Alle berichten bij ‘Uncategorized’

Roep om aftreden Bundespresident stijgt

Maandag, 9 januari , 2012

Door Pieter van Midwoud

Vorige week stonden er voor het eerst in de geschiedenis boze mensen voor het huis van de Bundespresident, a la islamitsch gebruik, met hun schoenen te zwaaien.

Niet iedereen weet dit: Angela Merkel bekleedt niet het hoogste ambt in Duitsland! Het hoogste ambt wordt bekleed door de Bundespresident. Zijn rol is tamelijk vergelijkbaar met die van de Nederlandse Koningin. Hoewel hij op papier de hoogste baas is die elke wet moet onderschrijven, is de functie voornamelijk ceremonieel en werkt de Bundespresident als vertegenwoordiger van Duitsland op handelsmissies en functioneert hij als troostende vader bij binnenlandse rampen. De huidige Bundespresident, de heer Wullf, heeft zich aardig in de nesten gewerkt en moet nu vrezen voor zijn toekomst.

De affaire begon op 12 december. De Bildzeitung publiceerde een artikel waarin zij beschreven dat de Bundespresident in zijn tijd als minister-president van Nedersachsen, gelogen heeft tegen het parlement.  Hij beweerde destijds namelijk, naar aanleiding van vragen van dat parlement, nooit een lening te hebben ontvangen van de Firma Geerkens. Bild had echter uitgevonden dat Wullf wel degelijk een half miljoen van mevrouw Geerkens had geleend, voor een huis in Hannover. Deze lening werd kort na de parlementaire vragen afgelost door een bij de BW bank aangegane lening. Ook niet helemaal fris, want hij had deze lening voor de lage rente van 4% gekregen terwijl hij net daarvoor de bank met politieke instrumenten van de ondergang had behoed.

Toen het artikel uitkwam was Wullf net op reis in de Golf regio, maar hij liet desgevraagd weten dat hij niet had gelogen omdat hij de lening van de persoon Geerkens had gekregen en niet van het bedrijf. Als dit al waar was, was het natuurlijk zwak. Om verwarring te voorkomen was het natuurlijk handig geweest dit er  toch even bij te vermelden. Der Spiegel kwam er echter enige dagen later achter dat er wel degelijk direct van de firma was geleend en dat Wullf in zijn tijd in Nedersachsen ook nog eens gebruik had gemaakt van door verschillende bedrijven beschikbaar gestelde reizen en vakantiehuizen. Het roepen om zijn aftreden begon, ondanks pogingen van Wullf om duidelijkheid te creëren.

Een en ander zou misschien nog wel met de mantel der liefde bedekt kunnen worden (Duitsland heeft genoeg aan zijn hoofd), als niet op 1 januari twee grote kranten bekend maakten dat Wullf kort voor de publicatie van het artikel in Bild met de redactie van de krant had getelefoneerd en gedreigd had alle verdere samenwerking op te zeggen als het artikel zou worden uitgebracht. En dat kon natuurlijk niet, want dan kwam de persvrijheid in het geding.

Met kronkelen en draaien en “hand op mijn hart interviews” probeerde Wullf er nog uit te komen. Zo zou hij niet hebben geëist het artikel te schrappen, maar het slechts een dag uit te stellen. Bild, die op zich geen behoefte had aan een oorlog met de President, was echter genoodzaakt te melden dat deze uitspraak niet klopte en dat het wel degelijk om een dreigtelefoontje ging over het cancellen van de publicatie.

De media is natuurlijk erg geprikkeld door de hele affaire en ondanks dat de meeste politieke partijen er nog weinig over kwijt willen, lijken de dagen van Wullf geteld. En dat is na de vorige Horst Köhler alweer een man die het “eervolle amt van Bundespresident” niet naar behoren kon uitvoeren.

Tot slot mag u uzelf de vragen stellen of u een half miljoen over zou hebben voor dit huis in Nedersachsen.

Doet Bayrou er toe?

