Alle berichten bij ‘Uncategorized’

In de herkansing

Vrijdag, 2 december , 2011

We hebben meer Europa nodig. Daarover lijkt inmiddels zelfs in conservatieve hoek consensus te bestaan. Maar laten we nu vooral ook een ánder Europa bouwen. Het vermolmde intergouvernementele apparaat moet opzij en plaats maken voor een slagvaardig, democratisch, ja federaal Europa. Een politieke unie waar 500 miljoen burgers de koers bepalen, in plaats van 27 regeringsleiders in achterkamertjes.

Angela en Nicolas werken hard aan een nieuw EU-Verdrag, waarmee ze denken dat Europa de toekomst aankan. Verdragswijzigingen waarmee de vrijblijvendheid van het Stabiliteitspact wordt omgezet in afdwingbare afspraken, zijn een belangrijke en noodzakelijke stap vooruit. Maar het is bij lange na niet genoeg.

De Europese Unie moest al jaren geleden ingrijpend worden hervormd. Maar de opeenvolgende pogingen daartoe – in 2000 Nice, in 2005 de Grondwet, in 2009 Lissabon – ademden geen sfeer van visie en vooruitgang, maar juist van gloeiende remmen. Met het enthousiasme van een kalkoen die de kerstdis moet bereiden, werkten de nationale regeringsleiders aan de overdracht van bevoegdheden aan Europa. Niet de vraag was leidend wat Europa nodig heeft om haar taken goed te vervullen, maar de vraag hoe zoveel mogelijk (schijn)macht bij de nationale politici kon blijven. De huidige crisis legt genadeloos bloot dat Europa niet te machtig werd, maar juist zwak en onmachtig op het moment dat het erop aan komt. De mythische superstaat blijkt in werkelijkheid een politieke dwerg.

Het resultaat van 15 jaar blokkeren van Europese integratie: de grootste financieel-economische crisis sinds een eeuw. Een zwak en verlamd Europa op de rand van de afgrond. En de touwtjes uit handen gegeven – niet aan Brussel, maar aan het IMF in Washington. Met dank aan de eurosceptici.

In het belang van de Nederlandse burgers moet premier Rutte de barricaden op voor een krachtige politieke unie. De schuldencrisis is niet het probleem, maar een symptoom. Met uitsluitend technische aanpassingen gericht op meer begrotingsdiscipline bestrijden we wel de symptomen, maar niet de kern van het probleem: de onwerkbaarheid van een supranationaal systeem waarin ieder land zijn eigen veto heeft.

De CDU van Merkel nam vorige maand op haar partijcongres een onomwonden federale visie op Europa aan. Een door de bevolking gekozen president van de Europese Commissie en een parlementair tweekamerstelsel: het Europees Parlement namens de burgers, de Raad namens de lidstaten.

Dat is uitstekend. Maar voor een echte Europese democratie moeten we nog net een stapje verder. Verlammende veto’s moeten worden afgeschaft. De Europese Commissie moet kleiner en bij de Europese verkiezingen rechtstreeks door de burger worden gekozen. Naast de eurocommissaris met de nieuwe portefeuille voor toezicht op de nationale begrotingen, moet de eurocommissaris voor Buitenlandse Zaken volwaardige bevoegdheden krijgen. Het Europees Parlement moet individuele commissarissen ter verantwoording kunnen roepen en desnoods naar huis kunnen sturen. Het Europese Handvest van de Grondrechten moet net zo hard en afdwingbaar worden als het nieuwe Stabiliteitspact. Er moet adequate democratische controle komen op het nieuwe Europese Stabiliteits Mechanisme. En tenslotte moet de herziening van de Europese wet openbaarheid bestuur leiden tot daadwerkelijke transparantie. Checks and balances zijn onmisbaar voor een vitale democratie.

Na de mislukte hervormingspogingen van Nice, de Grondwet en Lissabon biedt deze crisis ons een herkansing. Laten we dit keer slagen!

Een half ei is geen ei

Zondag, 27 november , 2011

Proto-PVV’er Frits Bolkestein schaarde zich gister in de rij van wensdenkers van het opbreken van de euro in een ‘neuro’ en een ‘zeuro’. Veel Nederlanders en Duitsers klinkt dit aantrekkelijk in de oren. “Good riddance”, denken ze: “zonder die luie, frauderende zuiderlingen zijn we beter af. Fijn onder elkaar: ijverige, zuinige, eerlijke, betrouwbare noorderlingen” (die nijvere noorderlingen zijn ook niet bepaald unaniem voorstander van begrotingsdiscipline, maar dat wordt voor het gemak over het hoofd gezien).

Het idee dat we met de ‘neuro’ beter af zijn, is vooral gebaseerd op licht xenofobe karikaturen, niet op feiten en verstand. Wat Bolkestein en anderen over het hoofd zien, is dat de euro niet een simpel ruilmiddel is tussen Europese landen die onderling handel drijven. De euro is ook een wereldmunt. De euro is een onmisbare pijler onder de Europese interne markt als economisch blok in de wereld. Daar kan je niet zomaar zonder gevolgen een stukje afsnijden. We krijgen geen ‘neuro’ maar een ‘duuro’ (of ‘Teuro’, zoals de Duitsers zeggen).

