Posts Tagged ‘Kinderen’

Een zee van tijd

Dinsdag, 13 juli , 2010

Het is reces, mijn eerste echte reces sinds ik raadslid ben, op een weekje meivakantie na. De papieren en elektronische postbussen lopen nu nog maar heel langzaam vol, als ze al vol lopen. En lange zomeravonden thuis, ook dat is weer een heel nieuwe ervaring na al die avonden fractievergaderingen, Zaanstad beraden en Raadsvergaderingen. Zeeën van tijd dus om van alles te doen waar ik al heel lang niet meer aan toekwam. Maar ook tijd om af te kicken, op te ruimen, te reflecteren en mijn proefschrift over markttoezichthouders weer op te pakken. Heerlijk rustig, om nu ongestoord weer in mijn boeken te duiken en weer even echt het diepe in te gaan. Of de diepte. Ook hier achter mijn bureau blijft het stil, een enkel mailtje druppelt binnen, slechts af en toe gaat de telefoon. We gaan als D66 fractie schriftelijke vragen stellen aan het college, ja dat gaat natuurlijk gewoon door.

De jongste kinderen zitten op de crèche, die de hele zomer open blijft en de oudste gaat afwisselend naar voetbalkamp en naar de naschoolse opvang. Althans, de eerste twee weken.

En ook ik ga op kamp, volgende week start de D66 summer school, waar we ons verder gaan bekwamen in de fijne kneepjes van het raadswerk, zoals de instrumenten van de raad nog beter leren gebruiken maar ook gaan we begrotingen echt leren lezen.

Uiteraard gaan we ook nog met het hele gezin op vakantie. En als we weer terug zijn, dan heb ik natuurlijk nog steeds zeeën van tijd om verder te gaan aan mijn proefschrift, te lezen, te schrijven, te bloggen. Of niet? De tijd vliegt. Ik moet de kinderen nu al weer gaan halen, maar voor de zekerheid eerst nog even dit reces-blogje posten, voordat ik omkom in deze zee van tijd.

Post to Twitter Tweet This Post

Van zoutbergen tot sneeuwduinen

Dinsdag, 12 januari , 2010

Gelijk met het nieuwe jaar doen nieuwe woorden hun intrede in de winterse Nederlandse taal: sneeuwjacht, sneeuwduinen, zoutkaartje, sneeuwbrij en krotsneeuw.
Het begon al bij de eerste sneeuwvlokjes: het openbare leven ligt nagenoeg stil. Treinen rijden niet of minder, wegen zijn onbegaanbaar voor auto’s en bussen en zelfs verstokte fietsers als ik laten af en toe de fiets staan omdat er geen doorkomen meer aan is. Natuurlijk is het ook leuk om de kinderen met de slee naar de crèche te brengen, en om van de besneeuwde duinen af te sleeën. Want bij het uitblijven van de voorspelde sneeuwduinen konden we immers met een gerust hart naar de besneeuwde duinen. Besneeuwde duinen en hoop op zout, zou er eigenlijk boven dit stukje moeten staan. En hoe Nederlands is het uitsluitend nog te hebben dan over het weer, zeker als het zo winters is als nu en wij dat niet meer gewend zijn. Ik blijf dus niet achter en doe net als mijn medeblogger in Londen lustig mee. Ik heb weer tijd nu het verkiezingsprogramma voor D66 Zaanstad af is.

Toch vraag ik me, inmiddels sneeuwmoe, af waarom strenge winters toen ik kind was nooit zo’n impact hadden op het persoonlijke en openbare leven. Afgelopen weken had ik tijd genoeg om hierover te peinzen terwijl ik me met de bakfiets een weg baande door het Volkspark op weg van de school van oudste naar de crèche van de jongste twee.

Er zijn blijkbaar dingen radicaal veranderd in de afgelopen pakweg dertig jaar waardoor een plotse of langdurige afwijking van het gemiddelde weersbeeld  resulteert in aantasting van onze maakbare samenleving. En inmiddels zijn we zelfs zover gekomen dat Het Weer een politieke aangelegenheid geworden is.
Op lokaal niveau wordt steen en been geklaagd over het strooibeleid van de gemeente, door fietsers maar ook busbedrijf Connexxion dreigt met schadeclaims. Nog dichterbij huis komt  het schoonvegen van de eigen stoep, of die van de minister president, ter sprake.

Dat wij in sommige gevallen niet eens meer onze stoep kunnen bereiken, of met enorme vertraging, komt in eerste instantie doordat onze actieradius zoveel groter is geworden: global village, ook binnen Nederland. Van lopend of hooguit met de koets, willen we altijd zonder vertraging overal naar toe kunnen reizen. Even naar Maastricht met de trein, iedere dag met de auto van Zaanstad naar Rotterdam. Of een dagje op en neer naar Londen, voor een vergadering. Heel gewoon. Totdat het niet meer kan. Als je het omdraait zou je ook kunnen stellen dat het juist heel bijzonder is dat het altijd wél kan.

