Alle berichten bij ‘Uncategorized’

Onderwijsvoorstellen D66: de uitvoering

Zondag, 25 maart , 2012

[Weblog] Wat gebeurt er eigenlijk met al die voorstellen die politieke partijen in de krant of op hun website aanprijzen? Wie de lokale (maar ook de landelijke) politiek een beetje volgt zal vaak merken dat je van veel voorstellen nooit meer iets hoort. Omdat de partijen zelf er niks meer mee doen, omdat de voorstellen niet voldoende steun kregen of omdat niemand eigenlijk in de gaten houdt wat er met voorstellen gebeurt die wél door de meerderheid gesteund worden. Inclusief het orgaan dat die voorstellen dan moet uitvoeren: in ons geval is dat het Dagelijks Bestuur.

Gelukkig is de ervaring met het huidige Paarse Dagelijks Bestuur heel anders: voorstellen worden relatief snel uitgevoerd en de terugkoppeling is veel beter geregeld. Hieronder noem ik twee voorbeelden van D66-voorstellen op het gebied van onderwijs & jeugd die nu door het Dagelijks Bestuur worden uitgevoerd.

Voorbeeld 1: D66-voorstel snellere aanpak schoolverzuim
In juni 2011 diende D66 een voorstel in om zware gevallen van schoolverzuim sneller aan te pakken. Het ging vooral om het zogenaamde absoluut verzuim, kinderen staan dan helemaal niet ingeschreven bij een school. Tot mijn schrik duurde het in maar liefst 26% van de gevallen (129 kinderen, cijfers 2009-2010) meer dan 63 werkdagen voordat een zaak was afgerond. Deels gaat het dan om administratieve fouten, maar deels gaat het ook om kinderen die meer dan drie maanden niet naar school gaan. Dat is voor iedereen slecht, maar vooral voor de ontwikkeling van de kinderen zelf.

D66 wilde daarom dat dit absoluut schoolverzuim in 2012 sneller wordt aangepakt: meer regie en meer aandacht moeten leiden tot sneller en effectiever optreden én meer ambitie mogelijk maken. De deelraad was het met ons eens en steunde het voorstel. Dan naar de uitvoering: begin deze maand ontving ik een brief van het Dagelijks Bestuur waarin heel duidelijk wordt aangeven welke maatregelen het bestuur neemt:

  1. 90-120 langlopende zaken van absoluut verzuim uit de periode 2008 – 2011 worden doorgelicht. Het doel daarvan is te onderzoeken wat de oorzaken zijn van de trage aanpak. De resultaten van dit onderzoek moeten in april 2012 zijn afgerond;
  2. Betrokken partners (het Openbaar Ministerie, de Raad van de Kinderbescherming, Bureau Jeugdzorg, het stadsdeel) gaan nu structureel informatie uitwisselen en overleggen over complexe zaken van absoluut verzuim;
  3. Op basis van het onderzoek en het overleg van de betrokken partners kunnen verdere acties worden ingezet en ambitieuzere doelstellingen worden opgenomen in de begroting voor 2013. Daarover krijgen wij later meer informatie.

Zijn we er hiermee? Nee, natuurlijk niet. Maar dit zijn wel concrete stappen in de richting van een snellere aanpak van het schoolverzuim. Wordt vervolgd!

Voorbeeld 2: meer begeleiding voor scholieren
Wat kun je doen tegen voortijdige schooluitval? Als het eenmaal zover is zijn er allerlei acties die ondernomen kunnen worden, maar mijn werkbezoek aan het zogenaamde jeugdnetwerkoverleg heeft mij gesterkt in het idee dat meer aandacht voor het voorkomen minstens zo belangrijk is. Beter op jonge leeftijd waar nodig begeleiden naar een succesvolle toekomst dan op latere leeftijd proberen te corrigeren wat al veel eerder mis ging.

D66 diende daarom in december met succes een voorstel in om meer geld vrij te maken voor het begeleiden van scholieren die dat nodig hebben. Het doel van die begeleiding moest zijn om de schoolprestaties en schoolcarrières te verbeteren waardoor de kans op vroegtijdige schooluitval kleiner wordt. Het bestuur werd daarbij gevraagd goed te letten op de bewezen effectiviteit van projecten en programma’s op dit gebied. Mijn ervaring is namelijk dat effectiviteit – bijzonder genoeg – lang niet altijd centraal staat bij het besteden van belastinggeld.