Zelfs als alleen het kleine Griekenland uit de eurozone wordt gezet, is de euro niet meer dezelfde munt als voorheen. De kracht van de euro ligt niet alleen in de financieel-economische statistiekjes van elk afzonderlijk land, maar ook en vooral in de politieke geloofwaardigheid van het bestuur van de eurozone. Als Europa er niet in slaagt Griekenland aan boord te houden, zegt dat heel veel over de politieke zwakte van Europa. En wie gelooft er nu in een munt met een zwak economisch bestuur, waar landen zomaar in- en uit kunnen stappen? De VS zitten minstens net zo diep in de economische misère als Europa, misschien nog wel dieper. Maar niemand twijfelt aan de eenheid van de dollarzone. Het is ondenkbaar dat een van de Amerikaanse staten bij economisch kwakkelen uit de dollar zou worden gezet.

Bolkestein stelt terecht vast dat bij de start van de euro een weeffout is gemaakt. In plaats van de zaak nu uiteen te rafelen, moeten we een nieuw stramien opzetten en de weeffout herstellen. De eurozone moet snel een krachtig bestuur met bevoegdheden krijgen en het vertrouwen van de wereld in de euro herstellen.

Alliantie voor een sterk Europa (English version below)

Woensdag, 16 november , 2011

Europa is op weg naar desintegratie. Tenzij we nu in beweging komen en alle zeilen bijzetten voor een sterk, democratisch en slagvaardig Europa. Voor dat doel is het noodzakelijk dat partijpolitieke belangen nu worden overbrugd. Alle krachten moeten zich bundelen in een Alliantie voor Europa.

Europa verkeert in een diepe crisis. Een financiële, economische, maar vooral een politieke crisis van ongekende omvang. Terwijl de paniek toeneemt, het vertrouwen in Europa daalt en investeerders weglopen, is de politieke besluitvorming volstrekt vastgelopen. Politici zijn verlamd, verdoofd en niet meer in staat in beweging te komen. Ze draaien rondjes om elkaar en om de hete brij, en verliezen zich in schijngevechten over irrelevante details.

De wereld verandert ingrijpend. De technologische vooruitgang brengt een maatschappelijke omwenteling teweeg. Tegelijkertijd vinden er tektonische verschuivingen plaats in de geopolitieke verhoudingen. De hegemonie van Europa en de Verenigde Staten is niet meer vanzelfsprekend. Europa vormt een steeds kleiner deel van de wereldbevolking. De wereld zoals wij haar kenden, is er niet meer en komt ook niet meer terug.

Om onze verworvenheden – welvaart, vrijheid, veiligheid – ook voor de toekomst veilig te stellen, hebben we een sterk, verenigd Europa nodig. Alleen een sterk Europa biedt ons kansen en bescherming in de nieuwe wereld van de 21e eeuw. Een losse samenwerking tussen lidstaten schiet tekort. Alleen een Europa van burgers, aaneengesmeed in een politieke unie, gebaseerd op een gezamenlijke toekomst en gezamenlijke waarden,kanfunctioneren in een globaliserende wereld. Alleen een verenigd Europakande concurrentie aan met de nieuwe grootmachten. Alleen een verenigd Europa kan onze sociale, democratische en ecologische waarden beschermen en uitdragen in de wereld.

Maar een politieke unie kan niet functioneren zonder democratische structuren of democratische legitimiteit. De huidige bestuursstructuur kan die legitimiteit niet bieden. Alleen een federaal Europa, waar burgers rechtstreeks zeggenschap hebben en besluiten transparant zijn, biedt uitzicht op die legitimiteit.

In het huidige klimaat is dit geen makkelijke boodschap, maar wel een noodzakelijke. Juist daarom wil ik alle politici oproepen zich te scharen achter het gemeenschappelijk doel voor een sterk, democratisch Europa. Ik pleit voor een Alliantie voor Europa, waarin politici van alle gezindten zich verenigen, samen met alle anderen die zich sterk willen maken voor Europa.

Europa heeft ons nodig. Nu.

———————-

An Alliance for Europe

Europe is heading for disintegration unless we start moving now and direct all our efforts towards a strong, democratic Europe that is able to act. For that purpose, we need to set aside our party political interests and join forces in an Alliance for Europe.

Europeis in a deep crisis. A financial, economic, but most of all political crisis of an unprecedented scale. While panic is growing, trust in Europe is declining, and investors are turning their backs onEurope, political decision making has ground to a halt. Politicians are paralyzed, dazed, unable to move. They are going around in circles, focusing on each other, shunning the difficult issues while they are losing themselves in diversions and irrelevant details.

The world is changing fundamentally. Technological progress brings about revolutionary societal change. At the same time we witness tectonic movements in geopolitical relations. The hegemony of Europe and theUnited Statesis no longer a given. The share ofEuropein the world population is shrinking and ageing. The world as we knew it has gone, for good.

In order to safeguard what we have achieved – prosperity, freedom, security – for the future, we need a strong, unitedEurope. Only a strongEuropeoffers us opportunities and protection in this new 21st century world. Mere cooperation between states will not do any longer. Only aEuropeof citizens, forged together into a political union, on the basis of a shared future and shared values, can work in this globalised world. Only a unitedEuropecan compete with the big world powers. Only a unitedEuropecan protect and promote our social, democratic and environmental values in the world.