Met de trein durven we niet meer te reizen sinds de treinwissels van ProRail vastvriezen doordat de waakvlam uitgaat. En wie strandt in de file en ziet hoe strooiwagens en sneeuwschuivers de rijen sluiten, zou zomaar kunnen doodvriezen in ons doorgaans zo veilig gewaande landje. Het KNMI is de eerste die er van langs krijgt. Kamervragen worden gesteld waarom er geen weeralarm uitgegeven is.

Maar toen er wel een ‘vooraankondiging weeralarm’ uitging, en het achteraf met sneeuwjacht wel bleek mee te vallen, was het ook al niet goed. Want we bleven massaal voor niets thuis uit angst voor sneeuwduinen. Deze angst voor sneeuwduinen werd ons mede ingegeven door de landelijke dreigende schaarste van strooizout. Vroeger was er nooit sprake van schaarste van strooizout terwijl de winters niet minder streng waren. De levering van strooizout wordt tegenwoordig Europees aanbesteed. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat daar de kous wringt. De goedkoopste aanbieder won de aanbesteding, maar achteraf blijken aanbieders niet over voldoende zout te kunnen beschikken.

En hoe ironisch, terwijl ik dit schrijf, op de dag dat het rapport van de commissie Davids uitkomt, komt er een spoeddebat. Over Irak? Welnee: over de verkeersellende door de sneeuw! Blijven we toch nog dichtbij het schoonvegen van de stoep van Balkenende.

Post to Twitter Tweet This Post

Gijs de Glazenwasser

Vrijdag, 20 november , 2009

Zaanstad heeft een prijs gewonnen voor duurzaam vervoer en energiebesparing. Mijn gemeente kreeg deze prijs voor de investeringen die gedaan zijn tijdens de Week van de Vooruitgang. Zo heeft de gemeente elektrische auto’s en scooters gekocht en oplaadplaatsen gemaakt voor duurzame vervoersmiddelen. Zaanstad is nu ook voorgedragen voor een Europese prijs. En wanneer het nieuwe stadhuis medio volgend jaar eenmaal in gebruik is genomen zal de gemeente Zaanstad een ontmoedigingsbeleid gaan voeren voor de ambtenaren die met de auto willen komen, bijvoorbeeld door nauwelijks parkeerplekken beschikbaar te hebben. Het nieuwe stadhuis ligt immers zo’n beetje ín het station.

Zoals iedere ochtend als ik mijn kinderen in de bakfiets naar school en de crèche breng, keek ik ook deze ochtend weer vol verwondering naar de voortgang van dit nieuwe Zaanse stadshart Inverdan, met een knettergek hote en ons nieuwe stadhuis in wording. Ik vind het machtig mooi om te zien hoe alles wat eerst alleen op papier of digitaal in 3D te zien was, nu ook in real life gestalte krijgt;  helemaal sinds ik sinds deze week door de leden op nummer 2 van de kandidatenlijst voor D66 Zaanstad gekozen ben. Ook mijn middelste van bijna drie volgt met belangstelling wat de Bob de Bouwers allemaal aan het doen zijn, niet alleen vanaf de fiets maar ook vanuit de ramen van zijn crèche: die bevindt zich namelijk eerste rang in de Saentoren middenin Inverdan.

Inmiddels heeft het immense stadhuis echte dakpannen gekregen. Sowieso vind ik het geweldig dat zo’n gebouw überhaupt een puntdak heeft. We zijn na de jaren ‘90 wel een beetje klaar met de platte betonblokken. En tussen die gezellige oranje dakpannen zag ik vanochtend wat onregelmatigheden. Na nog beter gekeken te hebben, voor zover dat kan gezien de hoogte van de gebouwen, meende ik zwaluwkastjes te ontwaren. Als echte gierzwaluw liefhebber, maakte mijn hart een sprongetje. Ik durf gerust te zeggen dat Zaanstad qua duurzaamheid een goed eind op weg is.

Toen ik de kinderen had weggebracht en mijn straat weer in fietste zag ik een enorme hoogwerker manoeuvreren. Dat verbaast mij niets, aangezien onze straat aan de voet van Inverdan ligt, is hier vaak flink wat reuring. Maar wie schetste mijn verbazing toen ik zag dat deze hoogwerker niet bestemd was voor Inverdan maar voor de glazenwassers van een bankfiliaal van maar liefst twee (!) etages “hoog.”

Hoe regelgeving kan doorschieten: terwijl de “Bob de Bouwers” meer dan huizenhoog in tuigjes vastgeklonken op steigers en in hijskranen aan het werk zijn, zijn op een steenworp afstand twee glazenwassers aan het werk. Dat zij in een wolk van CO2 uitstoot omgeven door het immense lawaai van de dieselmotor van de hoogwerker, op slechts een meter of twee of drie van de grond, aan het werk zijn doet daar niet aan af. Om nog maar te zwijgen over het geld dat de huur van een hoogwerker kost.
Een duurzame overheid, duurzaam bouwen, duurzaam bankieren? Om echt duurzaam te werken binnen de héle gemeente hebben we nog een lange weg te gaan….