Op 30 januari van dit jaar vertelde het Dagelijks Bestuur de raad hoe ze het voorstel uitvoert:

  1. Meer en betere PoVo-mentoraten. Bij PoVo-mentoraten (Primair onderwijs – Voortgezet onderwijs mentoraten) worden leerlingen die dreigen uit te vallen begeleid door een vrijwilliger. Uit onderzoek blijkt dat deze begeleiding in 85-90% van de gevallen succesvol is. Ook is er behoefte aan meer begeleiding. Dankzij het D66-voorstel kunnen nu meer leerlingen begeleid worden (van 48 naar 75 in 2012 en 110 in 2013) en kunnen de mentoraten langer duren;
  2. Circa 375 leerlingen kunnen gebruik maken van ‘JINC’ (Young in Company), een doorlopende leerlijn voor leerlingen tussen de 8 en 16 jaar gericht op arbeidsmarktverkenning en arbeidsmarktvoorbereiding. Omdat JINC voor 75% door het bedrijfsleven wordt gefinancierd is de investering door het stadsdeel relatief klein;
  3. Trainingen en stages voor (kwetsbare) vmbo-jongeren in samenwerking met het bedrijfsleven. Dit project genaamd Track the talent zou in 2012 stoppen, maar is altijd positief ontvangen door de deelnemers en het bedrijfsleven. Nu kunnen jaarlijks 24 deelnemers mee blijven doen.

Zaak blijft natuurlijk om als raadslid goed in de gaten te blijven houden wat er gebeurt met voorstellen en wat die voorstellen opleveren. Een belangrijk aandachtspunt in 2012: worden de straten inderdaad schoner, zoals gevraagd door D66 en beloofd door het bestuur?

Niet blowen en drinken in de zandbak

Zaterdag, 26 november , 2011

Samen met Jeroen van Wijngaarden, fractievoorzitter van de VVD in Amsterdam Zuid, schreef ik onderstaand opinieartikel, waarin wij voorstellen blowen en drinken niet meer toe te staan op die paar plekken die als het ware gerserveerd zijn voor kinderen: de speeltuinen. Het is nu wachten op actie van de burgemeester…

Niet blowen en drinken in de zandbak

Diverse vasthoudende bewoners in de Amsterdamse Pijp vragen al lange tijd om een blowverbod in de kinderspeeltuin op het Hemonyplein. Tot nu toe nog zonder resultaat. De burgemeester is bevoegd en niet het stadsdeel. Wat D66 en VVD betreft komt er snel een blowverbod en een alcoholverbod in speeltuinen, en wel om twee redenen. Ten eerste het principiële argument: een speeltuin is een plek voor kleine kinderen, en dus geen hangplek waar je je jointje rookt. Ten tweede een praktisch argument: met de duidelijkheid van een alcohol- en blowverbod geef je ouders en – waar nodig – de politie eindelijk de mogelijkheid blowende of drinkende (jonge) volwassenen aan te spreken die de speeltuin overnemen.

Het principiële argument is eigenlijk heel simpel. Een speeltuin is een plek die specifiek bedoeld is voor kleine kinderen. Voor deze kwetsbare groep moet de speeltuin een speelplek zijn waar zij veilig zijn en waar het belang van de kinderen voorop staat. Dat karakter en dat uitgangspunt komen in het geding wanneer je toelaat dat er geblowd en gedronken wordt in speeltuinen.

Kinderen kunnen zich niet verdedigen of risico’s in schatten, dat rechtvaardigt een duidelijk verbod op plekken die primair voor hen bedoeld zijn, zoals speeltuinen. Niet alleen de ouders rondom het Hemonyplein in de Pijp zijn daarmee geholpen, maar alle ouders en kinderen in Amsterdam staan dan sterker tegenover mensen die de zandbak verwarren met een asbak voor hun joint of met een glasbak voor een bierflesje.

Voor liberalen die staan voor een tolerante samenleving klinkt dat nooit prettig, zo’n beperking. D66 en VVD in Amsterdam Zuid staan voor een nuchter drank- en drugsbeleid, zonder onnodige verboden en angst aanjagen. Juist in een tolerante samenleving moet je grenzen aangeven, om de meest kwetsbare groepen te beschermen. Om blowen niet toe te staan op die paar plekken die we in Amsterdam voor kinderen reserveren, vinden wij dan ook redelijk en logisch.

Het instellen van een blowverbod in speeltuinen blijkt in juridische zin overigens niet makkelijk. Dat heeft mede te maken met het Nederlandse gedoogbeleid: iets wat eigenlijk al verboden is, kan niet nog eens door de gemeente worden verboden, ook al wordt het hebben van softdrugs gedoogd. Toch zien wij mogelijkheden: het in de Amsterdamse Algemene Plaatselijke Verordening opgenomen verbod op hinderlijk en orde verstorend gedrag biedt mogelijkheden om blowen en drinken op kwetsbare plekken als speeltuinen te stoppen. Wij roepen de burgemeester bij dezen op snel werk te maken van het alcohol- en blowverbod in speeltuinen.