But a political union cannot function without democratic structures or legitimacy. The current governance structures of the EU do not allow for such legitimacy. Only a federalEurope, in which citizens have a direct say, and in which decision making is transparent, offers the prospect of democratic legitimacy.

In the current political climate this is not an easy message. But it is an urgent one. For that reason I would appeal to politicians to all rally behind the common goal of a strong, democraticEurope. I call for anAlliancefor Europe, where politicians of any party affiliation can unite, together with all others who want to stand up forEurope.

Europeneeds us. Now.

Knoflooketers en kaaskoppen: identiteit vs karikatuur

Dinsdag, 15 november , 2011

Aan de borreltafel doe ik er ook graag aan mee: over anderen spreken in lekker vet aangezette karikaturen. Niets is menselijker dan onze eigen groepsidentiteit te bevestigen door anderen als lui, achterlijk, kwaadaardig, onbetrouwbaar, gevaarlijk, dom of in elk geval heel anders dan wijzelf, af te schilderen.

Maar de laatste tijd hebben de borreltafelkarikaturen hun weg gevonden naar de serieuze politiek. Tegen de achtergrond van de economische crisis heeft de notie van de zuinige, vlijtige noorderlingen en luie, spilzieke zuiderlingen zo algemeen post gevat, dat ze door vrijwel niemand meer in twijfel wordt getrokken. De huidige stand van de economie van de noordelijke landen wordt gezien als bewijs van ons morele gelijk.

Maar karikaturen en mythes over volksaard, hoe grappig soms ook, zijn volslagen onzin. Collectieve tradities en gewoontes bestaan, maar ze zijn niet eenvormig, niet statisch en zeggen helemaal niets over individuen in een groep. Er zijn vlijtige knoflooketers en luie kaaskoppen. Sommige vrouwen komen van Mars en mannen van Venus. Niet alle meisjes met rode haren kunnen goed zoenen en veel schoonmoeders zijn lieverds. Er zijn strenge katholieken en losbollige protestanten. Er zijn cultuurminnende, intellectuele plattelandsbewoners en grove, boerse stedelingen. SP’ers in pak en VVD’ers in zelfgebreide trui.

De meeste van de huidige natiestaten bestonden voor de 19e eeuw niet en de veronderstelde aangeboren nationale karaktertrekken dus ook niet. Veel van de huidige Europese natiestaten zijn een amalgaam van regionale culturen, waar de nationale identiteit er – meestal letterlijk – met kracht en geweld is ingestampt. De eurosceptici die zo overtuigd zijn van een homogene nationale identiteit, ontkennen dus de regionale eigenheid van bijvoorbeeld Friesland, Limburg of de Randstad.

Prinses Maxima ontketende een storm met haar opmerking dat ‘De’ Nederlander niet bestaat. Het is merkwaardig dat een volk dat zo hecht aan individuele eigenheid, en waar de laatste paar decennia zoveel is geïnvesteerd in het herleven van streektalen en -culturen, zich nu plotseling als eenheidsworst presenteert. Vergeten is de tijd van de eenwording van de vroegere provinciën tot onze huidige natiestaat, met felle onderlinge tegenstellingen. Het rijke Holland was zo’n beetje als Duitsland nu: wie betaalt, bepaalt. Zouden de spelmasters van het tv-programma Ik houd van Holland zich bewust zijn van het gegeven dat Nederland meestal wordt aangeduid met de naam van de machtigste en overheersende provincie: Holland?

Grappig genoeg lijkt de noord/zuid-tegenstelling niet alleen te lopen tússen landen in Europa, langs de protestant-katholieke breuklijn, maar ook binnen landen. Zo kijken de nijvere Catalanen neer op andere Spanjaarden, de Vlamingen op de Walen, vinden Pruisische noord-Duitsers de Beieren eigenlijk halve Italianen, terwijl de Lombarden zich meer verwant voelen met hun Teutoonse noorderburen dan met de zuid-Italianen. Alles is relatief.

Zoals de Limburger en de Fries zich heel best samen Nederlander kunnen voelen, kunnen Nederlanders en Grieken zich heel best samen Europeaan voelen. Verschillen hoeven niet per sé te leiden tot wantrouwen.

Landen hebben gezamenlijk beleid en gezamenlijke tradities. Op basis van hun collectieve handelen krijgen landen een reputatie. Nationale identiteit is de uitkomst van gezamenlijk handelen, het zegt helemaal niets over individuen, noch over de capaciteit van naties om te veranderen. Identiteit is niet statisch of eendimensionaal, zoals de karikaturen willen. Te vaak vergeten we dat niet alleen wij karikaturen maken van anderen, maar anderen ook van ons.

Karikaturen kunnen grappig zijn, maar als men er echt in gaat geloven, kunnen ze de cohesie en saamhorigheid ondermijnen. De ultieme fase is die van de ontmenselijking, waarin de ander niet meer wordt gezien als medemens.

Een sterk Europa is in ons aller belang. Goede Europese samenwerking is dus ook in ons belang. Het is dus ook in ons belang dat karikaturen niet leiden tot daadwerkelijk wantrouwen. Onderbuikgevoelens zijn geen erg degelijke basis voor belangrijke beleidsbeslissingen.