Post to Twitter Tweet This Post

Angst oogsten

Zaterdag, 7 november , 2009

Sinds de Mexicaanse griep die nog steeds mild heet te zijn in Nederland ook een aantal gezonde kinderen het leven heeft gekost, begint er toch een lichte paniek te heersen. Behoren kinderen of jongeren nu wel of niet tot een risicogroep? De gezondheidsraad komt binnenkort met een advies betreffende vaccinatie tegen H1N1. In mijn omgeving heb ik overigens nog niets van enige paniek gemerkt.

Toen mijn jongste dochtertje van bijna twee vorige week griep kreeg heb ik wel even opgezocht wat de symptomen zijn van de Mexicaanse griep.

Maar hoe check je of een kind dat nog niet kan praten hoofdpijn of spierpijn heeft? Omdat ze niet hoestte of benauwd was, hoefde ik me geen zorgen om te maken, aldus de doktersassistente aan de telefoon. Dat deed ik dan ook niet. Over het algemeen ben ik niet zo’n angstig type.

Toch bekruipt mij zo langzamerhand het gevoel dat door de overdaad aan media-aandacht voor de griep vrijwel iedereen toch in meer of mindere mate volgeprikt wordt met angst. Van de week nog stond de Brouwersgracht in Amsterdam helemaal vol met wachtenden getuige een foto die ik in het Parool zag. Griepstress, zo noemde het Parool het. En dan ging het nog niet eens om de Mexicaanse griep maar om de reguliere griepprik.

Terwijl ik gisteravond het speelgoed van mijn drie kinderen aan het opruimen was, zag ik Netwerk waar gisteravond ook aandacht aan vaccineren besteed werd.  Maar het ging bij Netwerk niet over de gewone of de Mexicaanse griepprik maar over het nieuws dat drie baby’s zijn overleden, mogelijk als gevolg van de inenting met het pneumokokkenvaccin Prevenar. Afschuwelijk om te horen, zeker sinds ik zelf kinderen heb is dit je grootste angst. Vaccinaties met dit middel zijn tot nader bericht stopgezet. Roel Coutinho van het RIVM kwam naar de studio om tekst en uitleg te geven maar bovenal om zich te verdedigen. Vervolgens kwamen ouders van twee van de overleden kindjes aan het woord. Wat ik het ergste vond is dat de ouders op deze manier gefilmd werden. Ik vond het eigenlijk een te grote inbreuk op hun privacy. Als kijker werd je  ongevraagd geconfronteerd met dit enorme verdriet. Wat voegde dit toe aan de verdrietige feiten anders dan dat je als tv-kijkende ouders bang wordt om je kinderen te laten vaccineren? Als ouders moet je van de media hoe dan ook bang worden, hetzij voor de Mexicaanse griep, hetzij voor de gewone griep, maar ook voor de vaccinaties. En de pneumokokkenvaccinaties werden juist toegediend naar aanleiding van kinderen die overleden aan hersenvliesontsteking. Maar wat nu als ze ook schijnen te kunnen overlijden aan die prikken die ze juist hiertegen zouden moeten beschreven?

Angst zaaien zijn we heel goed in, in dit land. En het enige wat je daarmee oogst is nog meer angst.

En daarom zeg ik stop met angst zaaien! Hoe? Gewoon door de dingen positiever te benaderen. “Anders JA D66” zeg ik in dit blog, live geschreven tijdens het D66 Congres te Breda.

Post to Twitter Tweet This Post

Mevrouw bestaat niet

Donderdag, 5 november , 2009

De offerte kinderopvang 2010 die geadresseerd is aan beide ouders opent met “geachte heer”. De inhoud van de boodschap ontgaat mij in eerste instantie. Geachte heer? Geachte heer? Mijn geachte heer zal deze hele offerte niet eens zien omdat deze “mevrouw-bestaat-niet” hier thuis niet alleen de zakelijke, maar ook de privé correspondentie, boekhouding en financiën regelt. Een handtekening mag hij zetten, dat dan weer wel, maar dan alleen maar omdat het in tweevoud moet. Daarom. Dan bekijk ik de machtiging die met twee verschillende invulvelden nog steeds onderscheid maakt tussen bank- en girorekening. De bovenste voor bank, de onderste voor giro. Ik vul de bovenste in.
Postgiro-Rijkspostspaarbank? Postbank? Girorekening? Dat bestaat toch allemaal allang niet meer. En ook al tik ik voor internetbankieren nog steeds in mijn browserbalk je www.postbank.nl in, ik weet best dat ik dan doorgeleid wordt naar www.ing.nl.
Enfin, mijmerend vul ik de machtiging betreffende onze en/of-rekening bij de ING verder braaf in. Onderaan, op de stippellijn staat voorgedrukt de naam van mijn echtgenoot. Ik zet er mijn eigen handtekening. Het is toch een en/of-rekening.
Dat ik met het zetten van mijn handtekening akkoord ga met het feit dat de kinderopvang van mijn beide kinderen volgend jaar per kind maar liefst bijna 40 euro per maand duurder wordt, moet ik echt even herberekenen. De opvang wordt een kwartje per uur duurder. En in verband met de openstelling tussen kerst en oud- en nieuw gaat het gemiddelde aantal uren per maand omhoog. Ik mag ook het contract ontbinden, de opzegtermijn is twee maanden. Maar dat terzijde.