Donderdag, 15 december , 2011

Door Raymond van Doorn

In 2002 deed ik voor de eerste keer mee, in 2007 kwam ik in de dubbele cijfers en in 2012 win ik: het schijnt een uitspraak te zijn van Francois Bayrou, sinds 7 december jl. kandidaat voor de Franse presidentsverkiezingen van 2012 en daarmee met zijn vroegere partijgenoot Hervé Morin de tweede centrumkandidaat (zie vorige blog).

Bayrou was in de jaren ’90 minister van Onderwijs. Deze vrome katholiek met zes kinderen (die overigens wel voor strikte scheiding van kerk en staat is) leidde de UDF van oud-president Giscard d’Estaing. Die partij is opgeheven en nu leidt hij Mouvement Démocrate (MODEM), dat met D66 in de liberale fractie van het Europees Parlement zit. Critici zeggen dat Bayrou vooral erg goed is in kandidaat zijn maar niet in een solide organisatie om zich heen bouwen. Bayrou beleefde zijn finest hour door de vorige presidentsverkiezingen met 18% van de stemmen op de derde plaats te eindigen. In de daaropvolgende parlementsverkiezingen was de oogst van MODEM ver beneden de maat.

Waarin verschilt Bayrou van Morin? Beiden zijn voor een federaal Europa, hogere pensioenleeftijd en bestuurlijke veranderingen. De reden dat hun wegen ongeveer vier jaar geleden scheidden, is dat Morin een alternatief wil zijn voor de UMP van Sarkozy maar wel zijn steun voor Sarkozy uitspreekt: Morin was ook lange tijd minister onder Sarkozy. Bayrou laat dat in het midden. Morin verwijt Bayrou dat hij daarom geen invloed kan uitoefenen en zijn achterban zich versnippert over UMP en socialisten. Een ander verschilpunt is dat Bayrou bij zijn kandidaatstelling de nadruk legde op een hogere productiviteit van Frankrijk. Hij wil dat mede bereiken door Fransen aan te moedigen Franse producten te kopen, niet echt een vooruitstrevend standpunt voor economische groei. Hervé Morin zoekt het meer in fiscale stimuleringsmaatregelen en lijkt daarmee eigentijdser.

Het is spannend welk effect de kandidatuur van Bayrou heeft. Na Hollande, Sarkozy en Le Pen is hij de vierde kandidaat in de almaar groeiende lijst van kandidaten. In de eerste peiling steeg hij in populariteit van 6 naar 13% en kwam vlak achter Le Pen. Hij kan een outsider zijn voor Fransen die wel het beleid van de huidige president omarmen maar niet Sarkozy zelf. En dan kan Bayrou’s eigen voorspelling uitkomen….

Stuck in the middle with you

Woensdag, 7 december , 2011

door Raymond van Doorn

Toen Alexander Pechtold tijdens het laatste congres aankondigde dat D66 het radicale midden inneemt, leek hij in die woordkeuze geïnspireerd door de Franse evenknieën van zijn partij. Verschillende soorten radicalen opereren daar in het politieke midden maar zijn versnipperd over kleine groeperingen en delven meestal het onderspit bij de grote partijen: kiezers trekken uiteindelijk naar de Parti Socialiste of de rechtse UMP van Sarkozy. Frankrijk kende gedurende de jaren zeventig de enige centrumrechtse president tijdens de Vijfde republiek, Giscard d’Estaing. Een opvolger van hem lijkt verder weg dan ooit. Tijdens de verkiezingen in 2007 bleek François Bayrou van MODEM plots de outsider: over hem en zijn kansen in 2012 in de volgende blog meer. 

Sinds 27 november jl. is er de eerste presidentskandidaat uit het midden: oud-minister van Defensie Hervé Morin. Hij is leider van Nouveau Centre, dat als levensdoel heeft het politieke midden te verenigen. Morin is niet de droomkandidaat: dat was Jean-Louis Borloo, wiens Parti Radical sinds 1901 een behoorlijke staat van dienst heeft in de Franse politiek.