Laten we de grappen over elkaar dus bewaren voor de borreltafel, maar in het publieke leven nuchter, zakelijk en met respect met elkaar omgaan. Wie weet kunnen we dan ook nog samen lachen over de wederzijdse karikaturen.

Socratische methode

Woensdag, 2 november , 2011

Tot ieders verbijstering, inclusief van zijn eigen partijgenoten, kondigde Grieks premier Papandreou gister aan de Grieken in een referendum te laten stemmen over het pakket bezuinigingen en hervormingen dat Griekenland krijgt opgelegd in ruil voor steun uit Europa.Niet geheel verrassend, zijn de andere Europese regeringsleiders “not amused”, Papandreou’s partijgenoten met stomheid geslagen, en de Griekse oppositie is ronduit briesend. Het is de zoveelste cliffhanger waarbij één enkel land het complexe en fragiele compromis tot redding van de eurozone kan laten ontploffen. Het feit dat elk land met een veto een besluit kan torpederen, is een ernstige zwakte van de eurozone.

Toch is het geen verrassende move. Papandreou had een flinterdunne en fragiele meerderheid. Hij werd vanaf het begin dwars gezeten door de oppositionele Nea Demokratia (lid van de Christen Democratische Europese Volkspartij), die elke maatregel wilde traineren. Ook in de eigen fractie was veel opstandigheid tegen de strenge maatregelen, afgedwongen door Europa. Intussen worden de straatprotesten van boze en wanhopige burgers in Griekenland steeds feller. Van zijn ambtsgenoten in Europa kreeg hij weliswaar financiële steun, maar geen politieke of morele steun. Vooral in de Noordelijke Lidstaten wordt laatdunkend en beledigend gesproken over de Grieken. Dat maakte het moeilijker om de harde maatregelen aan zijn eigen bevolking te verkopen. Vernedering is geen erg goede methode om mensen te motiveren…

Papandreou stelt dat het zich moeizaam voortslepende, struikelende hervormingsproces niet meer vol te houden is. Ook was er op de achtergrond toch het risico van nieuwe verkiezingen (zoals de oppositionele Nea Demokratia wilde). Sommigen menen dat hij met een referendum aan hervormingen wil ontkomen, maar het lijkt er meer op dat hij juist een manier zoekt om de maatregelen wel door te zetten.

Papandreou kiest de vlucht naar voren. Alles of niets. Bij een “Ja”, heeft Papandreou een ijzersterk mandaat voor de hervormingen. Bij een “Nee” is het einde oefening, dan ligt Griekenland er uit.

Papandreou vraagt ook een vertrouwensstemming in het Parlement, maar daarmee was hij niet veel opgeschoten. Hij zou vermoedelijk dezelfde marginale meerderheid krijgen, terwijl hij voor de harde hervormingen een heel stevig mandaat nodig heeft.

Met een referendum kan hij de oppositie en rebellen in eigen gelederen dwingen kleur te bekennen. Zou Nea Demokratia het echt aandurven om een “Nee” campagne te gaan voeren, met het risico dat Griekenland volstrekt geïsoleerd raakt? De leider van ND, Samaras, noemt het “chantage”. Dat is niet onterecht, maar als zijn partij in het landsbelang constructief had meegewerkt de afgelopen twee jaar, was het misschien niet zover gekomen.

Nea Demokratia wil nieuwe verkiezingen, maar ook een ND regering moet de Europese afspraken strikt uitvoeren. Het is onduidelijk wat zo’n regering anders zou (kunnen) doen.

Voorlopig is nog niet eens duidelijk of het referendum er gaat komen. Sommigen uit Papandreou’s Pasok lijken hem in de steek te laten. Nea Demokratia wil nieuwe verkiezingen. En weer anderen eisen een regering van nationale eenheid. Dat laatste zou betekenen dat ook Nea Demokratia zich moet committeren aan het hervormingspakket. Zo zou het doel van Panadreou indirect toch bereikt worden.

De komende tijd gaan we zien of Papandreou’s vlucht naar voren een meesterzet was, of rampzalige blufpoker.

Verhagen en het F-woord

Maandag, 17 oktober , 2011

Minister Verhagen (CDA) pleit vandaag in de Volkskrant voor afdwingbare regels voor economisch beleid binnen de EU. Hij stelt dat landen die zich niet aan de afspraken houden, door Brussel verplicht moeten kunnen worden. Eigenlijk pleit Verhagen voor een federaal Europa, maar durft het F-woord niet te noemen. Het valt altijd te waarderen als politici tot inzicht komen. Nog niet zo heel lang geleden fulmineerde Verhagen tegen “de Europese Superstaat”. Als D66′ er die al heel lang pleit voor een sterk Europa met afdwingbare afspraken, vind ik de draai van Verhagen zeer welkom.

Ik steun zijn pleidooi voor meer bevoegdheden voor Europa dan ook van harte. Maar dan moet dat wel gelden voor alle Europese beleidsterreinen, en niet alleen die terreinen waar Nederland het toevallig goed doet, of meent te doen. Verhagen heeft gelijk dat lidstaten bij economisch wanbeleid desnoods onder curatele gesteld moeten kunnen worden.

Ik juich dat toe. Maar dan wel alle landen. Dus ook Nederland.

