Eigenlijk wordt dus het werk van inlichtingen- en politiediensten uitbesteed aan de VS, in plaats van dat we het door ons eigen Europol laten doen.

De nationale regeringen staan dus eigenlijk aan de kant van de Amerikanen, en willlen vasthouden aan de doorgifte in “bulk” van onze bankgegevens. Het Europees Parlement eist dat daar een einde aan komt. Beiden moeten het akkoord goedkeuren. Dat maakt de positie van Eurocommissaris Malmström buitengewoon lastig.

Veel Europarlementsleden vinden dat het nieuwe akkoord niet aan de voorwaarden voldoet. Maar de druk is groot om een tweede afwijzing te voorkomen. Bij een tweede ´nee´ is het waarschijnlijk dat de VS bilaterale afspraken gaan maken met de EU Lidstaten, waardoor de situatie nog ondoorzichtiger en ongrijpbaarder wordt.

Wordt vervolgd.

Ongevraagd advies aan Rutte: maak Nederland niet stoorzender in Europa

12 juni, 2010 door Sophie in 't Veld
De verkiezingen hebben de VVD een overwinning bezorgd, maar daarmee ook een razend moeilijke opdracht om een Kabinet te formeren. Een meerderheid van de VVD leden heeft zich kennelijk uitgesproken voor een coalitie met PVV en CDA. Ik zou ze dat van harte afraden, met het oog op de positie van Nederland in Europa.
 
Een coalitie met PVV en het Eurosceptische deel van de VVD betekent dat Nederland op tal van dossiers dwars zal gaan liggen. Met het blokkeren van besluiten in Europa krijgt Nederland geen invloed in Europa, maar wel de reputatie van stoorzender. Dat wekt irritatie, en Nederland hoeft dan niet op steun te rekenen van andere landen op dossiers die voor ons van belang zijn.
 
Er staan een aantal belangrijke zaken op de EU agenda voor de komende maanden en jaren, waar een PVV-VVD alliantie vermoedelijk zal botsen met veel andere lidstaten. Het risico is aanzienlijk dat een PVV-VVD regering de besluitvorming in Europa verlamt en vooruitgang op belangrijke zaken blokkeert. Of het nu gaat om meer bevoegdheden voor de Commissie in het kader van het Stabiliteitspact, om de nationale bijdrage aan de EU, verdere politie- en justitie samenwerking, en het Europees Buitenlands beleid.
 
Een PVV-VVD coalitie zal ook de stabiliteit van de Eurozone ondermijnen. De financiële markten testen momenteel de besluitvaardigheid van Europa. De Eurozone staat op een kruispunt. Verder met dezelfde structuren is geen optie meer. Zoveel is duidelijk geworden uit de Eurozone-crisis, dat een muntunie niet zonder politieke unie kan.
 
Daarom vormt zich nu een consensus over vergaande bevoegdheden voor de Europese Commissie om de nationale begrotingen door te lichten, de boeken te controleren en sancties op te leggen. Het valt te verwachten dat een PVV-VVD regering daar een stokje voor gaat steken. Dat zal het vertrouwen van de financiële markten in de Euro een ernstige klap toebrengen, en daarmee komt de stabiliteit van onze gezamenlijke munt in gevaar.
 
De VVD zou zich ook goed moeten beraden op haar inbedding in de Europese liberale familie. De Liberale ALDE fractie in het Europees Parlement, waar zowel D66 als VVD deel van uitmaken is uitgesproken pro-Europees en wordt aangevoerd door de aarts-Europeaan Guy Verhofstadt. De ALDE fractie vindt, net als D66, dat Europa op tal van terreinen sterkere bevoegdheden moet krijgen.
 
ALDE is ook koploper op thema’s als burgerrechten, privacy, gelijke behandeling, en een menswaardig en effectief asiel- en immigratiebeleid. Dat verhoudt zich slecht met de agenda van de PVV en het conservatieve, Eurosceptische deel van de VVD.
Het is de vraag welke kant de VVD Europarlementariërs zullen kiezen als de standpunten van ALDE en van een PVV-VVD coalitie botsen, en of de VVD systematisch en vergaand wil afwijken van de fractie waar ze deel van uitmaakt.
 
Kortom, de keuze van coalitiepartner heeft niet alleen gevolgen voor intern beleid in Nederland, maar ook voor de positie van Nederland in Europa, en voor de toekomst van Europa.
 
Ik raad de aanstaand premier van Nederland dringend aan deze elementen mee te nemen in zijn overwegingen.

