Posts Tagged ‘Duurzaam’

Wat ik je brom!

Zaterdag, 27 maart , 2010

Alexander Pechtold heeft vanochtend maar liefst drie kuub hout gehakt: “gratis sportschool” constateerde hij tevreden op zijn twitter. Ook Sjef van Gennip, directeur van Reclassering Nederland heeft zijn rondje rennen er weer op zitten voor vandaag twitterde hij mij. Dat bewegen gezond is en zelfs kan helpen depressieve gevoelens te verlichten, mag als algemeen bekend beschouwd worden.
Psychoanalyse uit het basispakket? Voor de wetenschappelijke praktijk misschien zonde, maar een rondje rennen of een stuk fietsen in de buitenlucht doet vaak wonderen. En het is nog gratis ook. En als je je dagelijkse portie beweging weet te integreren in je reguliere bezigheden, hoeft deze “gratis sportschool” nauwelijks meer tijd te kosten.

In een van mijn eerste blogs vroeg ik mij al af of iemand mij kan uitleggen wat het voordeel is van een het tuffen op een stinkend lawaaiproducerend brommertje boven het fietsen. Naast de zojuist genoemde voordelen van de gratis sportschool, stinkt fietsen niet, het maakt geen lawaai en het is goed voor het milieu.
De economische crisis zou aangegrepen moeten worden voor een omslag in hoe wij omgaan met duurzaamheid. Wij hebben de mond er wel vol van maar het ontbreekt nog te veel aan daadkracht. Er is een mentaliteitsverandering voor nodig om echt duurzaam te gaan leven. Dat je het niet meer vindt kunnen om geen duurzaam vlees te kopen, dat je bovendien je gaat schamen als je iedere dag vlees koopt. Denk aan de bewustwordingsreclames van Wakker Dier waarin pijnlijk duidelijk wordt hoe diep we gezonken zijn: kipfilet is soms zelfs goedkoper dan kattenvoer.
Jaren geleden werd actie gevoerd tegen legbatterijeieren, het werd daarna not done om ze te kopen en inmiddels zijn er nergens meer dergelijke eieren te koop. Ook bijproducten zijn inmiddels vrijwel altijd bereid met scharreleieren, zoals Calvé mayonaise. Nu de legbatterij kippen zelf nog.
Zo’n mentaliteitsverandering gaat niet vanzelf, maar wordt meestal vooraf gegaan door regulering van de sector en door overheidsingrijpen. En bij gebrek aan coördinatie door de overheid en doordat de tijd voorbij is dat de doorsnee consument massaal kiest voor het goedkoopste product boven kwaliteit of duurzaamheid, is de tijd volgens een rapport van ING rijp voor de derde industriële revolutie. Een toenemende groep consumenten kiest voor milieuvriendelijk, voor duurzaam. En de multinationals moeten hierin de lead nemen, zeggen zij nu ook zelf in dit rapport.

Rest de vraag wat ik kan doen als ik weer eens met mijn bakfiets vol peuters de gezonde buitenlucht opzoek en bij een stoplicht achter een tweetakt stinkbrommer sta te wachten. Het stinkt. Het maakt lawaai. Het is slecht voor het milieu. En nou ben ik als democraat en oud wetgevingsjurist helemaal niet voor regulering door middel van verboden. Maar als het gaat om brommertjes wel. Waarom kunnen we de gloeilamp wel verbieden en brommers niet?
Ik pleit daarom voor een brommerverbod, tenzij elektrisch aangedreven. En als bij ieder stoplicht een oplaadpunt voor de accu komt, zullen brommertjes het helemaal niet meer erg vinden om te moeten wachten. Sterker nog, het wordt dan juist een sport wie het meeste oplaadt. Zijn we eindelijk verlost van het opgefokte gas geven tijdens het wachten. En van het lawaai en de uitlaatgassen. Een bromverbod, dat komt er nog eens. Wat ik je brom!