Nee, ik ben niet gauw perplex en ik ben zeker geen feminist of een geëmancipeerde trut. Ik ben geen echtgenote die op haar strepen gaat staan om alles eerlijk te verdelen in het huishouden. Sommige zaken zijn er in geslopen, dat is met name ontstaan rondom de geboorte van onze oudste. Ik werd ontzien waar het ging om zwaar tilwerk omdat ik vanwege zwangerschap, bekkenpijn en later na een keizersnede niet kon of mocht tillen. Inmiddels is het zo dat wie kookt niet opruimt, dat manlief de buitenboel doet (tuin, schuur, vuilnis) en dat ik binnen doe. Boodschappen doen we hoe het uitkomt evenals de kinderen halen en brengen. Het gaat zoals het gaat en we rekenen elkaar er niet op af. Het is wel duidelijk zo maar niet strikt. Dus nee, je kan van mij niet beweren dat ik een tuinbroeken Dolle Mina type ben. Maar het feit dat een officiële grote professionele organisatie, een kinderopvangorganisatie notabene, het presteert om zich in haar correspondentie uitsluitend te richten op de heer des huizes vind ik eufemistisch gezegd niet kunnen. Zijn het bij kinderopvangorganisaties niet vrijwel uitsluitend vrouwen die er werken? De brief was nota bene opgesteld door een vrouw. Wat is dat dan toch dat vrouwen zichzelf zo kleineren? Glazen plafonds? Nee, als het hier al misgaat is er nog helemaal geen plafond in zicht maar is het één grote papieren barrière, papierbakken vol…

Post to Twitter Tweet This Post

De Boldootkar van de calculerende overheid

Zondag, 20 september , 2009

De vuilnisophaaldienst, opgericht door Dr. Sarphati eind 19e eeuw, betekende een grote vooruitgang op het gebied van de volksgezondheid. Toen later ook nog een rioleringsstelsel werd aangelegd was dit het definitieve einde van de Boldootkar. De vooruitgang zat hem vooral in het feit dat nu ook de gewone man aangesloten werd op het riool, hetgeen algemene volksgezondheid naar een hoger plan tilde. Geen vuilnis en poep meer in de straten en grachten en je hoefde niet meer je emmertje stront te bewaren tot het dagelijks opgehaald werd.
Nu ruim een eeuw later is de vuilnisophaaldienst veranderd in een vuilnisbrengservice: oud papier, flessen, klein chemisch afval en nu ook plastic moet je als burger apart inzamelen. Dat betekent ook dat je het thuis zo moet regelen dat je een plek en een systeem creëert voor de opslag van deze gescheiden afvalstromen.
Een maand geleden kregen wij in Zaandam een enveloppe van de gemeente geadresseerd aan “de bewoners van dit pand” met een mooie plastic zak erin: vanaf 1 september is het mogelijk om naast GFT, papier, glas, KCA en restafval ook plastic “aan te bieden” op 20 locaties in heel Zaanstad (bijna 150.000 inwoners). Vandaag hadden we een flinke bakfiets vol plastic verzameld en A. ging met de middelste de ervaring van de nieuwe plasticbak eens meemaken. Maar de plasticbak was overvol dus onze zuur verzamelde zak (ieder boterhamzakje, dopje en vleeswarenverpakking was er in verzameld) konden we er niet in kwijt.
Want het klinkt heel mooi maar je kan echt niet iedere ochtend op weg naar je werk met een bakfiets vol kinderen, schooltassen, flessen, papier (wij hebben inmiddels drie kranten) en plastic, nog even langs de diverse bakken rijden. Dat sparen wij dus op.
Daarnaast hebben we in Zaanstad een grijze kliko (dat wóórd!) en een groene, die om de week opgehaald worden. Dat betekent dus dat we (lees: A. want dat is ook hier een mannentaak) de ene week de grijze en de andere week de groene bak buiten mogen aanbieden. Met uitzondering van de zomermaanden, dan mag A. de groene bak zelfs wekelijks op de stoep zetten. Met twee kinderen in de luiers betekent dit overigens dat wij nog steeds onze eigen bolddootkar hebben, die niet eens dagelijks maar eens in de veertien dagen geleegd wordt. Of je dit vooruitgang kan noemen laat ik maar even buiten beschouwing.
We worden als burger door de overheid continu gebombardeerd met hoe slecht we allemaal voor het milieu zijn. We moeten allemaal meewerken, want anders zijn we hartstikke schuldig aan de opwarming van de aarde. Terwijl diezelfde calculerende overheid uitgaat van een inzamel en aanbiedingspercentage van pakweg 10 procent. Pas als de plasticbakken steeds meer blijvend uitpuilen zullen ze de capaciteit uitbreiden. Maar de burger die nu tevergeefs met zijn zak vol plasticafval aankomt is sowieso schuldig. Schuldig aan het naast de voor plasticinzameling bestemde bakken aanbieden van plasticafval, of schuldig aan het niet aanbieden van plasticafval. Wij zijn vanaf vandaag dus schuldig aan het laatste: wij gaan geen plastic meer verzamelen. En zo gaat het idee van plastic inzamelen aan zijn eigen succes ten onder. Als de calculerende overheid nou eens zou beginnen met alle gescheiden afvalstromen thuis op te halen, dan halen ze geheid meer op en sparen ze de burger tevergeefs gesleep met een bonte verzameling afval. En om het positief af te sluiten: het levert een burger op die zich niet meer schuldig maar nuttig voelt.