Nadat centrumpartijen Parti Radical en Nouveau Centre in november 2010 vakkundig uit de regering van premier Fillon waren weggewerkt, leek voor deze partijen hoop te gloren voor de presidentsverkiezingen in 2012. Zij sloegen deze zomer de handen ineen en vormden met twee andere partijtjes de alliantie ARES: L’Alliance républicaine, écologiste et sociale.

Begin oktober haakte Borloo echter af tot verbijstering van zijn eigen achterban. Hij liet weten dat zijn kandidatuur bij kiezers “verwarring op verwarring” zou stapelen in deze tijden van crisis. Dit voedde speculaties dat Borloo c.s. ministersposten in een volgende regering onder Sarkozy zijn beloofd. Risico dat Sarkozy namelijk loopt is dat Borloo ongeveer 7% van hem afsnoept tijdens de eerste ronde. Sarkozy haalt dan de tweede ronde niet en dan zou de strijd gaan tussen de extreemrechtse Le Pen en de socialist Hollande, politieke stromingen waar les centristes helemaal niets mee hebben en wat Borloo niet op zijn geweten wil hebben. Opvallend is namelijk dat zij zich profileren als alternatief voor de UMP en nooit voor links. Dat is verklaarbaar: als je net als D66 nogal hervormingsgezind bent, is het beter zaken doen met de UMP en Sarkozy dan met de behoudende socialisten.  

Zo heeft het politieke midden zichzelf klemgezet door zich te laten leiden door het politieke lot van Sarkozy, die met zijn inzet voor de Eurocrisis uit het electorale dal kruipt.

Hup Hollande Hup

Dinsdag, 18 oktober , 2011

door Raymond van Doorn

Sinds 16 oktober jl. heeft de Parti Socialiste (PS) na de eerste Franse voorverkiezingen zijn presidentskandidaat: François Hollande. Hoewel de Verenigde Staten al sinds mensenheugenis een dergelijke primaire kennen bij zowel de Republikeinse als Democratische partij, schreeuwden de politieke tegenstanders -president Sarkozy’s UMP- moord en brand om deze noviteit. “Presidentsverkiezingen hebben twee ronden, niet vier”, bromde zelfs het staatshoofd.

De frustratie bij de UMP werd gevoed omdat de PS gedurende vier weken voorpaginanieuws was, waar rechts hooguit met de hoogzwangere Carla Sarkozy-Bruni in de media fungeerde over haar al weken durende vermeende bevalling. Als klap op de vuurpijl bleken ook nog enkele prominente UMP-ers voor een dergelijke voorverkiezing te voelen voor de verkiezingen in 2017.

De aanpak van de socialisten is een succes: boven verwachting hebben 2,5 miljoen Fransen deelgenomen. De zes kandidaten in de eerste ronde zijn elkaar ondanks verschillende politieke accenten niet in de haren gevlogen. De overgebleven kandidaat Martine Aubry noemde Hollande in de tweede ronde zuur ‘een kandidaat van het systeem’ omdat hij volgens haar vooral door de media is groot gemaakt. Zondagavond feliciteerde ze ‘onze kandidaat’ echter onmiddellijk en was bereid de dag erop meteen weer aan de slag te gaan als partijvoorzitter. Aubry, die bij vlagen toch een verongelijkte lerares lijkt, mist de welbespraaktheid en humor van Hollande, hoewel deze laatste benadrukt heel normaal te zijn, een andere noviteit voor een Franse presidentskandidaat.

Inhoudelijk is Hollande een weinig verheffende kandidaat. Als een heuse Job Cohen wil hij de socialistische boel bij elkaar brengen maar houdt zich erg op de vlakte op de inhoud, bijvoorbeeld over hoe de Eurocrisis aan te pakken. De PS profiteert  vooral van de impopulariteit van Sarkozy en moet het zeker niet van haar matte verkiezingsprogramma hebben. Sarkozy daarentegen loopt zich nog altijd de benen uit zijn lijf om op Europees niveau de crisis het hoofd te bieden en gaat hervormingen nooit uit de weg. De vraag is of Sarkozy in mei 2012 toch niet beloond wordt als zijn inspanningen vruchten afwerpen en Hollande daar inhoudelijk niets tegenover kan zetten.