Veel zuidelijke landen moeten bijvoorbeeld hard trekken aan hun arbeidsproductiviteit. Andere landen moeten enorme inspanningen plegen om hun industrie te moderniseren, en weer anderen moeten hun arbeidsmarkt drastisch flexibiliseren. Maar ook Nederland zou door de Commissie moeten worden aangepakt. Zo moet Nederland onverwijld onder curatele om aan de Europese milieuafspraken te voldoen. En Nederland zou van de Europese Commissie een dwingende aanwijzing moeten krijgen om de pensioenleeftijd veel sneller te laten stijgen en de volstrekt verziekte huizenmarkt gezond te maken. De Commissie zou Nederland ook streng aankijken over zijn dalende plaats op het scoreboard van omzetting van interne marktregels.

Maar ook op andere terreinen moeten de regels afdwingbaar worden. Europa heeft een fantastisch stelsel van regels voor de bescherming en bevordering van de grondrechten. De lidstaten lappen de grondrechten echter massaal aan hun laars en de Commissie durft ze er nauwelijks op aan te spreken. Massale illegale uitzettingen van Roma, steun aan het Amerikaanse martelprogramma, homodiscriminatie van staatswege, het muilkorven van de media: er is niet één lidstaat die vrij van zonden is. Ook op dit terrein moet de Commissie de lidstaten onder curatele kunnen zetten.

Verhagen pleit voor een ‘onafhankelijke’ Eurocommissaris. Dat ben ik met hem eens als hij bedoelt: onafhankelijk van nationale deelbelangen en niet kwetsbaar voor collectieve druk van de lidstaten die geen ingrijpen vanuit Brussel accepteren. D66 pleit al lang voor een sterke Europese Commissie met meer bevoegdheden, maar dan wel onder democratische controle van het Europees Parlement.

Met goede afspraken, en met de bijbehorende middelen om landen aan die afspraken te houden, kan Europa ook in de 21e eeuw veiligheid, vrijheid en welvaart garanderen. Hulde aan Verhagen dus, voor zijn nieuwe standpunt!

Zie ook de blog met Gerard Schouw (vandaag in de Volkskrant als opiniestuk).

Doorbreek taboe van nieuw EU-verdrag

Donderdag, 13 oktober , 2011

Europa moet op de schop. D66 wil het taboe doorbreken: er moet een nieuw Europees Verdrag komen. Een verdrag dat het vastgelopen raderwerk van Europa weer lostrekt. Een nieuw verdrag waarmee Europa alle uitdagingen slagvaardig en daadkrachtig aan kan pakken. Een verdrag voor een Europa met lef.

Twee eerdere pogingen om Europa toe te rusten voor de 21e eeuw strandden op groeiend nationalisme. Noch het Verdrag van Nice, noch het Verdrag van Lissabon gaven Europa de slagkracht die het nodig heeft. Na de weggestemde Grondwet in 2005 was de opluchting groot toen in 2009 het Verdrag van Lissabon eindelijk van kracht werd. Maar al het gejubel kon niet verhullen dat het Verdrag te weinig, te laat was. En de urgentie van hervormingen in de Europese Unie is sindsdien alleen maar groter geworden. Wie dat niet gelooft, hoeft alleen maar te kijken naar de chaos en verlamming in de eurozone.

Deze week beleefde Europa de zoveelste cliffhanger: Slowakije stemde tegen verruiming van het noodfonds, omdat één van de coalitiepartijen tegen is. Laat het even doordringen: een klein minipartijtje in een minilandje is in staat een mondiale reservemunt om zeep te helpen! Nu stemt Slowakije in een tweede ronde vóór, en scheert Europa voor de zoveelste keer langs de afgrond. Maar de situatie legt het failliet van het huidige politieke systeem genadeloos bloot: de EU wordt verlamd door veto’s, nationale belangen en achterkamertjes. De eurocrisis is vooral een politieke crisis. De oplossing moet dan ook politiek zijn.

Vele prominente politici, economen, ondernemers en andere opinieleiders dringen aan op snelle en diepgaande hervormingen. Vandaag betoogde ook de Duitse minister van Buitenlandse Zaken, Guido Westerwelle, in de Volkskrant dat er snel een Verdragswijziging moet komen om het Europese noodfonds permanent te maken en een Supercommissaris voor begrotingszaken te kunnen benoemen.

Het voorstel van premier Rutte en anderen voor een nieuwe Eurocommissaris is een stapje in de goede richting. Maar wie de kleine lettertjes leest, ziet dat het oude wijn in nieuwe zakken is. De bezuinigingscommissaris van Rutte wordt net als de Hoge Vertegenwoordiger voor Buitenlands Beleid, een topambtenaar die naar het pijpen van de lidstaten moet dansen en feitelijk vleugellam is. Zo’n ambtenaar wordt voorgedragen door de lidstaten, het Europees Parlement kan hem/haar niet op het matje roepen of naar huis sturen.

D66 wil dat er een nieuw EU Verdrag komt. Het taboe moet doorbroken. Er moet een conventie komen, met vertegenwoordigers uit de lidstaten en het Europees Parlement, die binnen een jaar voorstellen op tafel legt om Europa de slagkracht te geven die nodig is. En dan moet het niet alleen gaan over begrotingsregels en een Supercommissaris, maar óók over een volwaardig EU-buitenlandbeleid zonder verlammende veto’s, en moeten er bindende afspraken over bijvoorbeeld veiligheid, grensbewaking en burgerrechten worden gemaakt. Ook zou de Europese Commissie veel kleiner moeten worden, en moeten individuele Eurocommissarissen door het Parlement naar huis kunnen worden gestuurd.