"Plastic kun je beter scheiden"

21e eeuw: is de Boldootkar weer terug?

Post to Twitter Tweet This Post

Boekdelen vol beleid

Woensdag, 16 september , 2009

De stapel boeken die Alexander Pechtold vanochtend tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen tevoorschijn haalde, sprak letterlijk boekdelen. Deze stapel vormt de trieste aanblik van rapporten die in de afgelopen kabinetsperiode opgesteld zijn. Pechtold noemde onder meer rapporten van de WRR en het rapport van de Commissie Gerritse. Er liggen al zoveel rapporten, en nu wil het huidige kabinet opnieuw een brede maatschappelijke discussie. Ze zijn in ons land erg goed in het instellen van commissies en het maken van beleid. Veel beleid, liefst verpakt met een grote strik van regeltjes. De vliegtaks is daar een mooi voorbeeld van: met een regel proberen de CO2 uitstoot te reduceren. Door belasting te heffen op vliegreizen zou de stoute burger het wel afleren om onnodig te gaan vliegen. We weten inmiddels dat deze vliegbelasting een zachte landing heeft gemaakt in de archieven: de burger is namelijk nogal vindingrijk en laat zich niet vangen in regeltjes en beleid achter de tekentafel uitgedokterd. Nee de burger denkt en handelt praktisch: we willen gewoon zo efficiënt mogelijk van A naar B, en tegenwoordig kijken we over ’s lands grenzen en pakken net zo lief een vlucht vanuit Dusseldorf of Brussel.
Wat pas echt effect gehad zou hebben op het aantal vliegbewegingen is wanneer de HSL van Amsterdam naar Parijs gewoon was gaan rijden volgens planning. Maar nee, men was bijvoorbeeld vergeten de treintjes bijtijds te bestellen. Ondertussen liggen de rails te roesten. Of wat te denken van het doortrekken van een stukje A4? Ook al zo ingewikkeld. Daar moeten we maar weer heel veel rapporten tegenaan gooien
En zo blijft ons landje telkenmale hangen op veel regels zonder daadwerkelijke uitvoering.
Ik roep de poging om musea gratis te maken in herinnering. Gelukkig ging dat niet door. Je moet er toch niet aan denken, musea gratis en dan bezuinigen op personeel? Geen toezicht of service meer. Het museum zou dan de functie van gratis dagopvang krijgen. Vorige week kocht ik een nieuwe museumjaarkaart. Kostte nog geen vier tientjes, die heb je er in een paar keer al uit. Dat is al relatief weinig geld en daarvoor krijg je service, klantvriendelijkheid en een mooi, verzorgd museum.
En wat te denken van de gratis schoolboeken. Lijkt op het eerste gezicht aardig bedacht maar het is uitgelopen op een gedrocht: scholen moeten zelf gaan aanbesteden en hadden een schooljaar de tijd om zich daarop voor te bereiden. Deze aanbestedingswedloop betekent een enorme lastendruk voor de scholen. Waarom dat geld niet beter besteden aan het verhogen van de docentensalarissen?
Als laatste recente voorbeeld noem ik het idee om overgewicht bij kinderen te bestrijden met…regeltjes! Als je maar reclame voor ongezond eten voor kinderen verbiedt dan worden ze niet meer dik? Wel eens gehoord van ouders en opvoeden? Van eigen verantwoordelijkheid? Van kinderen leren zich te beheersen? Van nee zeggen? Heel gewoon hoor. Die van mij willen ook wel lekker frietjes eten of een ijsje. Dat mag soms, tijdens een dagje uit naar sprookjeswonderland afgelopen week bijvoorbeeld, deelden mijn twee jongsten en ik een portie friet en twee kroketten, als lunch. Daarna is het weer gewoon een broodje als lunch en dat vinden ze prima. En zo niet: hoe erg is het als een kind eens huilt als het iets niet krijgt? Dat is helemaal niet erg, integendeel dat is juist heel goed. Daar leert een kind van. Laat het kabinet daar ook eens een lesje uit trekken: zeg eens nee tegen alle reguleringsvoorstellen. Ga voor praktisch en uitvoerbaar. Het gaat immers om wat de mensen werkelijk willen en niet om de overheid die bedenkt wat goed is voor u.