Post to Twitter Tweet This Post

Warme truiendag

Vrijdag, 12 februari , 2010

Wat er ook gebeurt, duurzame energie zal altijd duurder zijn dan fossiele brandstoffen. En dat komt deze wintermaanden wel heel hard aan bij ons thuis. We wonen namelijk in een groot, niet geïsoleerd huis met energielabel Z.
Bij ons is het dan ook niet alleen vandaag maar altijd warme truiendag, en warme sokken helpen overigens ook erg goed. Om toch nog een beetje aan energiebesparing te kunnen doen, staat de thermostaat overdag als we thuis zijn niet hoger dan achttien graden. Alleen in de avond gaat hij naar negentien graden, om rond 20:00 weer af te slaan, behalve voor gasten want anders komen ze nooit meer terug.

Als kind van de jaren zeventig groeide ik op met het beeld van het wereldbolletje dat als een kaars opbrandde.
De boodschap die we meekregen was duidelijk: wees zuinig met energie, want de fossiele brandstoffen raken echt uitgeput.

Nu ruim dertig jaar later is dezelfde boodschap echter gekanteld. Het gaat nog steeds mis met de aarde en de fossiele brandstoffen. Niet omdat ze opgaan, maar vanwege het broeikas probleem. Tegenwoordig moeten we de fossiele brandstoffen juist helemaal niet meer opmaken, maar ze tot in de eeuwigheid heel diep in de grond laten zitten. In plaats daarvan gaan we op zoek naar vernieuwbare, duurzame bronnen, met name zon- en windenergie, dichtbij huis.

Het enige en tevens cruciale probleem is dat duurzame bronnen altijd duurder zullen zijn dan fossiele brandstoffen. Aardolie en aardgas liggen immers kant en klaar onder een hele hoop zand in Saoedi-Arabië en Iran. Terwijl de kostprijs slechts een paar dollar is, wordt de prijs van een vat ruwe olie kunstmatig heel hoog gehouden.  Groene stroom is nu eenmaal duurder dan grijze en dat zal altijd wel zo blijven. Ook als het goedkoper wordt om groene stroom op te wekken: de kunstmatig hoge olieprijs zal dan evenredig mee zakken. Als we zo blijven doorgaan zal er voorlopig niets veranderen. De vraag naar olie blijft groot en de uitstoot van CO2 zal onverminderd doorgaan. Dus stopt het gebruik van fossiele brandstoffen pas als het op is. Het is niets meer dan een kwestie van economie boven duurzaamheid.

Wat kunnen we doen om het tij echt te keren? Het enige wat ons rest is geforceerd overgaan op duurzame energiebronnen. Dit zal in onze maatschappij met marktdenken heel moeilijk gaan. Een zeer visionaire docent van mij zei begin jaren negentig al dat we slechts door middel van dictatuur kunnen overgaan op duurzame energiebronnen. Als Democraat in hart en nieren vind ik dit uiteraard geen optie. Maar het zet wel aan het denken. Ik zie de huidige crisis dan ook als kans, als hét moment om de fossiele brandstoffen definitief in de schoot van moeder aarde te laten. Wanneer de fossiele brandstoffen niet meer vermarkt worden hebben we daar uiteindelijk alleen maar profijt van. De keuze om wel of niet een missie naar Uruzgan voort te zetten, zal voortaan een stuk makkelijker worden. Bovendien komen de harde euro’s en dollars tevens niet meer ten goede van rijke oliesjeiks die hun goudmijn alleen maar zien groeien. Zonne- en windenergie lijkt dan wel duurder, maar wanneer we echt één op één investeren in duurzame energiebronnen dichtbij huis, komt dat de lokale economie ook ten goede.  Ik waag het zelfs te voorspellen dat dit gezien kan worden als een keerpunt om uit de huidige financiële crisis te komen.

Zover is het nog niet, over ruim twee maanden komen de gierzwaluwen weer, maar voorlopig ik trek mijn sokken nog even op voordat ik me met mijn dekentje op de bank voor de buis nestel. Koude voetendag, brrrr.