Beweging in Belgische formatie, FDF verlaat MR

Maandag, 3 oktober , 2011

door Marieke van Doorn

Na 458 dagen was het dan eindelijk zover: Onder leiding van formateur Elio Di Rupo (Parti Socialiste) kwamen de overgebleven zeven politieke partijen die deelnemen aan de regeringsonderhandelingen tot een akkoord over de splitsing van het omstreden kiesdistrict Brussel – Halle – Vilvoorde. Het akkoord over BHV is de eerste belangrijke stap op weg naar regeringsonderhandelingen in Belgie.

De politieke gevoeligheid rondom BHV verdient wat toelichting voor de Nederlandse lezer: Belgie kent naast  Nederlandstalig en  Franstalig grondgebied een tweetalige hoofdstad. In realiteit echter zijn de Franssprekenden daar in grote meerderheid, maar Brussel ligt midden in het Vlaamstalige gedeelte van België. De stad Brussel barst uit haar voegen en veel Franstalige Brusselaars verhuisden de afgelopen decennia naar de Vlaamstalige randgemeenten van Brussel  – in casu: Halle en Vilvoorde – voor meer ruimte en rust. Deze van oorsprong Vlaamse randgemeenten voelden zich bedreigd door de toestroom van Franstaligen, vooral omdat tijdens verkiezingen ook Franstalige kieslijsten werden ingediend waardoor ook het bestuur van de randgemeenten werd doordrongen met Franstaligen.

Vlaamse politici dringen daarom al jaren aan op een splitsing van het kiesdistrict en dat is nu overeen gekomen. Het BHV-akkoord bestaat eruit dat de federale verkiezingen op een andere manier gehouden zullen worden, Brussel stemt voortaan appart, en een nieuwe kieskring is geboren: Vlaams-Brabant. De senaat wordt ook hervormd, evenals de faciliteiten-gemeenten en het gerechtelijk arrondissement BHV. Brussel krijgt bovendien  meer geld vanuit de federale overheid om de splitsing goed te laten verlopen.

De Franstalige Mouvement Reformateur (MR)  – zusterpartij van D66 – zit ook mee aan de onderhandelingstafel  voor een nieuwe federale regering – en  sprak zich op één stem na uit vóór het BHV akkoord. Na afloop benadrukte voorzitter Charles Michel dat de MR ‘ het politieke schild zal zijn om de rechten van de Franstaligen en de portemonneees van de Walen en Brusselaars te beschermen’. Die boodschap ging aan de Fédéralistes Démocrates Francophones (FDF) voorbij, sinds 2002 maakte FDF onderdeel uit van het MR-kartel. FDF verdedigt de rechten van de Franstalige Brusselaars in de Rand om Brussel en vindt het bereikte BHV-akkoord een aanfluiting. FDF-voorzitter Olivier Maingain en de partijtop besloten unaniem om het akkoord te verwerpen en werden daarin gesteund door het partijcongres.

Het huidige succes in de onderhandelingen wordt wel geweten aan de druk van een woedende Koning Albert in zijn toespraak op de nationale feestdag 21 juli, het aangekondigde vertrek van demissionair Premier Leterme aan het einde van dit jaar naar de OESO en ook het feit dat de Vlaams-nationalistische partij van Bart de Wever, de NVA, niet meer aan de onderhandelingstafel zit.  Momenteel wordt over over andere communautaire kwesties gesproken, als de hervormingen van de  financieringswet, de sociaal-economische dossiers  en over regeringsvorming, of te wel, welke partij krijgt welke ministerspost? De kans is groot dat onze zuiderburen voor het einde van het jaar een nieuwe regering zullen hebben, anderhalf jaar na de verkiezingen van juni 2010.

