De naijl-effecten
van de financiële crisis zijn nog steeds goed voelbaar in de reële (Haagse) economie. Het wekt daarom geen verbazing dat de grote plannen voor de ontwikkeling van de Binckhorst niet haalbaar blijken. Ze worden nu bijgesteld: in een rapportage over het meest veelzijdige, maar grotendeels verouderde, bedrijventerrein van Den Haag legt wethouder Smit uit hoe het college nu verder denkt te gaan met de gebiedsontwikkeling van de Binckhorst. Behalve het gebied rond en langs het beoogde traject voor de Rotterdamse Baan, worden eventuele verdere initiatieven aan de markt overgelaten. In de praktijk betekent dat meestal dat er in het gebied voorlopig niet veel gebeurt.
Het college stelt nu toch een interessante denkrichting voor: organische ontwikkeling van delen van de Binckhorst. In een na de zomer te presenteren ‘transformatiestrategie’ moet uitgewerkt worden wat deze ontwikkeling precies inhoudt. De gemeente vertaalt de organische benadering vooralsnog in drie uitgangspunten:
- Het is belangrijk uit te gaan van de bestaande kwaliteiten die in een gebied aanwezig zijn;
- Er is functiemenging nodig;
- Initiatieven hoeven niet voor de lange termijn te zijn om een waarde te hebben.
De gedachte achter deze soort ontwikkeling is: “Door slim met beschikbare kavels om te gaan kunnen zowel ondernemers als de gemeente bijdragen aan de geleidelijke transformatie van de Binckhorst. Het “van kleur verschieten” van delen van de Binckhorst van puur bedrijvigheid naar gemengde functies kan door slim beheren worden versterkt.” Aldus de voortgangsrapportage Binckhorst, besproken in de raadscommissie van 7 april 2011. Klinkt aardig, maar de praktijk is soms weerbarstig. Zeker een praktijk zonder geld…
D66 is echter wel gecharmeerd van de denkrichting: het industrieel erfgoed en bestaande structuren kunnen veel beter in nieuwe plannen worden geïntegreerd. Iets dat goed is voor de identiteit van het gebied. Hoewel D66 de omvorming tot een moderne woon- en werkwijk steunt, was het aantal woningen in de vorige plannen veel te hoog. Ook biedt de nieuwe benadering de mogelijkheid om stap voor stap kleine stukken Binckhorst te ontwikkelen – waarbij elke nieuwe ontwikkeling natuurlijk wel moet passen zodat er geen lappendeken zonder natuurlijke samenhang ontstaat.
Kortom de Binckhorst biedt kansen voor ontwikkelingen op divers gebied – met behoud van industrieel erfgoed. En dat klinkt niet alleen leuk, maar is het ook. Want “industrieel” is bijvoorbeeld de tot prachtig bedrijvencomplex omgevormde Caballero Fabriek. Maar ook de familietraditie van de Jero Papierfabriek die – in wat ooit tijdelijke betonnen loodsen zouden zijn – nog steeds met de originele machinerie hun papieren verpakkingen produceren (onder andere de taart \dozen van het bekende Maison Kelder). Ook de stoelenvormgever – én producent Tiddo de Ruijter, een van de creatieve ambassadeurs, huist op de Binckhorst in De Besturing. Deze drie voorbeelden geven weer dat er – nog steeds en meer en meer – een actieve “maak”-industrie in Den Haag is. En dan heb ik het nog niet eens gehad over andere juweeltjes zoals de grafische vormgevers, de timmerfabriek, de uitgeverij, maar ook webdesignbedrijven, een internationale gamedesigner en ga zo maar door.
De Binckhorst is daarom in mijn beleving eigenlijk al een organisme waarin oude en nieuwe bedrijvigheid samenleven in één lichaam. En als dat niet zo is, dan zou ik dat in de toekomst graag zien. De verschuiving van enorm Masterplan naar kleinschaliger transformatiestrategie, biedt daartoe de kans. Ook lijkt een deel van het gebied mij uitermate geschikt voor een idee zoals dat uit de bijeenkomst van Young The Hague kwam: sexy duurzame biobased huizen’ voor young professionals. Langs het water van de Trekvliet (ook wel: Haagvliet) kan dit een prachtige impuls zijn voor de Binckhorst en Laak-Noord.
Doordat de gemeente nu noodgedwongen een pas op de plaatst maakt en breekt met het -onder het vorige stadsbestuur bij tijd en wijlen megalomane – grote plandenken, biedt dit de kans om door middel van organische bouwstenen de Binckhorst te ontwikkelen. Wel moeten we daarbij de kaders voor ondernemers, bewoners, gebruikers én de raad helder houden en krijgen. Op verzoek van D66 wordt de transformatiestrategie een amendeerbare kadernota. Zodat de raad en de inwoners van Den Haag kunnen blijven participeren in het mooie organisme Binckhorst.