Alle berichten bij ‘Bestuur en middelen’

Visie D66 bestuurskrachtmeting Zuid-Holland

Woensdag, 31 maart , 2010

Vandaag besprak Provinciale Staten het rapport van de bestuurskrachtmeting van Zuid-Holland. Een afgewogen visitatiecommissievan hoogleraren en een gemengd gezelschap van partijpolitici hebben gezamenlijk een helder rapport gefabriceerd. Overigens is Provinciale Staten zelf ook betrokken geweest bij de samenstelling van de commissie. De kritiek van Leefbaar Zuid-Holland (Ronald Sorensen) dat de commissie bestond uit allemaal baantjesjagers sloeg dan ook volledig de plan mis. Welke baantjes zouden mensen met een lange staat van dienst zoals als Ed d’Hondt, Loek Hermans of Hans Engels nu ambieren door plaats te nemen in deze commissie?

Gelukkig gaf de rest van de Staten wel een inhoudelijke reactie. Voor D66 is het van belang te kunnen constateren dat de visitatiecommissie in grote lijnen het betoog ondersteund zoals wij dat al enige jaren doen: meer focus op kerntaken, verbeter de onderlinge verstandhouding tussen de verschillende overheidslagen en een sterkere kaderstellende positie van de Staten.

Om er 1 uit te lichten: meer focus op kerntaken betekent in de visie van D66 dat Zuid-Holland - naast de eerste schifting die is gemaakt met programma Provincie Nieuwe Stijl  - een tweede slag nodig is waarbij provincies over hun eigen schaduw durven heen te stappen. Zoals de visitatiecommissie terecht aanmerkt gaat dat concreet over ondewerpen als onderwijs & arbeidsmarkt waar de provinciale meerwaarde een vraagteken blijft. Ook stelt D66 de wettelijke taken op gebied van jeugdzorg ter discussie. D66 vindt niet dat jeugdzorg ‘zomaar’ over de schtutting naar gemeenten gegooid mag en kan worden. Het zou wel eens zo kunnen zijn dat onderdelen van de jeugdzorg het beste af zijn als het rijk het weer terug neemt. Ten eerste moeten gemeenten die taak namelijk wel aankunnen en ten tweede is het de vraag of je daarmee de zo gewenste minder bureaucratie bereikt. Bureau Jeugdzorg krijgt dan bijvoorbeeld immers in plaats van met 1 provincie, met een veelvoud aan gemeenten te maken. Maar dat er zaken beter kunnen in de jeugdzorg is voor ons wel duidelijk.

Wat betreft de relatie tot andere overheden constateert de visitatiecommissie dat Zuid-Holland niks te zeggen heeft in de stadsregio’s Haaglanden en Rotterdam-Rijnmond. Dat is een stevige, maar terechte constatering. In wezen is er sprake van een rompprovincie Zuid-Holland en twee stadsregio’s die elkaar ook nog eens steeds beter lijken te kunnen vinden.  D66 vindt dat Zuid-Holland, de Randstad en daarmee Nederland beter af is als we de 4 Randstadprovincies samenvoegen tot 1. Dat moet dan wel onder gelijktijdige opheffing van de stadsregio’s en wat ons betreft ook met sterkere (lees: grotere) gemeenten.

Tenslotte de rol van Provinciale Staten zelf. Die kan wel wat steviger, met name als kadersteller. Nog teveel wordt achterover geleund en afgewacht waar het college van Gedeputeerde Staten mee komt. De Staten zouden hun kaderstellende rol moeten oppakken door een echte dualistsiche houding aan te nemen (minder achter- en koffiekamertjes politiek) met name door de coalitiepartijen. Veel wordt in deze coalitie van CDA, VVD, PvdA en CU-SGP als het echt spannend wordt voorbesproken en zelfs amendementen en moties worden eerst tevoren met de coalitie en het college (!) afgestemd. Dat kan echt beter.

D66 pleit daarom al enige tijd om naast een Provincie Nieuwe Stijl ook een programma Bestuur Nieuwe Stijl neer te zetten. Dit betekent dus een meer dualistische houding, maar ook meer aandacht voor interactief werken zoals burgerparticipatie en online participatie.

Twittercursus voor de Koningin

Woensdag, 30 december , 2009

Koningin Beatrix heeft in haar jaarlijkse kersttoespraak kritiek geuit op digitale, sociale netwerken als Hyves, Twitter etc. Het zou ons vervreemden van elkaar doordat we ons veschuilen achter schermen en mobieltjes. Het ‘nabuurschap’ – zoals we dat vroeger kenden – is verdwenen, aldus Beatrix, en we weten niet meer wie onze buren zijn.  Het is maar de vraag hoe je er zelf mee omgaat, denk ik dan… Bij mij thuis is het zeker niet verdwenen.