Alexander Scholtes en Jeroen van Wijngaarden zijn fractievoorzitter van D66 respectievelijk de VVD in Amsterdam Zuid

Tramdebacle

Donderdag, 31 maart , 2011

Niet lang geleden kon u op onze website lezen dat D66, VVD en PvdA een veilige en aantrekkelijke oplossing willen voor de tramsporen in de Ferdinand Bolstraat. Net als de ondernemers willen wij dat er een enkelspoor (zoals in de Leidsestraat) komt in plaats van het dubbelspoor dat er nu ligt: dat maakt de toch al niet zo brede straat veiliger en het winkelgebied aantrekkelijker. Niet onbelangrijk met het oog op de toekomst, wanneer we extra voetgangersstromen mogen verwachten na de opening van de Noord/Zuidlijn. Bovendien behoren op dit moment zowel het kruispunt Ferdinand Bolstraat/Ceintuurbaan als het kruispunt Ferdinand Bolstraat/Stadhouderskade tot de blackspots van de stad: de meest gevaarlijke kruispunten met de meeste ongelukken.

Impasse
Helaas was er een impasse ontstaan tussen enerzijds de ondernemers en het stadsdeel en anderzijds de centrale stad in de persoon van wethouder Wiebes (VVD). Wethouder Wiebes leek – ondanks eerdere beloftes door de stad aan bewoners en ondernemers – niet bereid een enkelspoor aan te leggen en de Ferdinand Bolstraat op een veilige manier opnieuw in te richten. Wij wilden die impasse doorbreken door een bedrag ter beschikking te stellen voor het aanleggen van een enkelspoor. Het verdere overleg tussen stadsdeel en centrale stad wachtten wij toen in spanning af.

Tot onze grote verbazing bleek echter kort daarna dat het beloofde enkelspoor er niet kon komen: daar was nu geen tijd meer voor, zeiden wethouder Wiebes en de Dienst Infrastructuur Verkeer en Vervoer (DIVV). De tramrails moesten immers vervangen worden, en dubbelspoor door dubbelspoor vervangen zonder een herinrichting is sneller en goedkoper dan de enkelspooroptie.

Geen regie, geen actie
De afgelopen tijd was er in de centrale stad dus niks gebeurd om die enkelspooroptie wel mogelijk te maken: wethouder Wiebes had geen regie gevoerd en hij en zijn DIVV hadden ofwel zitten slapen of waren gewoonweg niet bereid mee te werken aan de enkelspoor optie. Bizar genoeg legde Wiebes de schuld ook nog bij stadsdeel Zuid, terwijl stadsdeel Zuid (wethouder Marco Kreuger, ook VVD) juist voortdurend aan de bel heeft getrokken bij Wiebes en de DIVV. Toen die na maandenlang aandringen door het stadsdeel wilde praten, bleek het al te laat om nog voor de enkelspoor optie te kunnen kiezen.

Al met al een treurige situatie. Het enkelspoor zal er zeer waarschijnlijk wel komen, maar pas over een paar jaar. Dat betekent dus: voor een tweede keer de straat openbreken en voor een tweede keer kosten maken.

Rode Loper
Wij hopen dat er nu zo snel mogelijk duidelijkheid komt over de herinrichting van de Ferdinand Bolstraat. De inzet van D66 is een verkeersveilige en aantrekkelijke Ferdinand Bolstraat als onderdeel van de zogenaamde “Rode Loper” (het voetgangers- en fietsvriendelijke (winkel)gebied boven de Noord/Zuidlijn dat een “visitekaartje” voor Amsterdam moet worden), zoals dat ook in het verleden de inzet van D66 was. In 2005 dienden wij al een voorstel in om extra te investeren in de herinrichting van de Ferdinand Bolstraat, en in 2008 kregen wij steun voor ons voorstel om de Rode Loper door te trekken tot en met het Cornelis Troostplein.

Laten we hopen dat ook wethouder Wiebes voortaan de eerder gemaakte beloftes en de veiligheid, kwaliteit en aantrekkelijkheid van de Ferdinand Bolstraat blijft koesteren.

Meer informatie over de plannen met de Ferdinand Bolstraat? Mail mijn collega Eelco Huizinga!