Post to Twitter Tweet This Post

Gijs de Glazenwasser

Vrijdag, 20 november , 2009

Zaanstad heeft een prijs gewonnen voor duurzaam vervoer en energiebesparing. Mijn gemeente kreeg deze prijs voor de investeringen die gedaan zijn tijdens de Week van de Vooruitgang. Zo heeft de gemeente elektrische auto’s en scooters gekocht en oplaadplaatsen gemaakt voor duurzame vervoersmiddelen. Zaanstad is nu ook voorgedragen voor een Europese prijs. En wanneer het nieuwe stadhuis medio volgend jaar eenmaal in gebruik is genomen zal de gemeente Zaanstad een ontmoedigingsbeleid gaan voeren voor de ambtenaren die met de auto willen komen, bijvoorbeeld door nauwelijks parkeerplekken beschikbaar te hebben. Het nieuwe stadhuis ligt immers zo’n beetje ín het station.

Zoals iedere ochtend als ik mijn kinderen in de bakfiets naar school en de crèche breng, keek ik ook deze ochtend weer vol verwondering naar de voortgang van dit nieuwe Zaanse stadshart Inverdan, met een knettergek hote en ons nieuwe stadhuis in wording. Ik vind het machtig mooi om te zien hoe alles wat eerst alleen op papier of digitaal in 3D te zien was, nu ook in real life gestalte krijgt;  helemaal sinds ik sinds deze week door de leden op nummer 2 van de kandidatenlijst voor D66 Zaanstad gekozen ben. Ook mijn middelste van bijna drie volgt met belangstelling wat de Bob de Bouwers allemaal aan het doen zijn, niet alleen vanaf de fiets maar ook vanuit de ramen van zijn crèche: die bevindt zich namelijk eerste rang in de Saentoren middenin Inverdan.

Inmiddels heeft het immense stadhuis echte dakpannen gekregen. Sowieso vind ik het geweldig dat zo’n gebouw überhaupt een puntdak heeft. We zijn na de jaren ‘90 wel een beetje klaar met de platte betonblokken. En tussen die gezellige oranje dakpannen zag ik vanochtend wat onregelmatigheden. Na nog beter gekeken te hebben, voor zover dat kan gezien de hoogte van de gebouwen, meende ik zwaluwkastjes te ontwaren. Als echte gierzwaluw liefhebber, maakte mijn hart een sprongetje. Ik durf gerust te zeggen dat Zaanstad qua duurzaamheid een goed eind op weg is.

Toen ik de kinderen had weggebracht en mijn straat weer in fietste zag ik een enorme hoogwerker manoeuvreren. Dat verbaast mij niets, aangezien onze straat aan de voet van Inverdan ligt, is hier vaak flink wat reuring. Maar wie schetste mijn verbazing toen ik zag dat deze hoogwerker niet bestemd was voor Inverdan maar voor de glazenwassers van een bankfiliaal van maar liefst twee (!) etages “hoog.”

Hoe regelgeving kan doorschieten: terwijl de “Bob de Bouwers” meer dan huizenhoog in tuigjes vastgeklonken op steigers en in hijskranen aan het werk zijn, zijn op een steenworp afstand twee glazenwassers aan het werk. Dat zij in een wolk van CO2 uitstoot omgeven door het immense lawaai van de dieselmotor van de hoogwerker, op slechts een meter of twee of drie van de grond, aan het werk zijn doet daar niet aan af. Om nog maar te zwijgen over het geld dat de huur van een hoogwerker kost.
Een duurzame overheid, duurzaam bouwen, duurzaam bankieren? Om echt duurzaam te werken binnen de héle gemeente hebben we nog een lange weg te gaan….

Post to Twitter Tweet This Post

We zijn er allemaal gloeiend bij!

