Archief voor januari, 2010

WORDT SWIFT DE LAKMOESPROEF VOOR DE EU?

Vrijdag, 29 januari , 2010

Het besluit over een akkoord met de VS over het doorgeven van bankgegevens (in de wandeling aangeduid als het “Swift-akkoord”, naar de organisatie die internationale betalingen verzorgt) lijkt uit te lopen op een test van de machtsverhoudingen binnen de EU en tussen EU en de VS.

Wat eraan voorafging: in 2006 kwam aan het licht dat de VS al jarenlang gebruik maakten van bankgegevens van Europese burgers, die waren opgeslagen in een data base van Swift in de VS. Naast het feit dat dit jarenlang geheim was gehouden, werd ook vastgesteld dat de doorgifte van Europese bankgegevens in strijd was met Europese regels voor bescherming persoonsgegevens.

Als tijdelijke oplossing werd een vrijwillige overeenkomst opgesteld, waarin de Amerikanen beloofden de gegevens goed te zullen beschermen, en ze uitsluitend te gebruiken voor de strijd tegen terreur. Swift kondigde aan vanaf 1 januari 2010 de Europese gegevens niet langer in de VS op te slaan, maar in een data base in Europa (Zwitserland). De Amerikanen kunnen uiteraard nog steeds bankgegevens opvragen in het kader van de wederzijdse rechtshulp, maar dan wel gericht, op basis van een gerede verdenking, en met toetsing van een rechter.

Sinds 2006 heeft het Europarlement zich uiterst kritisch uitgelaten over de doorgifte van persoonsgegevens, maar onder het Verdrag van Nice waren de Lidstaten alleen bevoegd. In de praktijk betekende dit dat de 27 nationale Ministers achter gesloten deuren afspraken maakten, zonder dat nationale parlementen daar effectieve controle op konden uitoefenen.

Sinds 1 december 2009 is het Verdrag van Lissabon van kracht, en moet het Europees Parlement meebeslissen over internationale akkoorden. Het EP kan geen wijzigingen aanbrengen, maar alleen goedkeuren of verwerpen.

Tot algemene verbazing van het Europees Parlement besloot de Raad (d.w.z. de nationale regeringen) een akkoord te sluiten met de VS, zodat de VS ook na januari 2010 verder beschikking zouden hebben over alle Swift gegevens. Fracties van links tot rechts in het Europees Parlement hebben (net als de Europese toezichthouders bescherming persoonsgegevens) grote vraagtekens bij de noodzaak van dit akkoord over de grootschalige doorgifte van bankgegevens, en bij het afgesproken niveau van bescherming persoonsgegevens. 

Aangezien een aantal Lidstaten (waaronder Duitsland) niet erg warm liepen voor het Swift akkoord, lukte het de Raad niet om het akkoord formeel te sluiten vóór de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon op 1 december j.l. Daarom moet het Europees Parlement nu instemmen met het akkoord.

Maar de Raad saboteert het proces aan alle kanten. Al maanden komt er geen enkel serieus antwoord op de vragen van het Europees parlement. Hoewel het akkoord voorlopig wordt toegepast vanaf 1 februari, kwam het officiële verzoek tot instemming van het EP pas op 25 januari. Uiteraard zijn vijf werkdagen volstrekt onvoldoende voor een serieuze behandeling van het onderwerp. Bovendien weigert de Raad het Parlement inzage te geven in alle relevante documenten, zodat het EP niet over dezelfde informatie kan beschikken. Zo weigert de Raad bijvoorbeeld het negatieve advies van de Juridische Dienst van de Raad zelf openbaar te maken (ik ben zelf inmiddels bezig via de rechter het openbaar maken af te dwingen). En deze week toverde de Raad nog een verrassing uit de hoge hoed: er blijkt al maanden in het geheim aan een rapport te worden gewerkt over de doorgifte van bankgegevens, dat op 4 februari gepubliceerd zal worden. Het Parlement is “not amused” over dergelijke ontdekkingen.

De Raad kiest duidelijk voor een ramkoers met het Europees Parlement. Dit wekt in Brussel verbazing omdat de kans op verwerping van het akkoord daarmee alleen maar toeneemt. Het is lastig te verklaren waarom de Ministers op een frontale botsing afsturen. Een verklaring ligt misschien in de enorme druk die wordt uitgeoefend vanuit Washington. Vanuit de allerhoogste kringen wordt er druk uitgeoefend op de Europese regeringen om het Swift akkoord door te zetten. In de VS was men niet onverdeeld enthousiast over de nieuwe macht van het Europees Parlement. Er werd openlijk gezegd dat de VS liever achter gesloten deuren zaken doen met de regeringen. Debatten en stemmingen in het openbaar in het Europees Parlement zijn lastig te sturen.