Meidenwerk

Woensdag, 23 maart , 2011

Raadsleden hebben regelmatig individueel contact met bewoners, ondernemers en organisaties in het stadsdeel. Soms gaan ze ook gezamenlijk – met alle partijen – op werkbezoek. Deze maand had de griffie – die de deelraad ondersteunt – mede op ons verzoek een werkbezoek jeugd & veiligheid georganiseerd. Vertegenwoordigers van VVD, PvdA, GroenLinks, SP en D66 waren erbij.

Op het programma stonden onder gesprekken met jongeren zelf, met (andere) bewoners, jongerenwerk, streetcornerwork, straatcoaches en welzijnsorganisaties. Ook om nu eens zelf te kunnen zien wat al die verschillende organisaties nu eigenlijk doen en op welke manier bewoners en de jongeren daarbij betrokken zijn. Misschien is het van belang daarbij op te merken dat het stadsdeel vooral een rol heeft aan de preventieve kant. Als het gaat om repressie hebben de politie en het Openbaar Ministerie het voortouw.

Drie verschillende locaties werden bezocht: het Gelderlandplein in Buitenveldert, het van Tuyll van Serooskerkenplein en tot slot het Smaragdplein in de Diamantbuurt. De problematiek verschilt erg per locatie. Op het Gelderlandplein gaat het vooral om jongeren die een plek zoeken waar ze kunnen hangen, voetballen, praten, enzovoorts. Soms doen ze dat op locaties waar ze geluidsoverlast bezorgen voor bewoners, gelukkig kunnen ze ook in het Multifunctioneel Centrum Buitenveldert terecht. Op het van Tuyll van Serooskerkenplein spraken we bewoners die zich grote zorgen maken over de sfeer op het plein, die in het verleden grimmig was. Ook het zwerfafval van scholieren en de scooters die over het plein met de kinderspeelplaats scheuren waren grote ergernissen.

Meidenwerk
In de Diamantbuurt ten slotte is de problematiek waarschijnlijk het meest ingewikkeld. We waren onder meer te gast bij het meidenwerk, waar jonge meiden tussen ongeveer 14 en 22 jaar terecht kunnen. Ze bespreken met de meidenwerkers en elkaar problemen, maar doen samen ook leuke en leerzame dingen, zoals het volgen van een cursus debatteren. Bijdehante grappen en heftige en openhartige verhalen over thuissituaties wisselden elkaar af. Dit zijn meisjes die echt niet snel naar Bureau Jeugdzorg gaan, maar een laagdrempelige voorziening als het meidenwerk is voor hen wel aantrekkelijk. Het meidenwerk biedt hen iets wat ze thuis waarschijnlijk niet zo snel of nooit zullen krijgen. De manier waarop de meisjes zelf vertelden over hun ervaringen was indrukwekkend.

Straatcoaches en streetcornerwork
Verder spraken we met straatcoaches en streetcornerwork. Sinds september heeft stadsdeel Zuid in deze buurt straatcoaches, die jongeren aanspreken die overlast veroorzaken. Ze werken samen met de politie en “gezinsbezoekers” (die afspraken maken met de ouders van overlast veroorzakende jongeren). In andere stadsdelen blijkt deze aanpak te werken. Streetcornerwork heeft een andere taak: hun “veldwerkers” gaan de straat op, maken contact met groepen jongeren die niet makkelijk te bereiken zijn en bouwen een vertrouwensband op. Ze weten daardoor wat er speelt en kunnen de jongeren die daar nog voor open staan doorverwijzen naar allerlei (hulp)voorzieningen. Ze proberen als het ware een brug te slaan van de jongeren naar de maatschappij.

Maar werkt het ook?
Al met al een goed werkbezoek, dat meer inzicht gaf in de manier waarop verschillende instanties en organisaties elkaar aanvullen op het gebied van jeugd en veiligheid dan de diverse nota’s die we al hebben kunnen lezen. Het belangrijkste is natuurlijk dat al die inspanningen ook effect hebben, hoe moeilijk het ook kan zijn dat precies te meten. Als je bewoners zelf spreekt over de Diamantbuurt zijn de geluiden heel wisselend. Veel bewoners ervaren nauwelijks tot geen overlast en herkennen zich helemaal niet in het zwarte beeld dat soms in de media wordt geschetst. Anderen ervaren juist veel overlast, geven aan bedreigd te worden of te worden geconfronteerd met vernielingen. Dat het beter kan mag wel duidelijk zijn, wij zullen – zeker met de naderende zomer – nauwgezet de ontwikkelingen volgen. Laten we hopen dat de inzet van het stadsdeel ook zijn effect heeft.