We kunnen zo niet doormodderen! Rutte en De Jager spelen spelletjes, rispen af en toe iets op dat Europees klinkt en doen alsof het een pro-Europese koerswijziging is. D66 is een verantwoordelijke partij. Wij steunen zelfs een minderheidskabinet, als dat in het algemeen belang is. Maar de tijd van voetje-voor-voetje is voorbij, wij willen een grotere sprong voorwaarts.

Verdragswijzigingen zijn ingrijpend en de procedure is ingewikkeld. Na afwijzing van de Grondwet in 2005 had men de buik vol van constitutionele discussies. Maar wat moet, dat moet! De nood is nu hoog en onder druk wordt alles vloeibaar. Het huidige Verdrag leidt onherroepelijk tot desintegratie van de Europese Unie. Met een nieuw Europees Verdrag kan Europa haar leidende rol in de wereld houden en versterken. D66 gaat ervoor!

Sophie in ‘t Veld, Gerard Schouw

Staat van de Unie: ontbinding of doorstart?

Dinsdag, 27 september , 2011

Woensdag 28 september houdt Barroso als voorzitter van de Europese Commissie zijn jaarlijkse “Staat van de Unie”-speech. Hij voerde deze nieuwe traditie twee jaar geleden zelf in, om bij de opening van het parlementaire jaar naar voorbeeld van de Amerikaanse State of the Union, het Europees Parlement toe te spreken. Het is een beetje als de Algemene Beschouwingen in Den Haag, alleen met iets minder theater. “Doe ‘ns normaal! – Doe zelf ‘ns normaal, sjongejonge!” zul je hier niet horen. Al is het alleen al omdat het – met vertraging – in 23 talen moet worden vertaald.

Wel zal Barroso ongetwijfeld in gloedvolle bewoordingen spreken over Europa. Maar dat kan niet verhullen dat Europa er beroerd voor staat. De vraag of en hoe het verder gaat met de Europese Unie hangt als een zwarte wolk boven het debat. Eén ding is in elk geval glashelder: de huidige methode van Europese integratie heeft zijn grenzen bereikt. Dat vinden gelukkig inmiddels meer partijen dan alleen D66. Voetje-voor-voetje voortschuifelen met 27 verlammende veto’s werkt niet in een wereld die in razend tempo verandert. We zijn dagelijks getuige van het volstrekte onvermogen van de EU om de problemen in de eurozone onder controle te krijgen.

Niet alleen economisch, ook op allerlei andere terreinen loopt de Europese Unie vast en voldoet ze niet aan de verwachtingen van burgers. Gedreven door populisme houden  regeringen, ook in Nederland, krampachtig vast aan zogenaamde nationale soevereiniteit. Die is echter door de voortschrijdende werkelijkheid al lang uitgehold.

Met 27 veto’s en altijd wel ergens verkiezingen lukt het niet een begroting op te stellen die aan de uitdagingen van vandaag voldoet. Internationale schurken werken fluitend samen, over de grenzen heen, maar regeringen houden vast aan hun nationale insteek. Vluchtelingen en illegalen kruipen door de lekke buitengrenzen van de EU, samengepakt in gammele bootjes en verstikkende vrachtwagens, maar de lidstaten trekken de binnengrenzen weer op in ontkenning van de werkelijkheid. De economische en politieke verhoudingen in de wereld zijn aan tectonische bewegingen onderhevig, maar de eurolanden klampen zich vast aan de illusie van een eeuwigdurende westerse hegemonie. Europese mini- en midi-staatjes lijden aan grootheidswaan en denken dat ze wel op eigen houtje de concurrentie met China en India aankunnen.

Europa is nog steeds het welvarendste continent ter wereld, met een enorm potentieel van 500 miljoen goed opgeleide burgers, en de stabiliteit en veiligheid die nodig zijn voor ontwikkeling en vernieuwing. Maar resultaten uit het verleden geven allerminst garantie voor de toekomst. Om onze welvaart, vrede en hoge levenskwaliteit te behouden moeten we bereid zijn tot verandering. Zoals de slogan van een omroep ooit luidde: “Dat krijg je niet zomaar, daar moet je wel wat voor dóen!”.

Wil Europa slagvaardig zijn, dan zou Barroso woensdag plannen moeten voorleggen voor een uitweg uit de economische crisis. Een plan voor handhaving van begrotingsdiscipline bijvoorbeeld, maar ook een plan voor economische groei, voor investeringen in Europa als wereldleider kenniseconomie en duurzaamheid. Plannen voor een open dienstenmarkt en pan-Europese energie- en transportnetwerken. Plannen voor houdbare pensioen- en zorgstelsels. Plannen voor solide buitengrenzen en afbouw van de binnengrenzen van de EU. Plannen voor een solide en betrouwbaar rechtssysteem, veiligheid en gegarandeerde burgerrechten. Plannen hoe Europa een volwaardige buitenlandse politiek kan voeren.