Breekpunt Europa?

31 mei, 2010 door Sophie in 't Veld

De campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen vertoont een merkwaardige witte vlek: Europa. Het is een vergissing te denken dat de verkiezingen alleen over binnenlandse aangelegenheden gaan, want in de komende maanden en jaren vallen er veel belangrijke besluiten in de EU. Maar toch zwijgen de meeste partijen als het graf over hun intenties, of ze hebben standpunten waarover ze toch wel eens publiekelijk aan de tand gevoeld mogen worden.

Zo zal het nieuwe Kabinet onder andere moeten onderhandelen over de nieuwe 7-jaren begroting van de EU, over nieuwe bevoegdheden voor de EU om begrotingsdiscipline te garanderen, en over nieuwe EU anti-discriminatiewetgeving.

D66 heeft in april dit jaar de standpunten op EU vraagstukken glashelder neergelegd in het verkiezingsprogramma en in moties. Maar niet alle partijen geven die duidelijkheid.

Bijvoorbeeld over de lessen die we trekken uit de eurozone crisis. Zo pleiten zowel VVD als PvdA voor een “onafhankelijke instantie” die moet toezien op de naleving van het Stabiliteitspact. Het is op zich al verbazend dat de bureaucratiebestrijders van de VVD pleiten voor het opzetten van alweer een nieuwe EU instantie, maar de kernvraag laten beide partijen open: wie heeft uiteindelijk de macht om sancties op te leggen, en desnoods een land onder curatele te stellen? Wordt dat EU bevoegdheid, zoals D66 voorstelt, of blijft het bij het oude systeem, waar de Lidstaten zichzelf moeten beoordelen en disciplineren? Willen PvdA en VVD vasthouden aan de slager die het eigen vlees keurt?

D66 vindt het helemaal niet nodig om alweer een nieuwe onafhankelijke instantie op te zetten. Die is er namelijk allang: de Europese Commissie. Maar die moet wel de nodige bevoegdheden krijgen. In plaats van de Commissie te verzwakken, zoals de nationalistische politici nastreven, moeten we de Commissie juist versterken, als garantie tegen “elk land voor zich”. Diezelfde partijen die zo flink pleiten voor “minder Brussel”, zijn dus ook verantwoordelijk voor “minder controle op de cijfers”. Gaat een Kabinet met VVD of PVV de EU eindelijk de nodige bevoegdheden geven om de nationale begroting en statistieken te controleren, of prevaleert hun euroscepsis boven het belang van een stabiele euro?

De PvdA moet ook eens uitleggen waar ze nu eigenlijk staat op het punt van begrotingsdiscipline. De laatste weken trompettert de partij dat het Stabiliteitspact strenger moet worden. Dat staat in scherp contrast met de traditionele positie van de PvdA en de Eurosocialisten over begrotingsdiscipline. In het Europees Parlement hebben de socialisten consistent gepleit voor een “soepeler” Stabiliteitspact. In 2004 pleitte de PvdA nog tegen een “rigide toepassing” van het Stabiliteitspact, maar in 2010 is de PvdA voor strengere regels. Datzelfde Stabiliteitspact schrijft voor in welk tempo een land moet bezuinigen. Maar Lijsttrekker Job Cohen wil geen “roekeloze” bezuinigingen. Vindt de PvdA de regels van het Stabiliteitspact dus roekeloos? Het is de kiezer vergeven als hij het niet meer weet.

Binnenkort start de discussie over de nieuwe EU meerjarenbegroting. De VVD wil de Nederlandse bijdrage halveren en de PvdA wil de korting van 1 miljard behouden.  Maar wat gaan VVD en PvdA doen als andere landen ook een uitzondering op de regel eisen? D66 pleit al sinds jaar en dag voor een volkomen nieuw systeem van eigen inkomsten voor de EU, ter vervanging van de nationale bijdragen. Dit is ook het standpunt van de Europese Liberalen, en van Groen Links. Waar staan de VVD en PvdA in een eventuele coalitie?

De komende jaren komt ook het thema ‘pensioenen’ stevig op de politieke agenda. Hoewel pensioenstelsels strikt nationale bevoegdheid zijn, kunnen we niet blind zijn voor het feit dat pensioenfondsen onderdeel zijn van de financiële markten, en dat de nationale pensioenverplichtingen impact hebben op de eurozone. De Europese Commissie heeft al een voorzet gegeven met een discussiestuk over o.a. pensioenleeftijd. Het valt te verwachten dat er een hoge mate van afstemming binnen de EU moet komen, en dat dit thema zich de komende jaren gaat opdringen. Welke partijen staan open voor deze discussie, en welke partijen verklaren het taboe?