Reageren? Heel graag. U kunt mij mailen op a.scholtes@d66.nl

Profileringsdrang

Maandag, 6 september , 2010

Het nieuwe politieke seizoen staat voor de deur. Vanaf morgen beginnen de vergaderingen van de deelraad weer. We zullen de komende tijd beslissingen moeten gaan nemen over veel belangrijke en serieuze onderwerpen. Denk aan de noodzakelijke bezuinigingen die nu concreet moeten worden gemaakt. Er zal duidelijkheid moeten komen over de financiën van het stadsdeel, want mogelijk erven we nog wat nieuwe tegenvallers van het “oude” stadsdeel Oud-Zuid. Ook gaan we de discussie aan over wat het nieuwe bestuur in Amsterdam Zuid nu wilt op het gebied van de Wet Maatschappelijk Ondersteuning (WMO), armoedebeleid, inburgering, jeugd en sport: wat we het “Sociaal Domein” noemen. Op basis van de uitkomst van deze discussie worden dan vanaf 2011 de subsidies verstrekt.

Het zogenaamde ‘concept-beleidskader Sociaal Domein’ is inmiddels te vinden op de website van stadsdeel Zuid, en van 25 augustus tot 6 oktober kunnen mensen die dat willen reageren op het stuk. Pas daarna (in november) is de deelraad aan zet. Fractievoorzitter Henk Boes van het CDA loste afgelopen weekend wel alvast een schot voor de boeg, en wel over het subsidiëren van religieuze activiteiten en instellingen. Op zijn weblog en in het Parool zei hij het volgende: ‘Schokkend dat niet het werk van religieuze instellingen bepalend is voor het ontvangen van subsidie, maar hun grondslag’. En: ‘sinds het CDA niet meer in het bestuur zit, is de teneur religies in de ban te doen.’ Interessante opmerkingen, die echter meer voort lijken te komen uit de profileringsdrang van de voormalige bestuurspartij dan uit oprechte verontwaardiging na het lezen van het stuk van het Dagelijks Bestuur.

Duidelijk is namelijk dat de heer Boes het stuk niet helemaal gelezen heeft. Wat het Dagelijks Bestuur van Amsterdam Zuid zegt (pagina 9) is het volgende:

‘Uitgangspunt is dat het stadsdeel de scheiding tussen kerk en staat eerbiedigt. Het stadsdeel subsidieert daarom geen religieuze activiteiten en instellingen. Wel kunnen bepaalde activiteiten van religieuze organisaties eventueel in aanmerking komen voor subsidie wanneer deze passen binnen het beleidskader en er nadrukkelijk geen missiewerk wordt verricht. Ook kan het stadsdeel indien nodig religieuze instellingen ondersteunen in het kader van openbare orde en veiligheid. Centraal staat hierin de taak van de overheid om de veiligheid van burgers te waarborgen en niet het ondersteunen van religieuze activiteiten als zodanig.’

Met andere woorden: juist het werk van religieuze instellingen is bepalend, en niet hun grondslag. Religieuze instellingen kunnen net als andere instellingen in aanmerking komen voor subsidie van werk dat bijdraagt aan het oplossen van bepaalde problemen. Zij hebben echter geen streepje voor omdat ze een religieuze grondslag hebben. En wat we niet meer doen is het subsidiëren van religieuze activiteiten en zendingswerk, omdat dat niet de taak van de overheid is. Wat is daar zo schokkend aan?

Laten we hopen dat de discussie in de deelraad een stuk zorgvuldiger wordt gevoerd.

Aan de slag!

Dinsdag, 18 mei , 2010

Het is zover: de fusie van de stadsdelen Oud-Zuid en Zuideramstel is een feit. Alhoewel, het stadsdeelkantoor op de President Kennedylaan staat nog vol met verhuisdozen. In ieder geval kunnen het nieuwe bestuur en de nieuwe deelraad van het nieuwe stadsdeel Zuid eindelijk aan de slag.

Dat er veel te doen is, mag duidelijk zijn. Niet alleen moet het nieuwe stadsdeel ruim 24 miljoen euro bezuinigen, omdat er vanwege de economische teruggang ook veel minder geld binnenkomt. Ook zal de fusie veel tijd en energie kosten, terwijl we tegelijkertijd willen dat er een efficiënt werkende organisatie staat, dat de dienstverlening verbetert en dat bestuur en politiek toegankelijk en bereikbaar blijven.