Dát zou Barroso moeten doen. Maar hij is vleugellam en passief, omdat elk van de 27 lidstaten met één druk op de knop dergelijke plannen in de prullenbak kan mikken. Barroso is, om dan toch maar de woorden van Geert Wilders te gebruiken, een beetje de ‘bedrijfspoedel’ van de nationale regeringen.

De Europese Unie is in de huidige opzet niet meer toegerust om Europa in de 21e eeuw te besturen. Europa heeft een daadkrachtig, transparant en modern bestuur nodig. Weg met verlammende veto’s. Weg met de koehandel en de achterkamertjes. Weg met de wildgroei aan ongekozen functionarissen zonder verantwoordingsplicht, en besluitvormingsorganen die door hun veelkoppigheid nauwelijks nog op één foto passen. Weg met het zwakke, onmachtige Europa!

Het Verdrag van Lissabon, waarmee de EU nu wordt bestuurd, kwam moeizaam tot stand na tien jaar politiek getouwtrek en het is nog geen twee jaar van kracht. Er werd destijds gezegd: met dit Verdrag kan de EU weer decennia voort. Sommigen van ons twijfelden daar aan. De huidige crisis legt echter genadeloos de ingebouwde zwakheden bloot en toont aan dat de huidige opzet van het Europese bestuur volstrekt niet meer voldoet.

We hebben in Europa dringend een slagvaardig en modern bestuur nodig. Verdragswijzigingen mogen daarbij niet taboe zijn. Een kleinere Commissie, die is samengesteld volgens de uitslag van de Europese Verkiezingen, geeft de macht terug aan de Europese burgers. Een sterke Eurocommissaris voor begrotingszaken en economisch beleid: jazeker! Maar dan wel een die in het openbaar verantwoording aflegt aan het Europees Parlement, zoals in een volwassen democratie gebruikelijk is. Commissarissen die het vertrouwen verliezen van het Europees Parlement, moeten individueel naar huis kunnen worden gestuurd.

Hiermee scheppen we niet de superstaat die sommigen vrezen, maar een Europa met een krachtig en efficiënt bestuur, dat verantwoording aflegt aan de door de burgers gekozen volksvertegenwoordiging. Het zou de “Staat van de Unie”-speech in elk geval een stuk spannender maken. De tolken doen voor de zekerheid alvast een bijscholing in straattaal.

Back to the future

Maandag, 29 augustus , 2011

Nostalgie is in.  Niet alleen mode en architectuur vertonen retro-trekjes. Op de televisie wordt voortdurend teruggeblikt op vroeger, toen alles nog goed was. En toegegeven, een beetje jeugdsentiment is best leuk. TV-programma’s uit mijn jeugd ontlokken me een glimlach (en jawel, ik herinner me nog twee netten, in zwart/wit).

In de huidige, onzekere tijden lijken we massaal terug te verlangen naar een idyllisch, veilig, knus en overzichtelijk verleden. Een verleden dat er nooit was. Massaal kijkt Nederland naar TV-series uit de jaren ’70, naar zwart/wit journaalbeelden uit de ‘60-er jaren, naar remakes van populaire spelprogramma’s. Ineens zie ik Willem Ruis, Mies Bouwman en de cavia’s van Fred Oster weer op de buis (ook al zo’n retro-woord) voorbij schuiven. Programma’s met veel boerenbont, die de romantiek van het landleven oproepen.

Onze nostalgie is nogal selectief. We kijken door een roze bril terug naar het verleden. Zoals Alexander Pechtold treffend zei: “We willen terug naar de tijd dat we de achterdeur veilig open konden laten staan. Maar dat kon alleen omdat moeder de vrouw de hele dag thuis zat, en er bovendien niks te jatten viel.” De decennia na WOII waren niet alleen maar rozengeur en maneschijn. Oost- en Zuid-Europa zuchtten onder dictaturen. Individuele vrijheid en gelijkheid van mannen en vrouwen was allesbehalve vanzelfsprekend (wist u dat gedwongen seks binnen het huwelijk in Nederland pas in 1991 strafbaar werd?).

Voor historische momenten als 60 jaar Europese eenwording of 20 jaar val van de Berlijnse muur, gebeurtenissen die bepalend zijn in ons leven, was nauwelijks aandacht, buiten de officiële herdenkingen. Maar televisieprogramma’s uit de oude doos en terugblikken naar vroeger trekken hoge kijkcijfers.

Nu is er niks mis met een beetje jeugdsentiment, zolang we met onze voeten stevig in het heden blijven staan, met de blik op de toekomst gericht. Want ook als wij het heden lastig vinden, en weinig perspectief zien voor de toekomst, draait de wereld door.

Mensen mogen genieten van de golden oldies, maar de politiek mag niet meegaan in de nostalgie. Politiek moet zorgen dat we jongeren niet alleen een verleden, maar ook en vooral een toekomst bieden.

Veel van de onrust in delen van Europa en Noord-Afrika heeft te maken met jonge generaties die het niet meer pikken dat ouderen potverteren, krampachtig vasthouden aan hun privileges, en jongeren aan de zijlijn staan, zonder perspectief.