Vrijdag, 4 september , 2009

Met leedwezen las ik de necrologie voor de gloeilamp in NRC-Handelsblad: we zijn er massaal ingeluisd. Ergens tussen de kleine lettertjes in de slotverklaring van een Europese top is de gloeilampverbanning erin geslopen, te beginnen met een productiestop op de 100 watt lamp sinds 1 september. En de lampenlobby is de lachende derde. Op spaarlampen wordt veel meer verdiend dan op gloeilampen. Wat zal Philips hier blij mee zijn.
Het hele gloeilampenverbod levert overigens een verwaarloosbare besparing op maar wel veel ergernissen: Onze middelste is zindelijk aan het worden. Zodra hij moet klinkt het: “gauw gauw, rennen rennen!” Wel eens een peuter in die toestand op een wc gezet met een spaarlamp? Tegen de tijd dat een peuterplasje klaar is, is het licht pas op volle sterkte. Moeten we hem in het donker laten plassen? Of de hele dag de spaarlamp laten branden? Over besparing gesproken. Wat te denken van een flesje wijn uit de kelder halen? Dan mag je voortaan een zaklamp meenemen of komen daar ook spaarlampen in?
Waar je ook niemand over hoort: een lamp zelf geeft ook warmte af; ‘s winters branden lampen vaker en langer vanwege de donkere, korte dagen. Dat levert dus rechtstreeks een besparing op de gasrekening op.
Gelukkig hebben we Human Lights Watch en heeft Boris van der Ham spijt. Want afgezien van bovenstaand klein huishoudelijk en betuttelend leed, valt veel meer op het gloeilampverbod af te dingen. Ik noem de blauwwaardes van spaarlampen (vergelijkbaar met een beeldscherm) die de aanmaak van melatonine remmen, het hormoon dat nodig is om onze biologische klok te regelen. Mensen met slaapstoornissen, zoals mensen met ADHD of met DSPS (delayed sleep phase syndrome), wordt afgeraden ’s avonds te lang achter het beeldscherm te zitten. Wordt hen straks ook afgeraden ’s avonds het licht aan te doen?

Wij hebben hier in huis overigens al jaren op strategische plekken spaarlampen hangen: namelijk op die plekken waar lampen langdurig branden, zoals de buitenlampen bij de voordeur. Wel hebben we kroonluchters, met dimmers. Inderdaad, voor sfeerverlichting, die lampen zijn nooit op volle sterkte dankzij de dimmers. Dat spaart ook weer. Ooit een kroonluchter met spaarlampen gezien. Ik kan er alleen maar heel hard om lachen.
Wat nou een beter milieu begint bij jezelf? Een beter milieu begint bij verandering van mentaliteit, zoals zelf zo slim zijn om spaarlampen op de juiste plekken te hangen, vaker fietsen, de auto de deur uit te doen en te gaan autodelen, zoals minder of alleen nog maar biologisch vlees eten (lees mijn vorige blogs). De overheid moet ook hier op de eigen kracht van mensen vertrouwen.
Wij zijn dus begonnen met hamsteren van gloeilampen. Onzin? Tuttig? Kan mij niets schelen. Ik vind het gloeilampenverbod de ultieme vorm van betutteling.

Over de overheid achter de voordeur gesproken –en dan wordt er serieus gezegd dat het niet verboden wordt om gloeilampen in huis te hebben. Dat zou er nog bij moeten komen: handhaving door de gloeilamppolitie. Nou dan zijn we er al snel allemaal gloeiend bij!
Laat de overheid eens zorgen dat mensen de overheid nog wel vertrouwen. Bij de glasbak leren we peutertje braaf wit en bont glas te scheiden, wat hij natuurlijk niet snapt en wat menig traan gekost heeft: waarom mag het in dat ene gat wel en dat andere gat niet? Maar nu zagen we gisteren hoe de glasbak geleegd werd: bont en wit allemaal in een grote container. Dus peutertje mag van ons weer lekker mixen en hopelijk tot het einde der tijden kapotte gloeilampen de glasbak in kieperen! Geen spaarlampen, want die zitten vol kwik, over milieuvriendelijk gesproken..