Een andere achtergrond is dat de Amerikanen de analyse van de bankgegevens  delen met Europa. Dit is voor de Europese regeringen een koopje: in ruil voor toegang tot onze bankgegevens, doen de VS gratis de verwerking.

De verantwoordelijke parlementaire commissie stemt op 4 februari, en het voltallige (plenaire) parlement op 9 of 10 februari.

Versterk het Stabiliteits- en Groeipact!

Maandag, 25 januari , 2010
De gemeenschappelijke munt heeft extra bescherming geboden aan de Europese burgers in tijden van economische crisis, maar de crisis heeft tegelijkertijd de zwakke plekken bloot gelegd. Maar nu de economie prille tekenen van herstel begint te tonen, ebt de urgentie voor hervormingen een beetje weg. Ten onrechte. Het Stabiliteitspact, het regulerend instrument van de Eurozone,  zou juist meer bindend moeten worden gemaakt, en in het uiterste geval moet kunnen worden ingegrepen in nationale Lidstaten. Het huidige sanctie-instrument van boetes is tamelijk onzinnig, voor landen die toch al financieel in de problemen zitten. 

Het Stabiliteitspact heeft onmiskenbaar in de afgelopen tien jaar een disciplinerende werking gehad op de Lidstaten.  Maar als het puntje bij het paaltje komt is het nauwelijks afdwingbaar. Die vrijblijvendheid is door de Lidstaten bewust zo ingevoerd. Lidstaten willen vooral de andere Lidstaten disciplineren en controleren, maar ze dulden zelf geen bemoeienis van Brussel. In goede tijden hoeft dat niet problematisch te zijn, maar niet-naleving in slechte tijden ondermijnt het vertrouwen in onze gemeenschappelijke munt.

Enkele jaren geleden is het Stabiliteitspact versoepeld, onder druk van Lidstaten en vooral van linkse partijen, die het Stabiliteitspact een keurslijf vinden. Tegelijkertijd werd afgesproken dat Lidstaten in goede tijden buffers zouden opbouwen, en dat de pensioenstelsels vergrijzingsbestendig zouden worden gemaakt. Maar die afspraken werden in economisch goede tijden snel vergeten.
De situatie in Griekenland geeft vooral in Duitsland (de paymasters van Europa) aanleiding tot discussies over het al dan niet bijspringen in geval een land failliet gaat. Het is niet helemaal ondenkbaar dat zo’n situatie zich voordoet, en in dat geval moet redding niet worden overgelaten aan het IMF, maar moet Europa zelf bijspringen. Daar tegenover moeten natuurlijk strakkere regels komen, en meer bevoegdheden voor Europees ingrijpen.

In de komende tijd moeten er strakkere regels en meer controlemogelijkheden komen voor de statistische gegevens die door de Lidstaten worden aangeleverd. In uiterste gevallen moet een Lidstaat verplicht kunnen worden de begroting aan te passen als de regels over tekorten en schulden ernstig en systematisch worden geschonden. Een soort curatele-regeling, om handhaving van de normen af te kunnen dwingen.

Meer Europese bevoegdheden is geen populair thema. Maar voor een stabiele en betrouwbare Euro, onze gemeenschappelijke munt, een noodzakelijke discussie!

Feiten en fictie in de strijd tegen terrorisme

Zondag, 3 januari , 2010

De laatste tijd waren de meeste mensen vooral bezig met het hoofd boven water houden in de economische crisis, maar dank zij een handjevol terroristen is het gevoel van dreiging weer volop terug op de agenda.

In de afgelopen dagen is veel zin en onzin gedebiteerd over veiligheid, met een sterke fixatie op body scanners als dé remedie tegen terrorisme. In het licht van deze discussie wil ik graag eens een paar feiten en ficties op een rijtje zetten.

 FEIT: het Europees Parlement heeft de plaatsing van body scans niet geblokkeerd.
Elke Lidstaat kan gewoon zelf besluiten om de scans te plaatsen. In het EU-voorstel was plaatsing hoe dan ook pas in 2010 voorzien. Het Europees Parlement heeft de democratische plicht elk voorstel voor Europees beleid kritisch door te lichten.