Ik weet niet of u de toespraak ook gezien heeft, maar in de verste verte van het paleis was geen buur te bekennen. Wat wel te bekennen was, was een heel hoog hek dat zijn werk goed gedaan heeft want de voordelen van de digitalisering zijn niet tot paleis Noordeinde doorgedrongen. De Koningin maakte de fout om het medium de schuld te geven van een ‘probleem’ (individualisering), in plaats van te analyseren wat de werkelijke oorzaak is. Voor iemand die nog nooit een e-mail gestuurd heeft, kan zij blijkbaar goed de gevolgen inzien van de digitale sociale netwerken. Vreemd en niet ‘des staatshoofds’.  

De toespraak van Beatrix was dan ook buitengewoon eenzijdig.  Ik noem graag waarom ik dat vindt: ten eerste omdat zij niet ziet dat reeds nu al door vele instanties en overheden (Zuid-Holland nog niet overigens) twitter gebruikt wordt om informatie te verspreiden aan doelgroepen, die dat anders niet zouden bereiken. Ten tweede leidt twitter tot meer contact tussen personen die dat zonder, niet zouden hebben. Ook hier worden meer mensen bereikt die zonder twitter niet bereikt zouden worden. En daarbij; wanneer iemand geen behoefte heeft aan die informatie van deze persoon, kun je je er voor kiezen deze niet te volgen of zelfs te blokkeren. Ten derde, heeft de Koningin de ontwikkelingen in Iran bijvoorbeeld de laatste dagen gevolgd? Via twitter – omdat de Iraanse overheid buitenlandse media verboden heeft – is de rest van de wereld geinformeerd over wat er zoal gebeurd in Iran. Kortom: zonder twitter hadden we dat nooit geweten! En ongetijfeld zijn er nog meer voordelen te bekennen.

Wat mij betreft komt er voor Koningin Beatrix een twittercursus. Op deze manier kan zij zien welke voordelen digitale netwerken hebben. Dan zal zij ook kunnen zien dat twitter, hyves niet de oorzaak zijn van het verloren gewaande nabuurschap.

Geertjan Wenneker, D66-statenlid Zuid-Holland

Participeren is meer dan informeren

Woensdag, 7 oktober , 2009
D66 heeft in Zuid-Holland het initiatief genomen tot het opstellen van een beleidslijn voor (burger)participatie. Tot nog toe werd er op verschillende manieren wel iets aangedaan, maar het was voor niemand duidelijk wat precies en wat er van iemand verwacht werd. Maar het meest opvallend is de bestuurscultuur waarmee – met name CDA – omgaat met ‘de burger’.
Typerend is daarvoor het onderstaande antwoord wat gedeputeerde staten gaven op antwoorden op schriftelijke vragen van D66, SP en GL. Wij stelden deze vragen nadat verschillende burgergroeperingen zich teleurgesteld en boos hadden teruggetrokken uit een participatietraject.

d) In de commissiebespreking heeft gedeputeerde Van Dijk aangegeven dat hij veel waarde hecht aan bestuurlijk en maatschappelijk draagvlak. Hoe is dat uitgangspunt te rijmen met de vertrouwensbreuk die er nu is ontstaan met delen van de ideeëngroep?

Antwoord college Zuid-Holland:
Wij blijven communiceren en informatie verschaffen, maar kunnen niet garanderen dat de betrokken maatschappelijke actoren aangehaakt blijven, omdat gaandeweg het proces naast onderzoek ook keuzes gemaakt gaan worden.

Er ziijn hier twee punten waar wij het fundamenteel mee oneens zijn:
1) participatie is meer dan communiceren en informeren. Dat betekent ook dat serieus wordt gekeken naar ideeen van deze burgers en dat zij die ook mogen inbrengen. Daar is hier geen sprake van geweest, laat staan ‘actief ‘ betrekken.
2) het raakt de kern van het vehikel participatie als gesteld wordt dat niet gegarandeerd kan worden dat alle maatschappelijke actoren aangehaakt blijven omdat er nu eenmaal keuzes gemaakt moeten worden. Als je de redenering van het college doortrekt betekent dat aan het einde van het spel er 1 trace over blijft en 1 burgergroepering. Die heeft dan als het ware het spel ‘gewonnen’. De werkelijke bedoeling van burgerparticipatie is nou juist het samenspel: met zoveel mogelijk deelnemers de eindstreep halen zodat je draagvlak hebt voor je tracekeuze. Dat schijnt het college in Zuid-Holland maar niet te snappen.
Wij zullen er tegen blijven strijden dat op basis van half afgeronde onderzoeken – en niet in een maatschappelijke discussie op basis van openbaar beschikbaar onderzoek – de discussie over de Rijnlandroute plaatsvindt.

