Zojuist heb ik zitten kijken naar de meest droevige TV van de afgelopen jaren. Vergeet Maxima die een traantje wegpinkt, vergeet de onberispelijke karatetrap van Nigel de Jong, het eerste half uur van De Wereld Draait Door (DWDD) op dinsdag 26 oktober 2010 is de nieuwe koploper. Als u gekeken heeft zag u vier van de meest stuurse mensen ter wereld, het beste vriendje van de man die de baas is in een op maat gemaakte pyjama, een overspelige en een presentator wiens format hem niet toeliet fatsoenlijk in de regeringsverklaring te duiken. Dat laatste is wellicht het meest kwalijke. Door het (vaak succesvolle, maar vooral) razendsnelle format van DWDD kwamen gasten, presentator en tafelklaasvaak niet verder dan gesputter en quasi-intellectueel gebrabbel over dingen als de manier waarop Job Cohen op stond om een interruptie te plegen.