Tot slot zullen we op een aantal terreinen echt moeten vernieuwen. Denk aan de woningmarkt, die beter toegankelijk moet worden voor middeninkomens. Dat kunnen we als stadsdeel niet helemaal regelen, maar we kunnen daar wel een bijdrage aan leveren. Maar ook willen de coalitiepartijen investeren in nieuwe vormen van participatie, die minder geld kosten maar waarmee we meer mensen bereiken. Bovendien staat de kwaliteit van het onderwijs steeds nadrukkelijker op de agenda van de gemeente, en dus ook op die van de stadsdelen.

Tijdens mijn eerste speech in de deelraad van Zuid, tijdens de politieke beschouwingen over het programma-akkoord van VVD, D66 en de PvdA (een debat kan ik het niet noemen), haalde ik een lezer van de Volkskrant aan die in zijn “brief van de dag” het volgende schreef:

‘Door de stadsdelen worden de Amsterdammers verschillend behandeld. Er is een enorme bureaucratie gecreëerd, waardoor je als burger vaak van stadsdeel naar de centrale stad of andersom wordt verwezen. Ik hoop dan ook dat er over vier jaar geen deelraadsverkiezingen meer zullen zijn.’

Dit zijn natuurlijk geen nieuwe geluiden. Voor lang niet iedereen is de meerwaarde van de stadsdelen duidelijk. Te veel mensen lopen aan tegen de bureaucratie en de onduidelijkheden die ons stadsdeelsysteem te vaak met zich meebrengt.

Ik denk dat het juist in dit nieuwe, grote stadsdeel een belangrijke uitdaging is om de meerwaarde van stadsdelen aan te tonen en te vergroten. De ambitie moet dan ook zijn dat Zuid over vier jaar meer kwaliteit, minder regels en een efficiënt werkende organisatie heeft weten te verenigen met transparantie, toegankelijkheid en betrokkenheid van bewoners en ondernemers. Ik zie een stadhuis-wethouder zich namelijk echt niet bekommeren om een impasse bij de herprofilering van een straat in Amsterdam Zuid.

Aan de slag dus!

Hoezo geen Engels voor Turkse Nederlanders?

Maandag, 22 februari , 2010

Afgelopen vrijdag was ik samen met kandidaat-raadsleden van PvdA en GroenLinks te gast bij een groep Turks-Nederlandse vrouwen, vrijwel allemaal van de eerste generatie, uit de Rivierenbuurt. Ook Sylvia Dornseiffer, nummer twee op de lijst van D66 Zuid, en Lavinia van Beuningen (docente op een ROC en nummer dertien op de lijst van D66 Zuid) waren erbij. Een avond lang spraken we over allerlei onderwerpen: van wonen en schone/vieze straten tot onderwijs en stages.

De vrouwen hadden veel vragen voor ons, maar één vraag viel mij vooral op. Eén van de vrouwen sprak over haar dochter, die op de middelbare school zit. Haar dochter wil graag goed Engels spreken, maar heeft er moeite mee. Daarom betaalt de moeder nu relatief dure privé-lessen, zodat haar dochter toch haar examen Engels kan halen. Haar vraag was dan ook: waarom leert mijn dochter geen Engels op de basisschool? Engels is toch een wereldtaal? Nu begint mijn dochter met een achterstand aan Engels op de middelbare school, en moet ik haar op privé-les doen.

Wij gaan er natuurlijk niet over in het stadsdeel, maar toch greep deze vraag mij. Terwijl het in andere landen al heel gewoon is om kinderen op jonge leeftijd Engels te leren, lijkt het in Nederland nog een soort taboe. Als D66 over Engels op school begint, haasten PvdA en GroenLinks zich om D66 gelijk als “elitair” neer te zetten. Zie bijvoorbeeld tijdens zijn optreden bij Pauw en Witteman op 11 februari jl.

Ik vind dat een onzinnige en emotionele reactie. We leven in een maatschappij waarin het steeds belangrijker is om naast Nederlandse ook een andere taal te spreken. Je kansen op de arbeidsmarkt worden groter als je fatsoenlijk Engels spreekt en leest. En de kans dat je dat kunt, is natuurlijk groter als je vroeg begint met Engels leren. Daar is niks elitairs aan.

En natuurlijk moet iedereen goed Nederlands leren. Natuurlijk ligt daar de allereerste prioriteit. D66 wil ook investeren in voorscholen en taalonderwijs. Maar voor een Turks-Nederlands kind hoeft het geen enkel probleem te zijn om, behalve Nederlands, ook Engels te leren.

Overigens is de PvdA in Amsterdam Zuid dat met me eens, bleek afgelopen vrijdag. Misschien zouden ze Wouter Bos eens moeten uitnodigen voor een bezoek aan de Rivierenbuurt?