 

Duitse euro-steun alleen nog maar met meerderheid in Bundestag

Vrijdag, 23 september , 2011

door Pieter van Midwoud

Door de huidige Euro-crisis, verlangt menig Duitser terug naar de D-Mark. Goed, nu weten wij in Nederland dat dingen die Mark heten weinig soelaas bieden voor de lange termijn. Maar voor de Duitser staat als een paal boven water: door de Euro moeten zij nu andermans zaakjes oplossen. Dit ging zo ver, dat Merkel in het voorjaar nog op tamelijk arrogante toon (dat moet gezegd) aan een aantal landen suggereerde zich meer naar het voorbeeld van de Bundesrepubliek te richten. Voer voor flauwe critici natuurlijk:,,Duitsland probeert ons weer eens wijs te maken dat als heel Europa Duits was, het er een stuk beter aan toe zou gaan.” De wanhoop en frustratie was in het gezicht van de Kanzlerin te lezen.

Deze wanhoop en frustratie wordt gevoed door de spagaat waar de Duitse regering zich in bevindt. De protesten tegen de miljarden die Duitsland vrijmaakt om Griekenland te helpen zwellen in eigen land elke dag aan. Op z’n ,,Hoch-Deutsch” gezegd: de Duitsers zijn het spuugzat dat hun geld gebruikt wordt om landen te redden die er zelf een potje van hebben gemaakt (klinkt bekend?). Dat geld kunnen ze zelf ook goed gebruiken. Uiteraard is op dit moment de economie en werkgelegenheid  de beste van Europa, maar dat is een gemiddelde. In de oostelijke Bundesländern ligt de werkloosheid tussen 10 en 13,5%, al 10 jaar moet men verbitterd vaststellen  ,,im Osten nichts Neues”.

In het het verdrag van Lissabon staat dat het niet de taak van de EU-staten is om elkaar financieel te ondersteunen (echt waar!). Toch weten we onderhand niet beter, rijke landen hebben inmiddels miljarden beschikbaar gesteld om de Eurozone te redden. Want nood breekt wet en zonder Euro zijn we nog veel slechter af. De Duitse regering haalt dit geld uit het overheidsbudget en met een “paraafje” van de “budgetcommissie” was het “ploef” uit Duitsland verdwenen. Een groep Euro-sceptici vond dit een eigenaardige manier van omgaan met belastinggeld en stapte naar het gerechtshof in Karlsruhe.

Het oordeel van de rechters liet er weinig twijfel over bestaan. Zij veroordelen het huidige beleid om zonder duidelijk mandaat een individueel land te redden en oordeelden dat in de toekomst het parlement met deze uitgaven in moet stemmen.

Uiteraard zei iedereen dat het een goed oordeel was; wie kan er tegen meer democratie zijn? Toch kan dit oordeel op termijn grote gevolgen hebben, zeker als de de toch al onstabiele regering zijn meerderheid verliest en dit thema een politiek speeltje voor verkiezingen wordt.

Als de verkiezingsstrijd voorbij is…

Donderdag, 22 september , 2011

door Hinke Stallen

De rust is wedergekeerd in Denemarken. Als wandelaar struikel je niet meer over partijleden die folders uitdelen, de verkiezingsposters zijn verwijderd en op televisie zijn geen debatten meer te zien. Inderdaad, de Deense parlementsverkiezingen zijn voorbij en de onderhandelingen over een nieuwe regering zijn in volle gang. De onderhandelingen worden voorgezeten door Helle Thorning-Schmidt, de leider van de Sociaal Democraterne. Ondanks dat haar partij de slechtste verkiezingsuitslag sinds 1903 behaalde, is het een unicum dat Denemarken een vrouwelijke premier zal hebben.