FICTIE: met body scans bereiken we 100% veiligheid.
De gewone body scanners detecteren geen objecten of stoffen die in het lichaam verborgen worden.  Dat weten terroristen ook en die oefenen al lang met het verstoppen van objecten in het lichaam (maag, lichaamsholten). We moeten dus investeren in nog meer geavanceerde technologie.  Met zogeheten Puffer Machines kunnen bijvoorbeeld explosieve materialen worden gedetecteerd. In plaats van nu in grote haast scanners te plaatsen, zou de regering er beter aan doen eens goed na te denken over welk type scanners, en hoe die worden ingepast in een samenhangende, effectieve anti-terreur strategie.

En al zouden we theoretisch luchthavens en vliegtuigen 100% kunnen beveiligen tegen terroristen, dan blijven er nog legio soft targets: winkelcentra, sport- en muziekevenementen, scholen, treinen en bussen, en nog veel meer.

FICTIE: privacywetten zijn een obstakel voor veiligheid.
De meeste anti-terreurmaatregelen kunnen prima worden genomen onder de huidige privacywetten. En ook technologie kan veel bijdragen aan privacy bescherming. Zo heeft Schiphol besloten de scannerbeelden door de computer te laten analyseren, in plaats van door een persoon. Ook moeten er strakke regels zijn voor wie de beelden mag zien, hoe lang ze worden bewaard, etc. Gewone burgers hebben heel veel privacy en vrijheid opgegeven, maar in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht leidt dat niet automatisch tot meer veiligheid. Van veel van de genomen maatregelen is de effectiviteit op zijn zachtst gezegd onduidelijk. De grootschalige opslag van passagiersgegevens bijvoorbeeld levert helemaal geen kant-en-klare lijst van mensen met slechte bedoelingen op. Gegevens op zich leveren helemaal niks op. Alles hangt af van de verwerking ervan, zoals weer eens blijkt uit het geval van de Nigeriaanse terrorist. De passagiersgegevens worden dan ook voor heel andere doeleinden gebruikt dan terreurbestrijding.

FEIT: body scanners en overige screenings op luchthavens zijn slechts een allerlaatst veiligheidsfilter in de hele keten anti-terreur maatregelen.
 Technologie kan geen slechte bedoelingen detecteren. Het vooraf verzamelen van informatie (intelligence gathering) over mogelijke terroristische activiteiten is nog belangrijker dan technische snufjes. Maar het is al jaren bekend dat intelligence gathering juist een zwakke schakel is in de keten. Bij de meest bekende aanslagen – 9/11, Madrid, Theo van Gogh en de Nigeriaanse Kerstvakantie-terrorist – was veel informatie al lang beschikbaar. Probleem is dat veiligheidsdiensten eigen koninkrijkjes zijn die weigeren of falen informatie te delen en uit te wisselen, samenwerking tussen diensten (nationaal en internationaal) is onvoldoende en de risico analyse schiet tekort. De terreurlijsten zijn een rommeltje (volgens rapporten van de VS regering zelf!). Dit alles is al jaren bekend. Technologie en het opslaan van steeds meer gegevens van onschuldige burgers gaat deze tekortkomingen niet oplossen. Integendeel: het risico bestaat dat alle inspanningen zich richten op zaken als body scanners, en dat de noodzakelijke (maar minder sexy) maatregelen ter verbetering van de informatieverzameling achterwege blijven.

Voorbeeldje: ikzelf (met honderdduizenden buitengewoon onschuldige en ongevaarlijke mensen) stond op een lijst voor extra screening, maar de Nigeriaan niet. D66 heeft al vaak haar zorg uitgesproken over deze verspilling van kostbare capaciteit.

FICTIE: Zoete Lieve Gerritje gaat het betalen
De laatste jaren worden steeds vaker bedrijven (luchthavens, luchtvaartmaatschappijen, telecom bedrijven, banken, etc) belast met allerlei veiligheidstaken namens de overheid. Daar is steeds meer geld mee gemoeid. Het zijn publieke taken, moet dus met publiek geld worden gefinancierd. En dat zou trouwens best eens kunnen leiden tot meer terughoudendheid bij het voorstellen van almaar nieuwe maatregelen!

 FEIT: de herhaalde roep van D66 om een grondige evaluatie van anti-terreur maatregelen is urgent!En dat gaat de regering hopelijk ook doen: http://www.nctb.nl/Actueel/persberichten/2009/persbericht_090710.aspx