Er zijn ook niet financieel-economische besluiten die de komende jaren gaan vallen. Zoals de EU Anti-discriminatierichtlijn. De Lidstaten hebben weinig trek in een Europese Richtlijn die verbiedt om bijvoorbeeld homo’s en gehandicapten te discrimineren. D66 streeft naar een krachtig instrument tegen discriminatie, met zo min mogelijk uitzonderingen. Burgers in heel Europa moeten zich voor de rechter kunnen verweren tegen discriminatie. In het Europees Parlement stonden PvdA, SP en VVD zij aan zij met D66 en Groen Links voor een sterke Anti-Discriminatierichtlijn. Maar in de Tweede Kamer doen deze partijen er alles aan om de Richtlijn zo veel mogelijk uit te kleden, onder het mom van subsidiariteit. Kunnen PvdA, VVD en SP aangeven of ze zich de komende jaren gaan inspannen voor een krachtige EU anti-discriminatieregeling?

En hoe gaan CDA, PvdA, VVD, SP en PVV in een Kabinet hun plannen voor immigratie en integratie uitvoeren, als die in strijd blijken te zijn met EU wetgeving? (zoals twee Hoogleraren concluderen in een NRC artikel op 27.05.2010)

Misschien moeten de TK-verkiezingsprogramma’s voortaan niet alleen door het CPB worden doorgerekend, maar ook worden getoetst op hun conformiteit met EU wetgeving.

Maar tot het zover is, moeten de partijen voor 9 juni maar eens laten weten wat de kiezer mag verwachten op Europese punten.

Internetfilters voor kinderporno niet effectief

30 maart, 2010 door Sophie in 't Veld

Iedereen zal het erover eens zijn dat kindermisbruik een vreselijke misdaad is, die met alle wettelijke middelen bestreden moet worden. Maatregelen die genomen worden moeten wel effectief zijn en geen schijnmaatregelen. De Europese Commissie heeft nu voorgesteld om lidstaten te verplichten om ervoor te zorgen dat websites geblokkeerd worden waarop je kinderporno kunt zien.

Maar een filter is niet effectief, want het kan makkelijk omzeild worden. Zo lang je afbeeldingen niet van het internet haalt blijven ze zichtbaar. Het probleem is overigens niet dat er geen middelen zijn om kinderporno van het internet te halen, want kinderporno is overal illegaal en overheden hebben allang de verplichting om het van het internet te verwijderen. Binnen de EU kan dit geregeld worden met Europese wetten en politie- en justitiesamenwerking. Het zijn voornamelijk landen buiten de EU die hier veel te laks in zijn. Met name de VS, waar veel van dit soort sites zijn gevestigd, geeft nauwelijks gehoor aan verzoeken van Europese politiediensten.

De oplossing ligt in het handhaven van de wetten en afspraken. Dat kan lastig zijn met landen buiten de EU, maar zeker met een bevriende natie als de VS is het niet aanvaardbaar dat de afspraken niet worden nagekomen. Europa moet zich niet schikken in de onbereidwilligheid van de VS en dan maar met schijnoplossingen komen.

Filters bieden dus geen daadwerkelijke bescherming tegen seksuele uitbuiting van kinderen. Daarnaast hebben filters ook nadelen. Door het blokkeren van sites, en beperken van vrijheid op het internet wordt een precedent geschapen. Misbruik door de overheid, en een sluipende uitbreiding van de doelen waarvoor een site geblokkeerd mag worden zijn niet ondenkbeeldig. Zo kunnen sites met bepaalde politieke denkbeelden als onwenselijk worden aangemerkt, of kunnen vermeende copyrightschendingen of concurrentievervalsing worden aangeroepen als argument voor blokkeren.

De voorstellen van de Europese Commissie zullen niet plotsklaps een einde maken aan de vrijheid op het internet, maar er is geen enkele noodzaak voor dergelijke bevoegdheden, ze staan op gespannen voet met de huidige regels voor vrijheid van meningsuiting, en geen enkel slachtoffertje van kindermisbruik is ermee geholpen.

Ik zeg dus: Niet Doen!

Tanden voor de Tijger?

26 maart, 2010 door Sophie in 't Veld

Witte rook: de EU Raad heeft overeenstemming bereikt over hulp aan Griekenland. Dat is goed nieuws, want nog langer dralen zou funest zijn voor de stabiliteit van de euro, onze gemeenschappelijke munt.