Post to Twitter Tweet This Post

Zalig zoet Zaans zeuren

Dinsdag, 15 september , 2009

Zoals Amsterdammers kankeren kunnen Zaankanters zeuren. Teruglezend beginnen mijn blogjes ook wel een wat zeurderige ondertoon te krijgen. Ik heb tot nu toe vooral kritiek op politieke of maatschappelijke huisjes geuit. Daarom liep ik al een paar dagen met iets lekkers in mijn hoofd, een zoet en luchtig onderwerp: Koekjes en chocola!
Onlangs heb ik eindelijk weer een museumjaarkaart aangeschaft. Nu de jongste anderhalf is durfde ik het wel weer aan een museum te betreden. Met A. en de kids waren we bij het Zaans museum beland met het door Koningin Beatrix pas geopende aangrenzende Verkade paviljoen. De jongste had nog nergens oog voor maar de middelste (tweeënhalf) vond het reuze spannend allemaal. Eerst even rennen door het Zaans museum waar vooral de molens hem aanspraken (‘draaimolens’ zoals hij ze noemt). Vervolgens door naar het Verkadepaviljoen zelf waar de nostalgische koek- en chocoladefabriek helemaal nagebouwd is. Er hangen de gele jasjes van de meisjes van Verkade, oude fabrieksfoto’s zijn er te bewonderen, koektrommels en beschuitblikken te zien, maar ook een originele lopende band waar de mariakaakjes en de Verkaderepen vanaf rolden – “koektrein” noemde Middelste die.

En het grappige is dat ik overvallen werd door Zaanse trots, ook al ben ik import. Ik vind het ongelooflijk boeiend dat de Zaanstreek het oudste industriële gebied van Europa, dus ter wereld is. Omdat het houtzagergilde in Amsterdam de komst van molens tegenhield, dat zou maar werkgelegenheid kosten, verrezen de houtzaagmolens in Zaandam. Logistiek gunstig gelegen en als dorp had Zaandam geen gilden. Maar wel een ondernemende bevolking die inspeelde op de nieuwe ontwikkelingen. De nieuwe industrie trok ook weer andere bedrijvigheid aan en zo werd de Zaanstreek één groot industrieel gebied, het eerste (en nu dus oudste) van Europa. Wie kent er niet de Zaanse mosterd, Lassie, Duyvis en niet te vergeten Verkade die nu een lint van industrieel erfgoed aan de Zaan vormen.
Zijn ze daar in Amsterdam nou armer van geworden? Heeft de ondergang van het houtzagergilde door de molens aan de Zaan Amsterdam in de afgrond gedreven? Integendeel, spoedig brak de gouden eeuw aan en Amsterdam werd de rijkste en machtigste stad ter wereld.
De molens aan de paden, die langs de Zaan liggen, zijn weliswaar verdwenen, maar enkele paden midden in het Centrum van Zaandam, zoals het Stuurmanspad, ademen nog de sfeer uit van weleer. Zoals ik eerder al blogde zijn in het post-industriële tijdperk vele oude pakhuizen en fabrieken in oude luister hersteld als broedplaats van creatieve industrie.
Zoals ik eerder al blogde zijn in het post-industriële tijdperk vele oude pakhuizen en fabrieken in oude luister hersteld als broedplaats van creatieve industrie. De Zaan heeft nu een veel meer openbaar karakter gekregen, terrasjes verrijzen, er worden fluisterbootjes verhuurd en de Zaanhopper vormt een lijndienst over water. Dankzij Europese subsidies is er nu ook walstroom waardoor het voor de beroeps- en pleziervaart aantrekkelijker is om aan de Zaan de nacht door te brengen. Een van de meest spraak- en smaakmakende van het moment is de oude Verkadefabriek, tegenwoordig de Zaanse chocoladefabriek genoemd, waar onder andere het hippe restaurant de Koekfabriek is gevestigd.
Verkade sinds 1990 onderdeel van United Biscuits, leeft gewoon voort. De ‘Verenigde Koekjes’ maken nog steeds koekjes onder de naam Verkade; een deel van de oude Verkadefabriek, recht tegenover restaurant de Koekfabriek is nog steeds in bedrijf. Op menig dinsdagochtend mogen wij Zaankanters daarvan getuige zijn als de stad eventjes gedompeld wordt in de geur van Sultana’s, wat ook wel wat heeft. En mede dankzij deze ‘Verenigde Koekjes’ kwam het nieuwe Verkadepaviljoen er, een ode aan de historische Zaanse industrie. Het zou heel dom zijn om ook nu bang te wezen voor veranderingen waarmee wij op dit moment ons geld verdienen. Om vast te houden aan wat we gewend zijn en niet in te spelen op veranderingen en deze als kansen te benutten. Daar wordt niemand armer van, integendeel. Behalve natuurlijk de houtzagers die vasthouden aan het handmatig zagen.
Waarmee ik maar wil zeggen dat bedrijfsovername en Europa niet per definitie een einde aan een merkbeleving hoeft te betekenen, of het opgeven van je nationaliteit. Dankzij de EU leven “onze” meisjes van Verkade juist als nooit te voren.