Waterschappen in de provincie

Maandag, 24 november , 2008

Deze week bereikte mij een interessante vraag over de waterschappen, namelijk hoe D66 in deze discussie staat.

D66 Zuid-Holland heeft altijd aangegeven principieel de discussie over de rol en het nut van de verschillende bestuurslagen te willen voeren, niet in de laatste plaats over die van de provincie zelf.

De Statenfractie in Zuid-Holland is geen voorstander van het opheffen van de waterschappen, omdat wij op dit moment er nog niet van overtuigd zijn dat met het overhevelen van de taken van de waterschappen naar de provincies, het werk beter wordt gedaan. Sterker, het zou best wel eens slechter af kunnen zijn bij een provincie. De waterschappen zijn een instituut die, veelal in stilte, tot nog toe als een zeer goed functionerend orgaan te werk gaan. De provincie Zuid-Holland heeft om die reden een belangrijk taak van de provincie, het vangen van ratten, overgedragen aan de in Zuid-Holland gelegen waterschappen.
Kortom; we moeten ervoor waken het kind met badwater weg te gooien.

Wat ik wel vind is dat, ondanks de eerste stappen naar democratisering van de waterschapsverkiezingen, we er op dat terrein zeker nog niet zijn. Nog steeds is er sprake van een aantal geborgde zetels bij waterschappen, die gereserveerd zijn voor bepaalde clubs als LTO etc.
De verdeling van die geborgde zetels, daar gaat Provinciale Staten over, waarbij deze keer de nadruk te veel op agrarische en bedrijfszijde lag en te weinig op de groene zijde.

Overigens heeft staatssecretaris Huizinga in de Eerste Kamer bij vaststelling van de nieuwe waterschapswet toegezegd een grondige evaluatie te zullen uitvoeren van deze verkiezingen. Daarin zal ook het fenomeen geborgde zetels meegenomen worden, met name omdat de Eerste Kamer vraagtekens stelde of de beoogde democratisering met geborgde zetels wel voldoende is.

Voorstel D66 bezuiniging op provinciefonds begrijpelijk

Maandag, 22 september , 2008

Na Prinsjesdag presenteerde D66 in de Tweede Kamer een “eigen” begroting. Met daarin een bezuiniging van structureel 500 miljoen euro op het Gemeente- en Provinciefonds. Hun eigen tegenbegrotingen stellen de oppositiepartijen al een paar jaar op als reactie op de Miljoenennota.

Het voorstel maakt onderdeel uit van een groter pakket aan bezuinigingen. Ook andere oppositiepartijen willen bezuinigingen invoeren die oplopen tot 4 miljard euro (PVV) of zelfs 9,2 miljard euro (VVD). Daar tegenover staan voor D66 intensiveringen (extra uitgaven) van rond de 1 miljard euro. Deze partijen willen dus een verlaging van de collectieve lasten die deels voor rekening van gemeenten en provincies moet komen.

De D66-fractie in Zuid-Holland kan zich er wel wat bij voorstellen als het om bezuinigen op de middelen van provincies gaat. Het algemene beeld van provincies is toch dat zij zich vooral met onbelangrijke zaken bezighouden en de inkomsten verjubelen.
Voor Zuid-Holland klopt dat ook. Als er extra geld nodig is voor hun kerntaken verhogen zij de belasting (Provinciale “opcenten” uit de motorrijtuigenbelasting) in plaats van scherpe prioriteiten te stellen.
Omdat de Provinciale bestuurslaag ver van de burger afstaat komen ze daar helaas ongestraft mee weg. Daarom doet de hoger gelegen laag, de Rijksoverheid dat beter.

De keuze zou voor D66 anders zijn. De Provincie prioriteert rigoureus in haar eigen takenpakket, zodat daarmee geld wordt vrijgemaakt om haar kerntaken mee uit te voeren. Hierdoor zou een verhoging van de belasting in Zuid-Holland, zoals deze in dit jaar is doorgevoerd, niet nodig zijn.

Impasses

Woensdag, 11 juni , 2008

Met impasses in de Rijngouwelijn, de Rijnlandroute, en in afwachting van een Rijksbesluit rondom andere grote infrastructuurprojecten (gaan we de A4 doortrekken, of de A16, of alletwee?), gaan we over enkele weken alweer het reces in.

Maar niet voordat er een reeks belangrijke beslissingen worden genomen. De Voorjaarsnota, de Kadernota 2009-2012, het Cultuurplan 2009-2012, en het Hoofdlijnendocument dat richting moet gaan bieden aan ruimtelijk beleid zijn slechts enkele belangrijke voorliggende stukken.