Maar hoe het akkoord over steun aan Griekenland nu echt in elkaar zit is lastig te achterhalen. De officiële verklaring (http://www.consilium.europa.eu/uedocs/cms_data/docs/pressdata/en/ec/113563.pdf) is als altijd nogal neutraal en nietszeggend, en de politici en media in de verschillende Lidstaten hebben elk hun eigen versie van de feiten. Zo stellen de Nederlanders dat Griekenland éérst moet aankloppen bij het IMF, en dat Europese hulp alleen aanvullend is. Iets anders kunnen ze het thuisfront ook niet verkopen.  Maar EU Voorzitter Van Rompuy stelt in de EUObserver nadrukkelijk dat IMF en EU hulp gelijktijdig worden gegeven. De tekst van het Raadsakkoord lijkt eerder die interpretatie te bevestigen.

In politieke debatten die aan elkaar hingen van karikaturen over vlijtige, brave Noorderlingen en luie, sjoemelende Zuiderlingen, verklaarden Nederlandse en Duitse politici ferm dat er geen cent van hun belastingen naar Griekenland zou gaan. Dat was vooral bedoeld voor de buehne (in beide landen zijn er binnenkort verkiezingen), want Griekenland laten vallen was nooit een serieuze optie. De stabiliteit van de euro in gevaar brengen door misplaatst nationalisme zou een fout van de eerste orde zijn.

Het IMF is een respectabele instelling, met een enorme deskundigheid en het instrumentarium om landen te helpen hun huishoudboekje op orde te brengen. Maar toch is het jammer dat Europa een beroep doet op het IMF om Europese problemen op te lossen. De onwil en onvermogen van Europa zullen het vertrouwen van de wereld in de euro aantasten. Ook is het een rare situatie dat het IMF, waar ook concurrerende landen in vertegenwoordigd zijn, grip krijgt op een deel van de eurozone. Uiteraard is het IMF onafhankelijk en neutraal, maar het is toch lastig voor te stellen dat de Verenigde Staten een beroep zouden doen op het IMF om, laten we zeggen, een failliete staat Californië te helpen.

De Grieken hebben gefraudeerd met de statistieken. Dat is onvergeeflijk. Er moet dan ook een diepgaand onderzoek komen, met strafrechtelijke sancties voor de verantwoordelijken. In dat onderzoek moet ook worden bekeken wie er binnen de EU allemaal op de hoogte waren dat de cijfers van de Grieken niet klopten.

Maar de fraude is een heel andere kwestie dan de hoge tekorten en schulden. Griekenland is niet de enige. Groot Brittannie heeft bijvoorbeeld een tekort van 12%, Nederland van ruim 6%. Er zijn ook ernstige zorgen over Portugal, Spanje en Ierland. En ook voor de economische crisis waren er al (grote) landen die stelselmatig niet binnen de normen van het Stabiliteitspact bleven. Ironisch genoeg deden juist de armere Oost-Europese landen het niet slecht.

Griekenland is dus eerder het symptoom dan het probleem. Griekenland is een wake up call voor Europa: de crisis toont de zwakte van een muntunie zonder politieke onderbouw. Een munt waar geen politieke macht achter zit, een macht die besluiten kan nemen en problemen kan oplossen, is een zwakke munt die geen vertrouwen zal krijgen van de markten. In dat verband is het verheugend dat de Lidstaten nu eindelijk over willen gaan tot het bindend maken van het Stabiliteitspact. Het Stabiliteitspact heeft goede regels, maar bij gebrek aan handhavingsinstrumenten is het een papieren tijger. Het Stabiliteitspact is de laatste weken ineens weer zeer populair. Iedereen erkent het nut van begrotingsdiscipline. Dat is niet altijd het geval geweest. Vooral de linkse partijen vonden de regels van het Stabiliteitspact te knellend, en tijdens de economische crisis bepleitten ze zelfs een buitenwerking stellen van het Stabiliteitspact.

De situatie in Griekenland toont glashelder aan dat bevoegdheid tot ingrijpen door de EU in nationale zaken essentieel is. Het gister gesloten akkoord lijkt in die richting te wijzen, en dat is toe te juichen. Misschien krijgt de Europese tijger dan toch nog tanden.

Don’t mention the war!