Post to Twitter Tweet This Post

We zijn er allemaal gloeiend bij!

Vrijdag, 4 september , 2009

Met leedwezen las ik de necrologie voor de gloeilamp in NRC-Handelsblad: we zijn er massaal ingeluisd. Ergens tussen de kleine lettertjes in de slotverklaring van een Europese top is de gloeilampverbanning erin geslopen, te beginnen met een productiestop op de 100 watt lamp sinds 1 september. En de lampenlobby is de lachende derde. Op spaarlampen wordt veel meer verdiend dan op gloeilampen. Wat zal Philips hier blij mee zijn.
Het hele gloeilampenverbod levert overigens een verwaarloosbare besparing op maar wel veel ergernissen: Onze middelste is zindelijk aan het worden. Zodra hij moet klinkt het: “gauw gauw, rennen rennen!” Wel eens een peuter in die toestand op een wc gezet met een spaarlamp? Tegen de tijd dat een peuterplasje klaar is, is het licht pas op volle sterkte. Moeten we hem in het donker laten plassen? Of de hele dag de spaarlamp laten branden? Over besparing gesproken. Wat te denken van een flesje wijn uit de kelder halen? Dan mag je voortaan een zaklamp meenemen of komen daar ook spaarlampen in?
Waar je ook niemand over hoort: een lamp zelf geeft ook warmte af; ‘s winters branden lampen vaker en langer vanwege de donkere, korte dagen. Dat levert dus rechtstreeks een besparing op de gasrekening op.
Gelukkig hebben we Human Lights Watch en heeft Boris van der Ham spijt. Want afgezien van bovenstaand klein huishoudelijk en betuttelend leed, valt veel meer op het gloeilampverbod af te dingen. Ik noem de blauwwaardes van spaarlampen (vergelijkbaar met een beeldscherm) die de aanmaak van melatonine remmen, het hormoon dat nodig is om onze biologische klok te regelen. Mensen met slaapstoornissen, zoals mensen met ADHD of met DSPS (delayed sleep phase syndrome), wordt afgeraden ’s avonds te lang achter het beeldscherm te zitten. Wordt hen straks ook afgeraden ’s avonds het licht aan te doen?

Wij hebben hier in huis overigens al jaren op strategische plekken spaarlampen hangen: namelijk op die plekken waar lampen langdurig branden, zoals de buitenlampen bij de voordeur. Wel hebben we kroonluchters, met dimmers. Inderdaad, voor sfeerverlichting, die lampen zijn nooit op volle sterkte dankzij de dimmers. Dat spaart ook weer. Ooit een kroonluchter met spaarlampen gezien. Ik kan er alleen maar heel hard om lachen.
Wat nou een beter milieu begint bij jezelf? Een beter milieu begint bij verandering van mentaliteit, zoals zelf zo slim zijn om spaarlampen op de juiste plekken te hangen, vaker fietsen, de auto de deur uit te doen en te gaan autodelen, zoals minder of alleen nog maar biologisch vlees eten (lees mijn vorige blogs). De overheid moet ook hier op de eigen kracht van mensen vertrouwen.
Wij zijn dus begonnen met hamsteren van gloeilampen. Onzin? Tuttig? Kan mij niets schelen. Ik vind het gloeilampenverbod de ultieme vorm van betutteling.

Over de overheid achter de voordeur gesproken –en dan wordt er serieus gezegd dat het niet verboden wordt om gloeilampen in huis te hebben. Dat zou er nog bij moeten komen: handhaving door de gloeilamppolitie. Nou dan zijn we er al snel allemaal gloeiend bij!
Laat de overheid eens zorgen dat mensen de overheid nog wel vertrouwen. Bij de glasbak leren we peutertje braaf wit en bont glas te scheiden, wat hij natuurlijk niet snapt en wat menig traan gekost heeft: waarom mag het in dat ene gat wel en dat andere gat niet? Maar nu zagen we gisteren hoe de glasbak geleegd werd: bont en wit allemaal in een grote container. Dus peutertje mag van ons weer lekker mixen en hopelijk tot het einde der tijden kapotte gloeilampen de glasbak in kieperen! Geen spaarlampen, want die zitten vol kwik, over milieuvriendelijk gesproken..