Daarnaast is er een ontwerp voorgelegd voor het Luchtvaartbeleid, dat sinds korte tijd op het bord van de provincie is geplaatst. Als fractie staan wij achter het Rijksbesluit om alle luchtvaart die niet primair van nationaal belang is, te decentraliseren. Maar hoe kan de provincie hier nu mee aanvangen als er nog geen besluit is genomen over de plaats van Rotterdam Airport hierin; omdat het Rijk nog geen besluit heeft genomen over of Rotterdam Airport onder nationaal of provinciaal bestuur moet vallen. En dat besluit laat nog wel even op zich wachten. Op die manier werkt trage besluitvorming, uitstel van beslissingen en het nemen van onvolledige besluiten door, van de ene naar de andere bestuurslaag. Het principe van maximaal twee bestuurslagen die zich bemoeien met een bestuurlijk item is een stap in de goede richting. Maar meer is nodig, meer bestuurlijke vernieuwingen. D66 koestert haar kroonjuwelen in een kluis, maar zal ze laten fonkelen wanneer het gala begint.

Terug naar Rotterdam Airport. D66 Zuid-Holland heeft altijd met een kritisch oog gekeken naar de functie van Rotterdam Airport en de noodzaak voor een “zakenvliegveld” zo dicht bij Schiphol. De capaciteit is relatief klein, de overlast groot en de bereikbaarheid is niet optimaal. Zeker niet wanneer de HSL binnen afzienbare tijd Schiphol sneller bereibaar maakt dan Rotterdam Airport, vanuit het grootste deel van de Rotterdamse regio! Zo bezien is het besluit van het Rijk of Rotterdam Airport van nationaal of regionaal luchtvaartbelang is, op zich al een interessante politieke beslissing. Maar dat wachten we nog even af…

D66 kritisch over jaarrekening 2007 Zuid-Holland

Woensdag, 28 mei , 2008

De provincie heeft dan wel een goedkeurende accountantsverklaring gekregen bij de Jaarstukken 2007, maar het was een zeer zware bevalling. Sterker nog, de accountant stelt zelfs dat zonder flink wat correcties van zijn zijde de verklaring er niet was gekomen, en dat baart de D66-fractie zorgen. Inmiddels heeft de ‘huisaccountant’ aan Provinciale Staten laten weten niet meer mee te doen met een nieuwe aanbestedingsronde, omdat de interne controle van Zuid-Holland volgens hen al te lang onder de maat is.

D66-Statenlid Wenneker: ‘Al jaren lijkt de provincie niet ‘in control’ over haar eigen financieën en dit jaar was er geen sprake van verbetering. Wat D66 betreft is de rek er een beetje uit, we hebben als Staten lang genoeg geduld gehad. Voor D66 is de volgende Jaarrekening een belangrijke testcase,  waarmee Gedeputeerde Staten moeten laten zien wel de eigen financien onder controle te hebben.’

www.verborgenlasten.nl

Zondag, 4 november , 2007

Wist u dat in Nederland een aanzienlijk  deel van de motorrijtuigenbelasting automatisch naar de algemene kas van de provincie verdwijnt én dat deze kosten in de laatste 7 jaar met 80% gestegen zijn? D66 vind dat dit de spuitgaten uitloopt!

 Om deze kosten zichtbaar te maken hebben de gezamenlijke Statenfracties van Noord-Holland, Zuid-Holland, Utrecht en Gelderland een actie gestart. Via www.verborgenlasten.nl kan iedereen zijn of haar kenteken invullen. Daarna is direct te bekijken hoeveel meer opcenten je bent gaan betalen sinds 2000.

Voor Zuid-Holland betekent het in het komende jaar een stijging van de opcenten met 23%. Daarmee heeft Zuid-Holland de dubieuze eer om de toppositie over te nemen van de Provincie Gelderland als provincie met de hoogste opcenten.

De stijging van de opcenten wordt vaak en te makkelijk aangedragen als noodzakelijk omdat in Zuid-Holland een grote opgave ligt als het gaat om infrastructuur. Dat is correct, maar daarbij wordt vergeten dat de mogelijkheid bestaat om op andere gebieden te bezuinigen. Dat is wel degelijk een politieke keuze die niet als zodanig wordt onderkend.

D66 is voorstander van het verantwoord omgaan met belastinggeld, dus als er meer opcenten worden geheven zijn we daar niet op voorbaat tegen, maar het moet goed inhoudelijk onderbouwd zijn. Tot nu toe ontbreekt die onderbouwing.