Post to Twitter Tweet This Post

Vertrouw op je eigen kracht

Maandag, 31 augustus , 2009

Op een mooie zonnige dag ging ik met mijn twee jongste kindjes met de bakfiets een stuk fietsten. Nog afgezien het feit dat ik zo ook nog beweeg, wil ik graag de Zaanstreek beter leren kennen en ook de stukken die ik ken, blijven mooi. Die dag bracht het fietstochtje ons langs de Westzijde van de Zaan, over de nieuwe Julianabrug naar de Zaanse Schans waar wij met onze bakfiets een heuse toeristische attractie vormen. Vooral Spanjaarden en Japanners zetten ons veelvuldig op de foto. Leuk idee dat we aan de andere kant van de wereld in fotoalbums en video’s figureren.
Onderweg kwam ik een vriendin tegen, gehuld in sporttenue op weg naar de sportschool. Wat was ik blij dat ik daar niet naar toe hoefde! Op de Zaanse Schans kwam ik vervolgens een zeer sportieve Zaanse wethouder tegen, trainend voor een binnenkort te lopen marathon waar de Dam tot Dam loop niets bij vergeleken is. Ik vervolgde mijn weg door de polder richting Wormerveer met de industriële zeepziederij waar tegenwoordig het hoofdkantoor van Vanilia huist. Via de Zaan ging ik weer terug naar ons huis in het centrum van Zaandam. Al met al een fietstochtje van een kleine 20 kilometer.

Sinds begin dit jaar hebben wij onze leaseauto ingeleverd omdat A. wegging bij zijn werkgever. We hadden een megagrote turbodieselbak met tankpas die het tot in het buitenland nog deed, inclusief tolwegen. Het gaf een supergevoel van vrijheid maar eerlijk gezegd stond hij vaak een hele week ongebruikt op zijn parkeerplaats. Met drie kleine kinderen rij je niet zomaar op een dolle vrijdagmiddag “even door naar Parijs”. Dus of je hem nu gebruikte of niet, hij kostte ons met bijtelling en eigen bijdrage maandelijks toch best een flinke smak geld. En nu ruim een half jaar verder heb ik de auto eigenlijk geen moment gemist. Onze omgeving verbaast zich hogelijk. Hoe kan je in hemelsnaam leven zonder auto? Het antwoord is: we hebben wel een auto, alleen niet in eigendom. Maar dat was de leaseauto ook niet. Het enige verschil: de auto staat nu 300 meter verderop. We zijn namelijk lid geworden van autodelen.
Maar ook deze autodeelauto gebruiken we nauwelijks. Woon-werk en zakelijk verkeer naar Amsterdam gaat op de fiets. Ook ’s avonds pakken we de fiets – tenzij het regent, maar met buienradar lukt het best aardig tussen de buien door te fietsen trouwens. Fietsen van centrum Zaandam naar centrum Amsterdam (10 kilometer) duurt net zo lang, of is soms zelfs sneller, dan met het OV of de auto. Vreemde blikken, verbaasde blikken zelfs. Fietsen?! Maar ondertussen vinden die mensen het niet vreemd om zich op te sluiten in de sportschool, of zich blessures of een hartaanval te lopen.

Fietsen heeft zo veel voordelen dat ik steeds minder begrijp waarom niet meer mensen het doen: het is gratis (op een bandenplaksetje en een halfjaarlijks bezoekje aan de fietsenmaker na), het stinkt niet, het maakt geen lawaai, het is goed voor het milieu, je hoeft geen parkeerplaats te zoeken, je hoeft niet te betalen voor een parkeerplaats en het is nog gezond ook. O, ja: je staat niet in de file. En als je even lekker doorfietst hoef je niet eens meer naar de sportschool, en dat scheelt ook weer geld trouwens.
Afgelopen maanden ben ik vijfentwintig kilo afgevallen. Zonder sportschool, alleen maar door gezonder te eten en wat vaker te fietsen en dan ietsje harder te trappen.
Soms doet het me denken aan een van de vijf richtingwijzers van D66: vertrouw op de eigen kracht van mensen. En zo is het met fietsen precies zo. Het is gewoon een kwestie van mentaliteit. Duurzaam trappen, dat doe je lekker met je eigen kracht.
Ik trek dan ook meestal een wenkbrauwtje op als ik iemand voorbij zie tuffen op een stinkend, lawaaiproducerend brommertje. En als iemand me eens kan uitleggen wat daar nou het voordeel van is?

Post to Twitter Tweet This Post