Post to Twitter Tweet This Post

Vertrouw op je eigen kracht

Maandag, 31 augustus , 2009

Op een mooie zonnige dag ging ik met mijn twee jongste kindjes met de bakfiets een stuk fietsten. Nog afgezien het feit dat ik zo ook nog beweeg, wil ik graag de Zaanstreek beter leren kennen en ook de stukken die ik ken, blijven mooi. Die dag bracht het fietstochtje ons langs de Westzijde van de Zaan, over de nieuwe Julianabrug naar de Zaanse Schans waar wij met onze bakfiets een heuse toeristische attractie vormen. Vooral Spanjaarden en Japanners zetten ons veelvuldig op de foto. Leuk idee dat we aan de andere kant van de wereld in fotoalbums en video’s figureren.
Onderweg kwam ik een vriendin tegen, gehuld in sporttenue op weg naar de sportschool. Wat was ik blij dat ik daar niet naar toe hoefde! Op de Zaanse Schans kwam ik vervolgens een zeer sportieve Zaanse wethouder tegen, trainend voor een binnenkort te lopen marathon waar de Dam tot Dam loop niets bij vergeleken is. Ik vervolgde mijn weg door de polder richting Wormerveer met de industriële zeepziederij waar tegenwoordig het hoofdkantoor van Vanilia huist. Via de Zaan ging ik weer terug naar ons huis in het centrum van Zaandam. Al met al een fietstochtje van een kleine 20 kilometer.

Sinds begin dit jaar hebben wij onze leaseauto ingeleverd omdat A. wegging bij zijn werkgever. We hadden een megagrote turbodieselbak met tankpas die het tot in het buitenland nog deed, inclusief tolwegen. Het gaf een supergevoel van vrijheid maar eerlijk gezegd stond hij vaak een hele week ongebruikt op zijn parkeerplaats. Met drie kleine kinderen rij je niet zomaar op een dolle vrijdagmiddag “even door naar Parijs”. Dus of je hem nu gebruikte of niet, hij kostte ons met bijtelling en eigen bijdrage maandelijks toch best een flinke smak geld. En nu ruim een half jaar verder heb ik de auto eigenlijk geen moment gemist. Onze omgeving verbaast zich hogelijk. Hoe kan je in hemelsnaam leven zonder auto? Het antwoord is: we hebben wel een auto, alleen niet in eigendom. Maar dat was de leaseauto ook niet. Het enige verschil: de auto staat nu 300 meter verderop. We zijn namelijk lid geworden van autodelen.
Maar ook deze autodeelauto gebruiken we nauwelijks. Woon-werk en zakelijk verkeer naar Amsterdam gaat op de fiets. Ook ’s avonds pakken we de fiets – tenzij het regent, maar met buienradar lukt het best aardig tussen de buien door te fietsen trouwens. Fietsen van centrum Zaandam naar centrum Amsterdam (10 kilometer) duurt net zo lang, of is soms zelfs sneller, dan met het OV of de auto. Vreemde blikken, verbaasde blikken zelfs. Fietsen?! Maar ondertussen vinden die mensen het niet vreemd om zich op te sluiten in de sportschool, of zich blessures of een hartaanval te lopen.

Fietsen heeft zo veel voordelen dat ik steeds minder begrijp waarom niet meer mensen het doen: het is gratis (op een bandenplaksetje en een halfjaarlijks bezoekje aan de fietsenmaker na), het stinkt niet, het maakt geen lawaai, het is goed voor het milieu, je hoeft geen parkeerplaats te zoeken, je hoeft niet te betalen voor een parkeerplaats en het is nog gezond ook. O, ja: je staat niet in de file. En als je even lekker doorfietst hoef je niet eens meer naar de sportschool, en dat scheelt ook weer geld trouwens.
Afgelopen maanden ben ik vijfentwintig kilo afgevallen. Zonder sportschool, alleen maar door gezonder te eten en wat vaker te fietsen en dan ietsje harder te trappen.
Soms doet het me denken aan een van de vijf richtingwijzers van D66: vertrouw op de eigen kracht van mensen. En zo is het met fietsen precies zo. Het is gewoon een kwestie van mentaliteit. Duurzaam trappen, dat doe je lekker met je eigen kracht.
Ik trek dan ook meestal een wenkbrauwtje op als ik iemand voorbij zie tuffen op een stinkend, lawaaiproducerend brommertje. En als iemand me eens kan uitleggen wat daar nou het voordeel van is?

Post to Twitter Tweet This Post