Hoe is het mogelijk dat de grote verliezer van de verkiezingen toch de premier levert? Het korte antwoord hierop is ‘blokpolitiek’. Simpel gezegd, houdt dit in dat de drie linkse partijen en de sociaal liberalen zich in het ‘rode blok’ bevinden. In het ‘blauwe blok’ bevinden zich de liberalen, conservatieven en de extreem rechtse Deense Volkspartij. Het rode blok als geheel heeft met 50,2% van de stemmen ternauwernood de overwinning behaald, en dus mag de grootste partij uit het rode blok de premier aanleveren.

Een grote tegenstander van deze blokpolitiek zijn de Radikalen; de zusterpartij van D66. Blijkbaar zijn veel Denen het met de Radikalen eens, want de partij van Margrete Vestager kende zijn beste verkiezingsuitslag in 38 jaar. Het aantal zetels in het parlement is gestegen van 8 naar 17 (9,5% van het totale parlement). Daarnaast zullen Radikale politici enkele ministersposten bekleden in het rode regering van Helle Thorning-Schmidt. Genoeg reden dus voor een uitgelaten sfeer op het Radikale verkiezingsfeest, waar tot in de kleine uurtjes gedanst werd.

Het feit dat de Deense campagne voornamelijk over binnenlandse aangelegenheden ging, heeft voor kritiek door internationale waarnemers gezorgd. De Denen zouden zich vrijwel geheel afsluiten voor internationale ontwikkelingen, terwijl het land voor driekwart van de inkomsten afhankelijk is van het buitenland. Door de focus op de ontwikkelingen van de Deense economie, was het issue immigratie gedurende de verkiezingen vrijwel afwezig. Dit verklaart deels de verkiezingsnederlaag van de Deense Volkspartij (hoewel toch nog goed voor 12.3% van de stemmen). Deze zusterpartij van de PVV, heeft als gedoogpartner jarenlang invloed uitgeoefend op het beleid van de Deense regering.

Men zou kunnen beargumenteren dat de Deense politiek voorloopt op de onze, omdat Nederland nog steeds moet wennen aan de ‘nieuwe’ gedoogconstructie met een extreem rechtse partij. Laten we echter hopen dat Nederland niet nog 10 jaar hoeft te wachten voordat ‘onze’ extreem rechtse partij aan politieke invloed verliest, we onze eerste vrouwelijke premier kiezen, en de sociaal liberalen deel uitmaken van de regering.

Na een heftige verkiezingscampagne is de rust dus terug in Denemarken. Helemaal? Nee niet helemaal, dit weekend host Kopenhagen het wereldkampioenschap wielrennen. Ook dat is een unicum in de Deense geschiedenis.

In afwachting van de Deense verkiezingen

Maandag, 22 augustus , 2011

door Hinke Stallen

Zowel Denemarken als Nederland hebben een meerpartijensysteem en koningin Beatrix staat net als haar Deense equivalent ‘dronning Margaret’ aan het hoofd van de regering. Daarnaast laat Wilders zich graag inspireren door zijn Deense ideologische collega Pia Kjærsgaard. Laatstgenoemde verleent met haar Danske Folkeparti al jaren gedoogsteun aan het minderheidskabinet van conservatieven en liberalen.

Toch is er ook een verschil tussen Deense en Nederlandse politiek: in Denemarken wordt de exacte verkiezingsdatum pas bekend op het moment dat de minister-president de verkiezingen officieel uitschrijft. Daarna hebben politieke partijen drie weken de tijd om de kiezer te overtuigen. Volgens de Deense grondwet moeten uiterlijk 15 november 2011 parlementsverkiezingen gehouden zijn. Deze onzekerheid over de precieze verkiezingsdatum heeft een aantal interessante gevolgen.

Allereerst zijn Deense politici, meer nog dan Nederlandse, gefocussed op de peilingen. De huidige conservatieve minister-president Lars Løkke Rasmussen en zijn directe adviseurs zijn de enigen zijn die precies weten wanneer de verkiezingen zullen zijn. Daarom houden zij de politieke peilingen nauwlettend in de gaten. De minister-president zal namelijk geen verkiezingen uitschrijven op het moment dat zijn partij er slecht voor staat in de peilingen. 