Lijsttrekkers in debat

Zondag, 14 februari , 2010

Afgelopen week vonden de eerste debatten met de lijsttrekkers in Amsterdam Zuid plaats. Zo organiseerden het Bewoners Platform Zuidas, het Wijkopbouwcentrum Buitenveldert en de Ouderen Advies Raad Zuid afgelopen woensdag een publieksdebat. In een volle zaal in het Multi Functioneel Centrum in Buitenveldert kwamen veel onderwerpen aan de orde, zoals wonen, openbaar vervoer en de aankomende bezuinigingen.

Door de opzet kregen vooral de mensen in de zaal veel gelegenheid tot het stellen van vragen, waarbij wij lijsttrekkers kort werden gehouden. En terecht. De organisatie had al aangegeven vooral korte, heldere antwoorden op prijs te stellen. Ze had zelfs een jury ingesteld, die zowel voor de duidelijkste als voor de minst duidelijke politicus een prijs mocht uitreiken. Egbert de Vries van de PvdA en ondergetekende mochten de “helderheidsbokaal” delen (een goede fles wijn), terwijl Theo Keijzer (Zuid- en Pijpbelangen) en Henk Boes (CDA) een reep chocolade mochten delen onder het motto “daar kunnen we geen chocola van maken”.

Wonen: stilstand, of de stilstand doorbreken?

Opvallend (maar niet verrassend) was dat de meeste partijen wat betreft de woningmarkt alles bij het oude willen laten. Dat de woningmarkt muur- en muurvast zit lijkt niet op het netvlies van bijvoorbeeld de PvdA en GroenLinks te staan. PvdA-bestuurder Egbert de Vries stelde zelfs dat hij scheefwonen – het wonen in een sociale huurwoning terwijl je ook een duurder huurhuis kunt betalen of een huis kunt kopen- helemaal geen probleem vindt. Wij zeggen: doorbreek die stilstand op de woningmarkt. Bouw gevarieerder, zodat bijvoorbeeld middeninkomens die ooit in een sociale huurwoning zijn begonnen kunnen doorstromen. Dan komen hun sociale huurwoningen weer vrij voor mensen met een laag inkomen.

Jongerendebat in de Diamantbuurt

Donderdag gingen de lijsttrekkers en ik in debat met jongeren in de Diamantbuurt. Ook Paul Guldemond (nummer drie op onze lijst), Eelco Huizinga (duo-raadslid en nummer vijf op de lijst), Carlos van Ree (duo-raadslid, kandidaat en bewoners van de Diamantbuurt) en campagneleider Bonneke Weber waren erbij. Een enerverende avond met goedgebekte jongeren, kan ik wel zeggen. Veel jongeren vonden dat ze politici te weinig zagen, en ik denk dat ze gelijk hebben. Afgesproken is dat we in de komende jaren in ieder geval ieder half jaar langs zullen komen om hen te vertellen wat we hebben gedaan, wat we niet hebben gedaan en waarom. Ik vind dan wel dat ook die jongeren zelf initiatief mogen nemen om van zich te laten horen. Gezien hun verbale kwaliteiten lijkt me dat geen enkel probleem.

Ondertussen speelt er in de deelraad nog van alles. Zie bijvoorbeeld dit bericht!

Wilt u ook een lijsttrekkersdebat bijwonen? Op 18 februari organiseert het Wijkopbouworgaan Rivierenbuurt een debat, en op 24 februari vindt een groot lijsttrekkersdebat plaats in het stadsdeelkantoor van Zuideramstel.

Tot dan?

Docent voor een dag

Donderdag, 10 december , 2009

Een tijdje geleden mocht ik gastdocent zijn bij IMC Weekendschool. Dat is een school voor aanvullend onderwijs voor gemotiveerde jongeren van tien tot veertien jaar uit, zoals IMC Weekendschool het zelf noemt, ‘sociaal-economische achterstandswijken.’ Er zijn verschillende vestigingen, ik gaf les aan tweede- en derdejaarsleerlingen van de vestiging in Amsterdam Zuidoost. En ik hoop dat ik nog een keer terug mag komen, want ik heb een hele leuke dag gehad.

Centraal stond het thema ‘debatteren’. Thijs Kleinpaste (persvoorlichter van D66 Amsterdam en oud-bestuurslid van de Jonge Democraten) en ik gaven een introductie. Daarna oefenden de leerlingen in groepjes in het bedenken van en reageren op argumenten. Het hoogtepunt van de dag was een groot plenair debat tussen de twee groepen leerlingen, onder leiding van Andrew Makkinga, die ik zelf altijd zag debatteren in het televisieprogramma Het Lagerhuis. De stelling: ‘Sinterklaas is een racistisch feest.’ Ik kan u vertellen: de beide teams gingen los! En in beide teams zag ik een aantal toekomstige topdebaters in actie.