20 maart, 2010 door Sophie in 't Veld

Ik heb deze week onbedoeld reuring veroorzaakt met een tweet. Tijdens het Kamerdebat over de steun aan Griekenland ontstond een verhitte discussie op Twitter.  In een Kamermotie werd  elke steun aan Griekenland van Nederlands belastinggeld uitgesloten. Ik was zeer onaangenaam getroffen door de toonzetting van die motie, en het volstrekte gebrek aan solidariteit dat eruit sprak. Er zijn allerlei goede redenen aan te voeren om tegen steun aan Griekenland te zijn (en nog betere om voor te zijn), maar de kille, soms vijandige toon, de karikaturen en vooroordelen over de Grieken in het debat, waren niet erg verheffend. Mijn tweet beoogde dat aan de kaak te stellen, en het contrast te laten zien tussen “niet van mijn belastingcenten” en solidariteit van naties tegenover elkaar.  

In 2005 onderhandelden de EU Lidstaten over de Meerjarenbegroting. Nederland eiste dat de nationale bijdrage omlaag ging waarop de onderhandelingen leken vast te gaan lopen. De (toen) nieuwe Oost-Europese Lidstaten toonden toen grote inschikkelijkheid, en waren bereid met minder genoegen te nemen (of zelf meer bij te dragen, afhankelijk van je perspectief) om de onderhandelingen vlot te trekken. Die landen hadden aanmerkelijk minder te verteren dan wij. Hierbij gaat het om solidariteit, niet om liefdadigheid of onbaatzuchtigheid. En er is niks mis met een dosis gezond eigenbelang, maar ook solidariteit, steun en saamhorigheid zijn essentieel in de internationale gemeenschap (en dus indirect ook in ons eigen belang).

Natuurlijk zijn de Grieken zelf verantwoordelijk voor hun situatie, en moeten ze het ook zelf oplossen. Dat spreekt vanzelf. Maar Nederland mag toch hopen dat als wij onverhoopt ooit eens in de penarie van eigen makelij zitten, andere landen ons meer solidariteit betonen dan wij nu bereid zijn te geven.

Gezien het risico op misverstanden door de Marshallhulp erbij te halen had ik, terugkijkend, beter een ander voorbeeld kunnen kiezen. Vooral omdat de ophef de werkelijke kwestie aan het zicht heeft onttrokken. Ik heb op Twitter meteen duidelijk gemaakt wat ik bedoelde. Ondanks dat heeft Elsevier toch een kop op de site gezet waarin staat dat ik steun aan Griekenland met de Marshallhulp vergelijk. Ook na een mondelinge toelichting aan de journalist bleef de kop staan.

Laat ik helder zijn: steun aan het in financiële nood verkerende Griekenland heeft helemaal niets te maken met de Marshallhulp van de VS aan Europa na WOII. De tweet die tot ophef leidde ging dan ook niet over steunoperaties zelf, maar over de reflex van solidariteit met andere landen.

D66 wil geen schijnmaatregelen voor lastenverlichting

10 maart, 2010 door Sophie in 't Veld

 Een van de speerpunten van D66 tijdens de campagne voor de Europese verkiezingen was dat de administratieve lasten voor bedrijven verminderd moeten worden.

Het Europees Parlement heeft vandaag ingestemd met het voorstel van de Europese Commissie om bedrijfjes met maximaal tien werknemers vrij te stellen van de verplichting om een jaarrekening op te stellen. Dat klinkt misschien op het eerste gezicht sympathiek, omdat het lijkt alsof kleine bedrijfjes hiermee geholpen zijn. Ik geloof alleen niet dat vrijstelling automatisch zal leiden tot minder administratieve lasten voor bedrijfjes. Ze zullen namelijk nog steeds hun jaarrekeningen op orde moeten hebben voor instanties als de Belastingdienst.

Daarnaast wordt het voor kleine bedrijven alleen maar duurder  omdat  banken bij de aanvraag voor een krediet meer tijd en geld kwijt zijn om inzicht te krijgen in de financiële gegevens.

De vrijstelling is slecht voor de concurrentiepositie als landen allemaal hun eigen regels gaan hanteren want dat is nu het gevolg. Stel dat België gebruik gaat maken van de uitzondering voor kleine bedrijven en Nederland niet, dan weten Belgische bedrijven straks veel meer over Nederlandse bedrijven dan omgekeerd. Dat is slecht voor de concurrentiepositie.

Het is belangrijk om paal en perk te stellen aan het oerwoud aan regels voor bedrijven. Maar in plaats van korte termijn symboolpolitiek  moet naar een structurele oplossing worden gezocht waar kleine bedrijven echt iets aan hebben.