Daarnaast kun je op dit moment geen concrete afspraken maken met afgevaardigden van politieke partijen. Alle gemaakte afspraken zijn onder voorbehoud, want politici en partijleden hebben wellicht geen tijd omdat ze de straat op moeten om campagne te voeren.

Ondanks dat er nog geen officiële verkiezingsdatum is, is de campagne eigenlijk al begonnen. Kranten speculeren over de verkiezingsoutfit van Helle Thorning-Schmidt (Socialdemokraterne) en partijen kondigen maatregelen aan om de kiezer te pleasen (‘de wachttijd op de eerste hulp moet verkort worden’). Deze verkapte campagne is al maanden aan de gang, omdat politieke commentatoren voorspeld hadden dat de verkiezingen vóór het zomerreces zouden plaatsvinden.

Aangezien de uiterste deadline van de verkiezingsdatum nadert, zal het nu écht niet lang meer duren voor dat Lars Løkke verkiezingen uitschrijft. Een bijkomend argument is dat Lars Løkkes partij (Venstre) in de laatste peilingen lichtelijk gestegen is ten opzichte van eerdere peilingen.

Persoonlijk heb ik zin in de verkiezingsstrijd; met slechts drie weken om de kiezers te overtuigen, schijnen de Deense verkiezingscampagnes hard and dirty te zijn. Of de peilingen daadwerkelijk de waarheid spreken, zullen we pas na dit najaar weten.

 

Rood

Woensdag, 27 juli , 2011

door Raymond van Doorn

In de strijd om het Franse presidentschap in 2012 heeft le Parti Socialiste (PS) een programma, maar nog geen kandidaat. Die komt er 16 oktober, na de zogenaamde primaires naar Amerikaans voorbeeld. Elke Fransman mag meedoen, maar moet wel een adhesieverklaring voor het linkse gedachtegoed ondertekenen.

In het ‘projet socialiste 2012: le changement’ wil de PS een heleboel tekorten terugdringen. Niet alleen het financiële maar ook een tekort aan innovatie, rechtvaardigheid, democratie én heel poëtisch: gebrek aan glans. Dat hoopt de partij te bereiken door een betere concurrentiepositie, verbeterde koopkracht, een betere inkomensverdeling en de strijd tegen werkloosheid. In hun dertig speerpunten vallen vooral de volgende maatregelen op:

  • Er komt van staatswege een investeringsbank, die geld steekt in innovatie, midden- en kleinbedrijf en deelnames in strategische activiteiten;
  • De vennootschapsbelasting krijgt een laag tarief (20%) voor bedrijven de investeren en een hoog tarief (40%) indien die uitsluitend dividend aan aandeelhouders uitkeren;
  • Voor jongeren komen er 300.000 ‘banen van de toekomst’ op het terrein van sociale en groene innovatie;
  • In de sociale zekerheid wordt een potje gereserveerd voor een ieder die een studie wil oppakken, een persoonlijk project wil opstarten of voor familie wil zorgen;
  • Er komt een belasting met een laag tarief voor niet-vervuilende producten en een hoog tarief voor vervuilende producten;
  • De pensioenleeftijd wordt weer 60 jaar voor mensen die al jong begonnen zijn met werken of zwaar werk doen, voor de overigen op 65 jaar;
  • Er komen per jaar 150.000 woningen voor sociale woningbouw bij;
  • Er komen 10.000 politieagenten bij;
  • Om discriminatie tegen te gaan wordt gewerkt met anonieme CV’s;
  • Elke drie jaar komt een wettelijk immigrantenprogramma, waarbij wordt samengewerkt met sociale partners en lagere overheden.