Ook in Nederland en Europa zijn hervormingen en vernieuwing hard nodig. Investeren in kansen voor jongeren, investeren in kennis en innovatie, pensioen- en zorgstelsels hervormen zodat ze betaalbaar en hoogwaardig blijven. Hervorming van de woningmarkt, zodat ook jongere generaties toegang hebben. Een omslag in gebruik van grondstoffen en omgang met het milieu, zodat die niet worden uitgeput voor toekomstige generaties. Zorgen dat Europa een sterke speler blijft in de wereldeconomie, zodat ook toekomstige generaties kunnen genieten van een hoge levensstandaard. Investeren in stabiliteit en ontwikkeling in andere delen van de wereld, zodat we voor de toekomst vrede en welvaart veilig stellen. En de ultieme investering in de toekomst: onderwijs en cultuur.

Als we zorgen voor een toekomstperspectief, kunnen we ons zonder kopzorgen wijden aan een potje Ganzeborden met warme chocolademelk en Een van de Acht.

Hoe Duitsland en Frankrijk de euro om zeep helpen

Woensdag, 17 augustus , 2011

Wat ooit de motor was van de Europese eenwording, de Frans-Duitse samenwerking, is verworden tot een goochelshow van het Duo Onwil & Onvermogen. Zoals Merkel en Sarkozy in Deauville vorig jaar het voorstel voor automatische sancties voor eurozondaars om zeep hielpen, zo torpederen ze nu elke hoop op een effectief, daadkrachtig en democratisch bestuur voor de eurozone. In 2005 waren de twee grote eurozondaars van toen, Frankrijk en Duitsland, ook al degenen die het Stabiliteitspact afzwakten.

Gisteren kondigden Sarkozy en Merkel met veel tam tam aan dat ze het eens zijn over het opzetten van een Europese economische regering, en over de noodzaak van Europese belastingen. Dat is inderdaad precies wat Europa dringend nodig heeft, maar dit ‘Merkozy’ voorstel zal Europa alleen nog maar verder de afgrond in helpen.

De weeffout van de eurozone, die werd opgezet zonder effectief bestuur, wordt door deze deal niet verholpen, maar verergerd. De verlammende veto’s blijven, met de bijbehorende koehandel tussen lidstaten om de veto’s te omzeilen. Volgens Merkozy wordt zo’n regering gevormd door een zesmaandelijkse bijeenkomst van regeringsleiders. Merkel en Sarkozy hebben alvast heel autocratisch besloten dat Herman van Rompuy daarvan de voorzitter wordt. De Europese regering van Merkozy kan ingrijpen in nationaal beleid en nationale begrotingen, maar zonder enige democratische verantwoordingsplicht of legitimatie.

Een Europese markt met 500 miljoen inwoners en een gemeenschappelijke munt vergen juist een volwaardige minister van Economische Zaken en een volwaardige minister van Financiën die het dagelijks bestuur gaan voeren. Een Europese regering moet in het openbaar verantwoording afleggen aan de Europese volksvertegenwoordiging.

Merkel en Sarkozy gaan volledig voorbij aan het zogenaamde “sixpack” aan voorstellen om Europa een effectief financieel-economisch bestuur te geven. Over dat pakket zijn de lidstaten en het Europees Parlement het bijna eens. Er was nog maar één open kwestie: het Europees Parlement wil dat de Europese Commissie sancties kan opleggen aan eurozondaars. Maar de lidstaten houden vast aan zelfdiscipline. Die zelfdiscipline heeft in de afgelopen tien jaar aantoonbaar niet gewerkt, dus meer van hetzelfde is niet het juiste antwoord op de crisis. De nationale regeringen praten veel over nieuwe, strengere sancties. Maar dat is een afleidingstactiek. Want zolang de lidstaten zichzelf sancties moeten opleggen, zal het systeem niet werken.

Het Merkozy voorstel gaat ook over de vennootschapsbelasting en een belasting op financiële transacties. Dit is een sigaar uit eigen doos. Een dikke Havanna. Een voorstel van de Europese Commissie voor een gemeenschappelijke grondslag (niet tarief!) voor de vennootschapsbelasting ligt er al jaren, maar wordt geblokkeerd door voornamelijk Ierland. Nederland is ook niet heel enthousiast. De belasting op financiële transacties is buitengewoon omstreden. Los daarvan is er geen enkele reden waarom Europa zo’n belasting zou voorstellen, tenzij het een Europese belasting zou zijn die in de Europese begroting zou vloeien (i.p.v. nationale bijdragen).

Nederland ziet Duitsland altijd als een toonbeeld van discipline en deugd. Maar dat is bedrieglijk. Merkel is maar al te bereid om alle disciplinerende maatregelen binnen de eurozone te torpederen, aangezien die overdracht van soevereiniteit zouden betekenen. Maar nationale veto’s bieden schijnmacht, terwijl ze Europa verlammen.

Merkel en Sarkozy miskennen de werkelijkheid: de tijd van kleine stapjes vooruit met onooglijke compromissen en salamitactiek is voorbij. Europa moet een grote stap vooruit maken naar een federaal Europa (laten we het F-taboe maar eens doorbreken), of Europa zal wegzakken in irrelevantie in de achterhoede. Europa heeft een bestuur nodig dat de uitdagingen van de 21e eeuw het hoofd kan bieden, niet een nostalgisch model uit een voorbij verleden. Politieke leiders moeten die boodschap brengen, dat is een morele plicht aan de kiezers. Maar dat vereist lef. Meer lef dan Merkel en Sarkozy hebben.