Ik was al erg onder de indruk van de leerlingen tijdens “mijn” les. Het gaat hier om kinderen die ieder week een dag extra naar school gaan, omdat ze dat graag willen. Voordat ze naar de weekendschool mogen komen, moeten ze motiveren waarom ze graag extra les krijgen. En ik kreeg dan ook te maken met een diverse groep van gemotiveerde en enthousiaste kinderen. Wat is er dan mooier dan met zulke kinderen aan de slag te gaan en ze wat mee te geven over debatteren, bedacht ik mij gedurende de dag. Kortom, ik kwam erg enthousiast terug van deze dag waarop ik mee mocht werken aan dit prachtige initiatief.

De eerste weekendschool is ooit opgericht in Amsterdam Zuidoost, inmiddels zijn er negen vestigingen in Nederland. Iedere vestiging is zelf verantwoordelijk voor het programma, en heeft een eigen sponsor- gastdocenten en vrijwilligersnetwerk. Voor meer informatie over IMC Weekendschool, ga naar de website

Verboden te parkeren op je eigen oprijlaan?

Maandag, 16 november , 2009

Een tijdje geleden las ik in Het Parool dat oprijlanen in de Johannes Vermeerbuurt niet meer als parkeerplaats mogen worden gebruikt. Stadsdeel Oud-Zuid wil een aantal bewoners en bedrijven die hun auto’s op eigen terrein parkeren aanpakken, desnoods via dwangsommen. Verboden te parkeren op je eigen oprijlaan, dus… Het blijft vreemd.

Natuurlijk weet ik dat er al allerlei regels verbonden zijn aan wat je op je eigen terrein mag doen, dat voor het plaatsen van een tuinhuisje vaak een bouwvergunning nodig is en dat er talloze regels zijn voor het plaatsen van een dakterras. Ik kan me bij tenminste een deel van die regels ook wel wat voorstellen (bij een deel ook niet overigens). Maar niet parkeren op je eigen oprijlaan, terwijl je daarmee juist voorkomt dat je een plek in de openbare ruimte inneemt?

Een ‘oprijlaan’ heeft in het bovenstaande geval de bestemming ‘tuin’, en in een ‘tuin’ mag officieel niet geparkeerd worden. Dat klinkt op zich logisch, want wie prefereert niet een groene tuin boven een geasfalteerde parkeerplaats? Er zijn echter twee redenen waarom ik grote vraagtekens heb bij de actie van het stadsdeel om nu in deze buurt het parkeren op oprijlanen aan te pakken.

Ten eerste: het stadsdeel gedoogt al jarenlang het parkeren op oprijlanen. Volgens Het Parool hebben de oprijlanen in de buurt sinds 1992 de bestemming ‘tuin’, maar zijn het eigenlijk altijd oprijlanen geweest. Er wordt op dit moment gewerkt aan een nieuw bestemmingsplan voor het Museumkwartier, waarin de “illegale” oprijlanen mogelijk worden gelegaliseerd. Waarom gaat het stadsdeel dan nu opeens handhaven? Ik kan me bovendien wel wat handhavingstaken bedenken die meer prioriteit hebben dan de handhaving van dit verbod op parkeren op je eigen terrein.

Ten tweede heb ik er überhaupt moeite mee dat het stadsdeel zich op deze manier bemoeit met wat je op je eigen oprijlaan doet, of je die nu ‘tuin’ noemt of niet. In principe moeten mensen zoveel mogelijk kunnen bepalen wat ze in hun eigen tuin doen. Mijn smaak doet er dan niet toe, de smaak van de eigenaren en/of huurders wel. Ze kunnen kiezen voor een groene tuin, maar ze kunnen er ook voor kiezen hun ‘tuin’ te betegelen/bestraten. En als dat mag, waarom is het dan nog verboden je auto op je eigen oprijlaan neer te zetten? (En nee, natuurlijk is het niet de bedoeling dat alle tuinen in enorme parkeerterreinen veranderen, dat is weer het andere uiterste)

Veel vragen en vraagtekens dus, en die hebben zich vertaald in een aantal schriftelijke vragen aan het Dagelijks Bestuur aan Oud-Zuid. Ik ben benieuwd naar de reactie van het Dagelijks Bestuur.

p.s. zie ook het artikel ‘Raadsvragen over parkeerverbod Oud-Zuid’