Verfrissend aan elk Frans verkiezingprogramma is dat het niet gedomineerd wordt door geld zoals in Nederland maar tegelijkertijd is de vraag hoe in vredesnaam de plannen worden gefinancierd. De socialisten bewandelen in Frankrijk sterk de weg van overheidsingrijpen en belastingmaatregelen om zo weer banen te scheppen. Voor een rechtgeaarde socialist kan dit tot de verbeelding spreken, zeker gezien de forse werkloosheid in Frankrijk. Na de enorme hervormingsdrift van Sarkozy, kan bovendien zo’n mat programma wel aanslaan.

Vraag is wie dit overtuigend kan verkopen. Niet de achterhoede, de heren Montebourg, Valls en Baylet. Baylet is overigens van le parti Radical de Gauche (PRG), dat lid is van ELDR net als VVD en D66. Segolène Royal heeft zichzelf gemarginaliseerd en zal haar kunstje uit 2007 niet herhalen. Hoge ogen gooit de degelijke c.q. saaie Martine Aubry (dochter van oud-voorzitter van de Europese Commissie Jacques Delors). Tot slot doet de ex-man van Royal, François Hollande, het in de peilingen het beste. Hij is welbespraakt maar heeft geen ministeriële ervaring. Zijn uitstraling is weinig presidentieel, al heeft hij weer wel dezelfde voornaam als de enige socialistische president van Frankrijk tot nu toe, Mitterrand: wie weet helpt het.

De verovering

Donderdag, 21 juli , 2011

door Raymond van Doorn

Sinds 14 juli ook in de Nederlandse bioscopen: de Franse speelfilm La Conquête (de verovering) over de aanloop naar het presidentschap van Nicolas Sarkozy. Een bioscoopfilm over een regerende én herkiesbare president is nog nooit op het witte doek vertoond. Statistisch is Sarkozy de minst populaire president van de vijfde republiek maar absoluut niet afgeschreven. April 2012 gaat hij in de eerste ronde op tegen tien tot twintig kandidaten van allerlei politieke pluimage. Alleen de twee kandidaten met het hoogste percentage stemmen gaan door naar de tweede ronde op 6 mei 2012.

Op dit moment zou een socialistische kandidaat de eerste ronde winnen, al wordt de Parti Socialiste (PS) geplaagd door de aanhoudende negatieve aandacht rondom hun kopstuk DSK. De PS houdt voorverkiezingen in oktober en kiest waarschijnlijk voor Martine Aubry of François Hollande. Indien de PS 30% haalt en de linkse splinters samen met de Groenen 15%, dan heeft dat blok 45%. Sarkozy kan in de tweede ronde 22% van zijn UMP en 18% van het Front National krijgen. Marine Le Pen staat al geruime tijd hoog in de peilingen, al is het de laatste maanden weer steeds als derde.

Sarkozy moet vooral zorgen dat hij de tweede ronde haalt: van Le Pen zal hij dan zeker winnen omdat links Frankrijk een Front National president niet zal toestaan. De gematigde centrumkandidaten Borloo en Bayrou (10 tot 15% in de peilingen) moeten dan niet teveel stemmen afsnoepen van Sarkozy waardoor Le Pen alsnog als tweede eindigt. Vooral Borloo profileert zich als alternatief voor rechts en is anti-Front National. De kiezers van Borloo zullen echter in de tweede ronde geneigd zijn om op Sarkozy te stemmen en niet op de PS en zeker niet op Le Pen: ook dan kan Sarkozy aan zijn tweede termijn beginnen.

Ondertussen ‘represidentialiseert’ Sarkozy en stijgt in de peilingen. Hij profileert zich als commander ’n chief in Libië en Ivoorkust, bestrijdt de eurocrisis, probeert voor de zoveelste keer beheerst over te komen en zijn Carla Bruni krijgt goed getimed een baby.

Wie La Conquête heeft gezien, weet dat hij een aartsvijand heeft: oud-premier De Villepin staat laag in de peilingen (3%) en heeft geen campagne-ervaring. En de film maakt een paar zaken duidelijk: Sarkozy is opvliegend, ambitieus en recht-door-zee maar kan goed campagne voeren en komt waar hij zijn wil.